Val in het paradijs

Ik loop graag door het Vondelpark, bij mij om de hoek en de dichtstbijzijnde natuur. Ik wil niet denigrerend doen over het Central Park in New York of het Bois de Boulogne in Parijs, maar het Vondelpark kan er mijns inziens prima mee wedijveren. Het stadspark is een uitvinding van de negentiende eeuw, toen de mens in benauwde en overvolle steden moest leven en wel een beetje frisse lucht en groen kon gebruiken.


Het valt tegenwoordig nogal mee met die getto-achtige omstandigheden en bovendien hebben mensen auto's en nog beter fietsen om naar het gras aan de rand van de steden te tijgen. Maar een stadspark is als een gratis museum, niet strikt noodzakelijk maar een zegen. Ik loop meestal hetzelfde rondje, via het Blauwe Theehuis langs de tennisbanen richting Amstelveense weg.


Meestal doe ik ook de rozenperken even aan en kijk of de ooievaars al zijn teruggekeerd en zo ja, of ze op hun nest zitten. Ik ben van nature een citydweller maar dan behoor je ook een greendweller te zijn, is mijn mening. Zo'n stadspark wordt vaak als de longen van de stad beschouwd, maar ik zie het meer als een soort brein, hier wordt vruchtbaar gedacht en gevoeld. Als ik het goed heb lopen hier negen miljoen mensen per jaar rond, met een enorme hoeveelheid gedachten die allemaal een beetje blijven hangen.


Je ziet van alles in ons aller achtertuin, kuierende Amsterdammers, toeristen die het wel gehad hebben met de winkels en musea, zwervers, neerslachtige piekeraars, opgewekte stellen, joggers en ook enorm veel honden wier breinen ik voorzichtigheidshalve niet meetel.


O ja, en de fietsers, want dit park is niet alleen een park, maar ook een doorgang, onderweg eventjes het paradijs in en weer uit. Meestal loop ik er 's middags, maar onlangs fietste ik er om een uur of elf 's avonds. 's Avonds en 's nachts is er van het stadsbrein weinig over, dan hangen er nog maar een paar luttele gedachten rond en is het tijd voor geheimzinniger en duisterder zaken.


Voor mij reed iemand zonder licht en nogal slingerend. Het verbaasde me eigenlijk niet dat ik hem even later bloedend op de grond zag liggen, hij was tegen een onverwacht overstekende boom gereden. Stomdronken, dat zag je meteen. Eenzijdig ongeluk heet zoiets geloof ik.


Het moet een enigszins hallucinerend gezicht zijn geweest, de volle maan door de boomtakken schijnend op de ambulancebroeders die op mijn 112-belletje waren aangesneld en nu de dronken student, want dat was het, op een brancard hesen. Het voelde een beetje als een lokale zondeval, de zondaar werd door de geneeskundige dienst de Hof van Eden uitgetransporteerd.


Maar even later was het park weer in rust, net als de omliggende bewoners en de vogels in de bomen. Op naar de volgende ochtend met haar duizenden gasten die van niks zouden weten, zoals in een tuin het door de kat gedode musje de volgende dag alweer is verdwenen en in de jungle het gevecht tussen twee apen niet lang opzien baart.


Ik loop graag door het Vondelpark, bij mij om de hoek en de dichtstbijzijnde natuur.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden