Valverde herrijst waar anderen vallen

Massale valpartij ontsiert Luik-Bastenaken-Luik. Weening beste Nederlander na wegvallen kopman Gerrans.

"Zijn er alweer honderd dagen gepasseerd?" Michael Boogerd kijkt verwonderd op. De kersverse ploegleider van Team Roompot zag het asfalt afgelopen maanden onder zijn oranje teamwagen doorschieten. Boogerd is terug in Luik, de stad van zijn geliefkoosde klassieker die zijn affectie nooit beantwoordde. Druilerig Luik. Straks in de Ardennen hangt Boogerd, 42 inmiddels, uit het raampje van zijn ploegleiderswagen, regenjasjes uitdelend. "Een uitdagende job", lacht hij zijn tanden bloot zoals alleen Boogerd kan. "Soms voel ik mij nog steeds renner. Best lastig als je de jongens op hun fouten wilt wijzen." Roompot is nieuw in het peloton. Nieuw en onervaren, voegt Boogerd eraan toe. Een groep van overwegend groentjes die zijn weg moet zoeken. Boogerd incluis. "Breuk (Erik Beukink, red.) belde mij vlak voor Luik-Bastenaken-Luik op met de opmerking de fiets van de invaller voor Michel Kreder mee te nemen. Ik had er niet aan gedacht." Boogerds opvatting over koersen behoeft geen diepzinnige overpeinzingen. Aanvallen en opvallen, met meer instructies moet je een coureur niet opzadelen. Met Roompots beperkte middelen is de ploeg daarin prima geslaagd, kijkt hij terug op de eerste maanden. "De renners hebben er alles uitgehaald. Bijna dan. Soms waren ze zo aan het rotzooien dat het pijn aan mijn ogen deed. Dan stap ik bij de evaluatie zo nodig uit mijn 'comfort zone'."

Ploegleider Boogerd voelt zich soms nog wielrenner

"Zit er een renner van ons bij?", wil een ongeruste verzorger van het Italiaanse Lampre weten. De stuurse chauffeur van de bezemwagen schudt zijn hoofd. "Geen idee." Als hij het geblindeerde busje achter de finish parkeert in de asgrauwe Luikse buitenwijk, strompelen er acht coureurs uit de wagen. Lampre-renner José Serpa lijkt het zwaarst gehavend. Hij mist textiel op kont, benen en armen. Daaronder zit nauwelijks vel.

Achter de bezemwagen barricaderen agenten de natte finishstraat in Ans. Luik-Bastenaken-Luik verwacht vandaag geen coureurs meer. Renners die nu nog ergens in de Ardennen zwerven, zijn op zichzelf aangewezen. Of anders op medelijden van een behulpzame Waal met auto.

Het opgevoerde tempo gistermiddag richting voet van de La Redoute door een op drift geraakt peloton kostte Serpa flinke lappen huid. Hij kon tenminste nog op eigen benen de bezemwagen uit. De minder fortuinlijken moesten na de massale valpartij van de achterbank worden gelepeld. Of die prijs het waard is om als eerste de legendarische scherprechter op te rijden, valt te betwisten. Op La Redoute wordt al jaren niet meer aangevallen, bang als renners zijn om ergens tussen de mythische Côte en Luik de tol te moeten betalen.

De rekening is met name zuur voor Simon Gerrans, de winnaar van vorig jaar. De kleine Australische krachtpatser van Orica-Greenedge ligt een paar kilometer verderop opnieuw op het asfalt. Gebroken kruipt de renner op het trottoir. Naast hem ligt een spreekwoordelijk droom in scherven.

Een schrale troost, Gerrans blijft in elk geval de bezemwagen bespaard. Hij hijst zich na afloop op eigen kracht de ploegbus in, ellebogen stuk en knieën bebloed. De ravage lijkt erger dan het is, de inwendige ellende niet. Gerrans brak deze winter zijn sleutelbeen. Anderhalve maand geleden zijn elleboog. Onzekerheid is nooit een fijne metgezel.

Zijn ploeggenoot Pieter Weening ziet het tafereel onder de luifel van de teambus, slechts een paar passen verderop, lijdzaam aan. De wegkapitein van Orica is doorweekt. "Ik hoor nu pas dat Simon voor een tweede keer is gevallen. Niets van meegekregen."

Weening zat er middenin toen het gehalveerde peloton onderuitging. Zelden testte hij zijn remmen zo maximaal als gisteren. "Ik had gelukkig niets, maar de meesten van onze ploeg lagen erbij."

Doorrijden of wachten op zijn kopman Gerrans? De gemazelde Nederlandse routinier van 34 koos voor het eerste. "Je moet een inschatting maken. Ik zag meteen dat Simons koers over was." Weening ging over op plan B: voor eigen kansen rijden, als reservekopman.

Maar daarvoor moest de Nederlander wel eerst terug naar de kopgroep waar de latere winnaar Alejandro Valverde een uitbraakpoging waagde.

Weenings missie was bij voorbaat kansloos, erkent hij een uur later. "Ik heb een enorme inspanning moeten doen tot aan de volgende klim, die van Saint-Nicolas. Dat bekoop ik daar dus. Je kunt maar één, hooguit twee keer over je theewater gaan. Luik is een koers van meer dan 250 kilometer waar het de kunst is zo zuinig mogelijk met je krachten om te springen."

Was Weening niet gevallen, wie weet waar hij in het klassement was geëindigd, filosofeert hij over wat had kunnen zijn. "Vandaag kende echter een teleurstellende afloop", concludeert Weening als zijn ploeggenoten één voor één geslagen binnendruppelen. "Dit is een klassieker waarvan de ploeg vooraf hoge verwachtingen had."

"Beste Nederlander?" Weening zucht, ergens laverend tussen irritatie en de kale realiteit. "De uitslag geeft een vertekend beeld", reageert hij bits. "De meeste Nederlanders werden opgehouden door die val. Ik wil het er eigenlijk niet over hebben. Goed dan, de beste vandaag. Mooi dan."

Op de laatste klim naar de streep in Ans voelde het alsof zijn benen langzaam onder hem werden ontmanteld. Dat vind je niet terug in een uitslag, lijkt Weening te willen zeggen.

Weening wordt uiteindelijk veertiende, 24 seconden achter de Spanjaard die na zijn dopingverleden aan een opmerkelijke zegereeks bezig is. Valverde claimt in vijf dagen tijd zowel de Waalse Pijl als La Doyenne. De uitslag gaat aan Weening voorbij. Eerst een warme douche.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden