Van beste nummer 2 tot favoriet

analyse | D66, de partij die ooit de favoriete nummer 2 was van heel veel kiezers, haalt de stemmen nu van zowel rechts als links.

KAREN ZANDBERGEN

De belastingen moeten omlaag. Met die boodschap ging Alexander Pechtold, leider van Democraten 66, de gemeenteraadsverkiezingen in. Hoe veel populistischer wil je het hebben? Belastingverlaging is net zoiets als gratis bier. Alleen een enkele zeurpiet is er tegen.

De argumenten voor lagere inkomstenbelasting zijn dezelfde als die welke die andere liberalen, van de VVD, altijd gebruiken. Werken moet meer lonen dan een uitkering. Of, zoals Pechtold het zelf verwoordt: als 's ochtends je buurman met een busje weg rijdt en je blijft zelf op de bank zitten, dan moet dat iets uitmaken. Mensen met een uitkering moet je stimuleren om aan werk te komen. Niet pamperen maar mouwen opstropen.

Is D66 daarmee een onversneden rechtse partij? Is de grote winnaar van de verkiezingen, die drie van de vier grootste steden veroverde en door het hele land heen een basis legde die er niet eerder was, de partij van de happy few? Van het zelfredzame individu?

Of is D66 dé partij van het midden, van het redelijke alternatief? De democraten hebben zoveel zetels gewonnen dat die niet allemaal van de welgestelde toplaag kunnen komen. Is D66 de nieuwe volkspartij, die alle lagen van de bevolking samenbindt?

Het radicale midden
Zelf presenteert de partij zich al jaren als 'het redelijke alternatief'. Wijlen oprichter Hans van Mierlo wilde radicaliseren vanuit het midden. Boris Dittrich zei hem dat tien jaar geleden na, toen hij met een beginselmanifest de partij een wat steviger fundament wilde geven. "D66 vormt het radicale midden van de Nederlandse politiek. Wij zetten ons af tegen het conservatisme van links en het conservatisme van rechts."

Het ontketende een strijd tussen CDA en D66 om het zo begeerde midden, waar uiteindelijk het overgrote deel van het electoraat zich bevindt.

In de beeldvorming heeft D66 deze verkiezingen gewonnen als partij van het redelijke midden. Kiezers bewegen zich in het rechterblok tussen de partijen PVV, VVD en CDA, en aan de andere kant tussen PvdA, GroenLinks en SP. Tussen die twee blokken is nauwelijks electoraal verkeer.

Maar D66 is voor kiezers uit beide blokken aantrekkelijk. Dat laat ook een peiling van Ipsos zien, die vlak voor de afgelopen raadsverkiezingen werd gehouden. De toen al voorziene winst (die uiteindelijk nog groter was dan verwacht), komt voor het grootste deel bij de VVD en de PvdA vandaan. Ipsos vroeg aan stemmers die van plan waren om het hokje bij D66 rood te maken, wat zij de vorige keer hadden gestemd. Ongeveer de helft stemde de vorige keer ook al D66, een kwart zou bij de PvdA vandaan komen, een zesde bij de VVD.

Teleurgestelde PvdA'ers
Niet alleen teleurgestelde VVD'ers gingen dus naar D66, vooral teleurgestelde PvdA'ers. Het zijn er zo veel, dat niet alleen lokale motieven een rol zullen hebben gespeeld. Hier moeten ook mensen tussen zitten die zich afkeren van de PvdA vanwege het 'afbraakbeleid' van het kabinet. Dat D66 de WW nog sneller wil versoberen en de AOW-leeftijd verder wil verhogen, doet er niet altijd toe, als de uitstraling van het redelijke alternatief voldoende is geland.

In de meeste peilingen was D66 lange tijd de grootste partij van de tweede keuze. In 2012 gaf ongeveer 30 procent van de VVD-stemmers aan dat D66 de favoriete partij van de tweede keuze was, volgens onderzoek van TNS-Nipo. Een kwart van de GroenLinksstemmers noemde D66 als tweede keus. Nog eens 15 procent van de CDA- en PvdA-stemmers vond D66 het beste alternatief.

Het zegt iets over de algemene aanvaarding van D66. Vanuit de gematigde linkerkant en vanuit de gematigde rechterkant.

Middenpartij of niet, D66 blijkt het toch ook na de monsterzege van deze week nog vooral te moeten hebben van de welgestelde kiezer. Waar het CDA de partij is van de gewone man, is D66 meer de partij van de intellectuele bovenlaag. Dat is te zien nu de uitslagen per wijk binnenstromen.

Wie in Utrecht het percentage stemmen naast het percentage uitkeringen in een wijk zet, ziet een omgekeerd verband. Kanaleneiland herbergt veel uitkeringsgerechtigden, laagopgeleiden en niet-westerse allochtonen. In deze wijk scoort D66 ver beneden het stedelijk gemiddelde, al komt de partij toch bijna overal nog wel boven de 10 procent. Het stembureau op het Jaarbeursplein, doorgangsgebied voor de werkenden, noteerde ruim 38 procent D66-stemmers.

In Den Haag is eenzelfde beeld te zien. Het blanke, over het algemeen laag opgeleide Duindorp kent nog geen 4 procent D66-stemmers. Het welgestelde Duinoord, de wijk rond het Catshuis met veel ambassades, doet het met ruim meer dan een kwart. In Amsterdam scoort D66 in de yuppenwijken bij de deelraadsverkiezingen, de PvdA is de winnaar in het relatief arme zuidoosten en noorden van de hoofdstad. Het zijn ook bij uitstek de partijen die zich afzetten tegen de elite, waar D66 de tegenpool van vormt: de PVV, eerder Trots op Nederland van Rita Verdonk, en in mindere mate de SP. Het levert de partij, waar ook nog eens veel bestuurlijk ingestelde types de touwtjes in handen hebben, makkelijk het etiket op van elitair.

Geen dogma's, wel principes
Omdat de partij geen oude, gevestigde club is met tentakels in het maatschappelijk middenveld, heeft D66 de minste vaste kiezers van allemaal. Waar het CDA het vrijwel geheel moet hebben van mensen die bij voorgaande verkiezingen ook op de christen-democraten hebben gestemd, moet D66 elke keer weer opnieuw zieltjes winnen.

Toch is de partij op één punt wel degelijk ideologisch. Alexander Pechtold neemt sinds hij de scepter zwaait het voortouw in kritiek op het gepolariseer van Wilders. Dat stuit wel eens op cynisme. Zijn partij zou zo groot zijn geworden als antipool van de PVV. Het heeft hem ook zeker bij eerdere verkiezingen goed gedaan, maar voor de huidige zege is het onvoldoende verklaring.

Berekenend is de kritiek op Wilders in ieder geval niet. Het is voor Pechtold wel degelijk een principiële zaak waar hij zich emotioneel bij betrokken voelt. Hij maakt zich er oprecht zorgen over dat politiek, journalistiek en maatschappij langzaamaan steeds meer toestaan, waardoor extremisme mainstream wordt.

Waar CDA, PvdA en VVD zes jaar geleden nog schoorvoetend op Wilders reageerden (de man had toch ook een punt), brak Pechtold toen al op hoge toon alle beschuldigingen van Wilders tot de grond toe af. Bang als hij was dat mensen de uitspraken van Wilders normaal zouden gaan vinden, om ze op den duur over te nemen.

Zonder dogma's
De partij zonder ideologische wortels is dan ook niet enkel een pragmatisch clubje liberalen. Zoals D66-prominenten Alexander Rinnooy Kan en Hans Wijers in 2009 in het liberale NRC Handelsblad schreven: Vrijzinnige politiek is een politiek zonder dogma's, maar niet zonder principes. Zij hadden net de bundel 'Open en onbevangen, de noodzaak van politieke vrijzinnigheid' samengesteld. Volgens henzelf om stelling te nemen tegen starre ideologieën, gemakzuchtig populisme en zinloze polarisatie.

Zelf verzet D66 zich heftig tegen het etiket dat ze er enkel is voor de zelfredzame, zelfverzekerde individualist. Met de focus op onderwijs en vrijheid zou iedereen moeten profiteren van de kansen die D66 biedt. Bij de verkiezingen van deze week hebben de democraten vrijwel in alle wijken waar ze mee deden behoorlijk gescoord. Maar in de studentensteden en de welvarender wijken wel een heel stuk beter dan in de arme volksbuurt.

Wie in Utrecht het percentage stemmen naast het percentage uitkeringen in een wijk zet, ziet bij D66 een omgekeerd verband

Verkiezingsfeest in Utrecht, waar D66 de grootste partij werd, dankzij veel studenten en andere hoger opgeleiden.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden