Vakantie bij gratie van sponsors en Sysselman

ZOETERMEER - Marcel Knotter wil op vakantie, zoals iedereen. Nou nee, niet zoals iedereen: Marcel Knotter komt liever op plaatsen waar een ander niet zo gauw komt. En hij wil dingen doen die bij anderen minder voor de hand liggen. Trektochten door Scandinavie bijvoorbeeld, de laatste jaren, met een vakantiemaatje. Maar in Lapland loopt hij ook niet meer alleen.

Nepal was een idee, maar sherpa's huren om vakantie te houden wilden ze niet. Een tocht naar de magnetische Noordpool was ook een optie, maar alleen voor de huur van een vliegtuig zouden ze al 30 000 gulden kwijt zijn. Democratisch ('in de groep') viel de keuze uiteindelijk op Spitsbergen: weliswaar geen pure wildernis meer, maar op duizend kilometer van de Noordpool toch nog grotendeels een onbekend en onbewoond gebied. Ook een gevaarlijk gebied, voor twee mensen tenminste. En duur, al kun je er niet veel meer kopen dan een ansichtkaart. Vliegreis, voeding, materiaal en voorbereiding maken het verblijf op de arctische eilandengroep tot een prijzig vakantietochtje.

En zo werd - als een uiting van modern toerisme - de Nederlandse Spitsbergen Expeditie '92 in het leven geroepen: een vriendenclub van vier Zoetermeerders, die geholpen door sponsors te voet door een onbewoond gebied gaan trekken. Marcel (28), een sociale wetenschapper: "We zijn er anderhalf jaar geleden geleden mee begonnen. Die tijd heb je echt wel nodig voor een grondige voorbereiding. Er is heel weinig informatie over Spitsbergen, over het gebied waar wij willen trekken al helemaal niet. De tocht die wij voor ogen hebben, is nooit eerder gemaakt. We weten wat van de geschiedenis van Spitsbergen, maar aan de ervaringen van de oude walvisvaarders hebben we niet veel. Er zit een jongen in Duitsland die wel eens een tocht organiseert, maar die wil niet zoveel kwijt."

Informatie kreeg Knotter wel van de Sysselman, de gouverneur van Spitsbergen. "Maar die is zeer terughoudend ten aanzien van individuele groepjes. Hij richt zich liever op georganiseerde reizen, want daar heeft hij vat op. Er is een paar keer heen en weer geschreven, voordat het ijs gebroken was - en dat kostte een half jaar. De Sysselman wil weten hoe ervaren je bent en of je je wel goed voorbereid hebt. En terecht, want als er wat fout gaat moet hij de mensen uit de problemen zien te halen. De autoriteiten kennen het gebied uitsluitend vanuit de lucht. Ik denk dat wij er straks na onze reis meer over kunnen vertellen dan zij."

Klimmateriaal

Het wordt een lange trektocht: ruim 250 kilometer zonder ondersteuning, van Pyramiden (een Russische mijnwerkersnederzetting) naar Ny Alesund (een Noorse onderzoeksstation). Ze denken er 22 dagen over te doen. Geen hutten onderweg, overnachten in een tent, eten meenemen, ski's en klimmateriaal op de rug. Ze zullen af en toe omhoog moeten, en omlaag, want het tweede deel van de tocht voert over de 'Koningsweg' door een nog onverkend gletsjergebied met grote spleten. Ze vliegen naar Spitsbergen en gaan dan per gehuurde helikopter naar Pyramiden. Voordat ze daar landen, droppen ze eerst een depot ergens in de bergen: een houten kist met voedsel voor het tweede deel van de tocht en klimspullen voor het oversteken van de gletsjers. De kist wordt ter plaatse verbrand, de Zoetermeerders laten niets achter. "Dat mag trouwens ook niet" , zegt Marcel. "Alles is super-afgewogen. We nemen geen gram te veel mee. We hebben onderweg geen contact met de buitenwereld. We gaan zonder radio op pad: die zou te groot en te zwaar zijn. Als er iets gebeurt, dan is het in het ongunstigste geval elf dagen lopen naar de bewoonde wereld: bepakt lopen, onbepakt is het zeven dagen." Wat wel mee moet, is een geweer - met het oog op ijsberen. Ook een zware last (vier kilo), maar het is een voorschrift van de Sysselman. In de rugzak zit ook een nylondraad die met een piepertje als berenverschrikker kan dienen ( "zodat je net op tijd wakker wordt, als er een in de buurt van de tent komt" ). En misschien nemen ze wat rotjes mee om al te nieuwsgierige ijsberen te verjagen.

Ze hebben gletsjercursussen gevolgd, zijn een week in Davos in training geweest en hebben schietoefeningen gehad. Het materiaal verdelen ze over tweetallen: "Raakt er een rugzak kwijt, dan moeten daar geen cruciale onderdelen inzitten waardoor de hele groep gedupeerd wordt. Dus twee tenten, twee branders en zo. Al het eten wordt verpakt als dagpakket voor vier personen."

In Ny Alesund worden de vier Zoetermeerders opgepikt door een Noors scheepje. Als alles goed gaat tenminste, want ze hebben maar drie reservedagen voor tegenslagen gepland. En al ze in dat pieperige gehuchtje de 250 speciaal voor de expeditie gemaakte ansichtkaarten hebben laten stempelen in het meest noordelijke postkantoor ter wereld. Voor de tientjes-donateurs, bijvoorbeeld een hele club Belgen. En voor de sponsors, die een kwart van de 25 000 gulden vakantiekosten hebben bijgedragen: een bedrijf dat de sportvoeding heeft geleverd ( "een halve vrachtwagen crusli, dat wordt vier weken lang ons ontbijt" ), de fotohandel die de diarolletjes heeft verschaft, de sportwinkel die materiaal heeft geschonken, de slijter die ( "nee!" ) financieel heeft bijgedragen.

Op 9 juli vliegen ze naar het noorden. "Het zal eenzamer zijn dan in Scandinavie. Daar kom je om de vier dagen wel een hutje tegen, hier niet. Maar als je dit gebied wilt zien, moet je het doen zoals wij het doen. Gevaar? We houden geen rekening met heel extreme gebeurtenissen. Je moet het niet vergelijken met een expeditie naar de Mount Everest. Wij zijn macho's. Dit is gewoon een clubje goeie vrienden, dat niet ten koste van alles met elkaar een tocht wil maken. Het accent ligt niet zo zeer op de prestatie als wel op de trip."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden