Van coup naar coup in Pakistan

In de geschiedenis van het nu zestig jaar oude Pakistan hebben burgerregeringen en militaire leiders elkaar voortdurend afgewisseld. Met de afkondiging van de noodtoestand en het verzet daartegen lijkt het land opnieuw te verzinken in chaos.

Het besluit van de Pakistaanse president Musharraf om de noodtoestand uit te roepen, wordt nationaal en internationaal sterk afgekeurd. Musharrafs tegenstanders in Pakistan spreken van een ’mini-staat van beleg’ in plaats van de ’noodtoestand’. Pers en oppositie veroordelen de stap als ’tweede coup’, na de staatsgreep in 1999 die Musharraf aan de macht bracht.

Net als toen trekt de legerchef alle macht aan zich. Hij laat demonstrerende advocaten in elkaar slaan en arresteren. Ook muilkorft hij de kritische media in zijn land, waardoor de geruchtenmachine vol op gang komt. „Kunt u me toevallig ook vertellen wat er vandaag is gebeurd? Ik heb gehoord dat er een coup is geweest tegen president Musharraf”, vraagt een Pakistaanse huisbediende in arren moede aan de journalist die opbelt. Zijn baas, een bekende opinieleider, verkeert toevallig in het buitenland en de bediende weet niet wie hij nog kan geloven.

Staatsgrepen, noodtoestand, de staat van beleg, censuur. Pakistan heeft het allemaal al eerder meegemaakt. In de zestig jaar van zijn bestaan passeerden tien burgerregeringen de revue, die het land in totaal 27 jaar bestuurden. De overige 33 jaar maakten militairen de dienst uit.

Instabiliteit is eigenlijk ingebouwd in het land, stelt Jan Breman, emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam en Zuid-Azië-specialist. „Pakistan is vanaf het begin geen eenheid geweest. Het was een verzameling van heel verschillende landschappen en identiteiten die, behalve de islam, weinig gemeen hadden.”

Pakistan ontstond in 1947, toen het zich losmaakte van India. De bloedige scheiding is tot de dag van vandaag traumatisch voor miljoenen mensen aan beide zijden van de grens. In 1971 scheidde Oost-Pakistan – het huidige Bangladesh – zich al af na een oorlog. Pakistan bestaat nu uit de provincies Punjab dat doorgaans de bestuurlijke elite en de legerofficieren levert; Sindh met de economisch belangrijke havenstad Karachi; het omstreden Kashmir in het noorden; Baluchistan in het zuidwesten, waar nationalisten strijden voor autonomie en de Noordwestelijke Grensprovincie NWFP, de zogeheten tribale gebieden waar conservatief-islamitische stammen de dienst uitmaken.

De grondlegger van Pakistan, Muhammed Ali Jinnah, droomde van een thuisland voor de tientallen miljoenen moslims op het Indiase subcontinent. Hij had een staat voor ogen op seculiere grondslag en met een democratische traditie, maar Jinnah heeft daaraan zelf geen leiding kunnen geven want hij overleed in 1948.

„Het secularisme is toen steeds verder verwaterd om toch een eenheid van Pakistan te maken”, zegt Breman. „Als je geen gemeenschappelijke identiteit hebt, ga je zoeken naar een gemeenschappelijke noemer en dat was de islam.”

Generaal Zia ul-Haq, een islamist die in 1977 de macht greep, versterkte de rol van de islam in Pakistan aanzienlijk. Hij introduceerde islamitische wetten in de nog grotendeels Angelsaksische rechtspraak, en door hem kregen islamisten grote invloed in het leger en de gevreesde geheime dienst ISI, die een staat in een staat vormt.

Tijdens de sovjetbezetting van buurland Afghanistan steunde de Amerikaanse CIA het Afghaanse islamitische verzet dat tegen het rode leger vocht met grote hoeveelheden geld en wapens. De ISI zorgde voor het doorsluizen daarvan en kreeg zo veel macht. In de jaren negentig steunde de Pakistaanse geheime dienst ook de opkomende talibanbeweging en werd Pakistan een van de slechts drie landen die het extremistische bewind in Kaboel erkenden.

Onder zware Amerikaanse druk brak Musharraf na de aanslagen in de VS in 2001 met de taliban. Washington wilde hem inhuren voor de War on terror, waar Musharraf aarzelend aan toegaf uit angst het religieuze deel van de politieke partijen van zich te vervreemden. Uiteindelijk stuurde hij tienduizenden militairen naar de tribale gebieden om het moslimextremisme in te dammen, maar hij bereikte juist het tegenovergestelde. Het gebied raakt steeds verder onder invloed van extremisten en ’talibaniseert’. „Geweld in de tribale gebieden was er altijd al, maar was vooral de traditionele strijd van de gewone bevolking tegen de grootgrondbezitters”, legt Breman uit. „De bevolking is generatie op generatie geknecht geweest door hun eigen aristocratie, die wij nu krijgsheren noemen. De taliban zijn in dat gat gesprongen en gebruiken die bestaande onvrede nu voor hun eigen doelen.”

„Die Pasjtoen-stammen willen in feite niet meer dan opgenomen worden in de maatschappij, wat is opgevat als een opstand die gestopt moet worden. Het leger grijpt al jaren hard in in Waziristan en in Baluchistan, waar de staat van beleg die nu in heel Pakistan geldt, al jaren van kracht is. Dus de haat tegen de overheid en het leger is daar erg groot geworden”, aldus Breman.

„Velen zijn naar de steden getrokken omdat ze geen bestaan kunnen opbouwen in Waziristan. Als ongeschoolde arbeiders zijn zij de voorhoede van de taliban in de steden. Daardoor breiden de taliban zich zo uit, want het ongenoegen nemen zij mee naar die steden. Het is een klassiek voorbeeld van mensen die naar een religie grijpen omdat hun wereldlijke noden niet erkend worden.”

Het nieuwe front dat de VS nu proberen te openen in Pakistan kan alleen maar averechts werken, denkt Breman. „De islam in Pakistan was een volksislam en is dat eigenlijk nog. Wij vatten dat nu samen onder de noemer taliban, maar dat is onjuist. De VS hebben daar de War on terror voor ontworpen, maar de uitgangspunten daarvan moeten nodig worden herzien. De Amerikanen hebben bijzonder weinig benul van Pakistan en zeker niet van de historische achtergronden van het land. De War on Terror is onderdeel van het probleem geworden en niet de oplossing. Het is ernstig dat Nederland in datzelfde bootje is gestapt.”

Breman noemt als voorbeeld de steun die de VS geven aan Pakistan: een bedrag van een miljard dollar per jaar. Veruit het grootste deel daarvan gaat naar het Pakistaanse leger. „Er wordt wel eens gezegd dat het zo goed gaat met de Pakistaanse economie, maar dat is schijngroei”, zegt hij. „Er is geen cent van gebruikt voor openbaar onderwijs, voor volkswoningbouw, zeg maar de opbouw van de samenleving. Het is in het machtige militaire apparaat gebleven dat er grond, onroerend goed en allerlei bedrijven van heeft gekocht of het staat op bankrekeningen in Doebai of Zwitserland.”

De belangrijkste vraag voor Musharraf is hoe lang het leger hem nog zal steunen, zeggen deskundigen. Ook volgens Breman is het Pakistaanse leger geen eenheid en bestaan er grote spanningen. Maar alternatieven zijn er weinig. „De bevolking heeft in het algemeen tabak van politici die door en door corrupt zijn, en dat geldt ook voor de oud-premiers Benazir Bhutto en Nawaz Sharif, die nu weer proberen aan de macht te komen. ”

Sommige van zijn tegenstanders spreken van het ’eindspel’ voor Musharraf, die onder druk van de protesten en de kritiek terugtrekkende bewegingen lijkt te maken. Gisteren meldde de voorzitter van Musharrafs partij dat de noodtoestand over twee à drie weken zal worden opgeheven. Onduidelijk is echter welke waarde die mededeling heeft. En hoe lang de impopulaire legerleider nog kan vasthouden aan zijn positie, vindt ook Breman niet te voorspellen.

„Onder het weldenkende deel van de Pakistaanse samenleving is de haat tegen Musharraf erg groot, omdat men zich gebruikt voelt in een oorlog die niet hun oorlog is. Zij zeggen: ’Natuurlijk willen wij die taliban niet, maar het is ons probleem, onze verantwoordelijkheid en daar moeten we zelf wat aan doen. Maar het is een veeg teken dat de massa die buitenspel staat de straat niet opgaat. Die denkt heel cynisch: de taliban is jullie ding, wij hebben er eigenlijk niks mee te maken. Dus het is toch een gesloten kaste waar de strijd op dit moment gevoerd wordt.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden