Vakvrouw en onmogelijk mens

Ze was hondsbrutaal, maar de groten der aarde stonden in de rij voor Oriana Fallaci

Alles doen journalisten er soms aan om een interview te krijgen met iemand van naam. Hoe bekender de prooi, hoe meer de status van de interviewer stijgt - de journalistiek heeft, net als andere beroepsgroepen, een duidelijke pikorde. Maar in de superliga van het vak zijn er een paar journalisten die rustig achterover kunnen leunen: de prooi meldt zich vanzelf wel. Het verhoogt juist de status van een beroemdheid als die erop kan bogen geïnterviewd te zijn door een of andere godheid.

Een befaamd voorbeeld is de Britse tv-journalist David Frost die vanaf de jaren zestig alle premiers van zijn land en alle Amerikaanse presidenten urenlang heeft ondervraagd in vaak heel verrassende gesprekken.

In die superliga hoorde ook de Italiaanse journaliste Oriana Fallaci. Zij heeft vrijwel alle mensen die er in de jaren zeventig en tachtig toe deden aan een interview onderworpen, meestal voor het weekblad l'Europeo: de sjah van Perzië, Henry Kissinger, ayatollah Khomeini, Yasser Arafat, Willy Brandt, Indira Gandhi, Deng Xiaoping, Golda Meir - noem maar op.

Het waren ellenlange vraaggesprekken, met vaak hondsbrutale vragen, die steevast nieuws opleverden, door een uitspraak of rel: tijdens het gesprek met Khomeini haalde een boze Fallaci de chador die ze moest dragen van haar hoofd. Daarnaast was ze een befaamd oorlogscorrespondent - ze versloeg de strijd in Vietnam, maakte reportages.

De journaliste kwam uit een links nest. Hoewel zeer jong (geboren in 1929) was ze in de Tweede Wereldoorlog betrokken bij de strijd van de Italiaanse partizanen tegen dictator Benito Mussolini. Maar aan het eind van haar leven was ze uitgesproken conservatief. Vooral door de aanslagen van 9/11 (die ze als inwoonster van New York van dichtbij meemaakte) werd ze een rabiate islamofoob.

Over het roerige leven van Oriana Fallaci heeft de Italiaanse boekenrecensente en auteur Cristina De Stefano een goed leesbaar en bij vlagen onthullend boek geschreven. Het is een geautoriseerde biografie, niet door de hoofdpersoon zelf (de biograaf heeft haar nooit gesproken), maar door de nabestaanden van Fallaci. Wat voor invloed dat heeft gehad op de inhoud, weten we als lezer niet. De Stefano, die inzage kreeg in het privéarchief, heeft in ieder geval niet alle kritische opmerkingen maar achterwege gelaten. Integendeel.

De auteur beschrijft Fallaci als een complexe figuur. Een absolute vakvrouw, die schitterende interviews, verhalen en boeken heeft geschreven, een vrouw die genoot van haar populariteit en de erkenning die ze kreeg. Maar ook een onmogelijk mens die met iedereen ruzie maakte. Nu eens hielp ze vrienden die in de penarie zaten met geld, een auto, of desnoods een huis, dan weer liet ze hen als een baksteen vallen om ze nooit meer te willen zien. Als journalist drong ze oncollegiaal voor om via de enige beschikbare verbinding haar verhaal op tijd bij het thuisfront in Italië te krijgen; als geliefde deinsde ze er niet voor terug om de heftige correspondentie met haar minnaar op te sturen naar diens wettige echtgenote.

In feite was Oriana Fallaci een beklagenswaardige figuur. Ze is een paar keer stapelverliefd geweest op een man en ook zielsgelukkig, maar de relaties liepen nooit goed af. Tot haar grote verdriet is ze geen moeder geworden. Ze had een broze gezondheid. Ze kreeg borstkanker, waarvan ze nooit goed is hersteld. De journaliste leefde ook buitengewoon ongezond en rookte haar hele leven als een schoorsteen.

Treurig was haar einde, door Cristina De Stefano beklemmend opgeschreven. Met een privévliegtuig vloog Fallaci in september 2006 van New York naar Florence, haar geboortestad - daar wilde ze sterven. Artsen en familieleden vergezelden haar, ze kon vrijwel niets meer. Daar in de neergeklapte vliegtuigstoel lag een eenzame, verbitterde vrouw met een uitgeteerd lichaam, ooit de meest gevierde journaliste van Italië, vanwege haar bizarre standpunten door niemand meer serieus genomen, en door haar botte optreden door velen zelfs gehaat. Tien dagen na aankomst in Italië overleed ze, 77 jaar oud.

Cristina De Stefano: Oriana, een vrouw. Vert. Jan van der Haar. Xander; 243 blz. euro 25

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden