utz

Amsterdamde-de Uitkijk, Rotterdam-Lantaren/Venster en Eindhoven-Plaza Futura.

Bruce Chatwin, kunstkenner, reiziger en schrijver, stierf veel te jong. In 1988, een jaar voor zijn dood, verscheen 'Utz', zijn laatste roman. 'Roman' is een wat groot woord voor het boekje, dat niet meer dan 154 dun bedrukte bladzijden telt. In dat korte bestek geeft Chatwin de persoonlijke geschiedenis van baron Kaspar Joachim von Utz, schetst hij het leven in communistisch Tsjechoslowakije en gaat hij in op het fenomeen verzamelen.

De ik-figuur, een Engelse schrijver op zoek naar materiaal voor een tijdschriftartikel, komt in Praag in 1968, aan de vooravond van de Russische inval, bij toeval in contact met Utz. Deze ontmoeting fascineert hem meer dan zijn eigenlijke onderwerp. Utz verzamelt Meissenporselein. In zijn Praagse appartement koestert de excentrieke baron een collectie porseleinen figuurtjes die vele miljoenen waard is. Met de autoriteiten onderhoudt Utz een merkwaardige relatie, waarbij samenwerking en afkeer samengaan. Het omvangrijke prive-bezit wordt getolereerd, op voorwaarde dat het na Utz' dood aan de staat komt. Utz mag een keer per jaar naar het westen, om inkopen te doen op veilingen.

Mysterieus

Chatwins ik-figuur krijgt in 1974 bericht dat Utz is overleden en keert in 1987 terug naar Praag. Uit nieuwsgierigheid gaat hij op zoek naar de collectie, om te ontdekken dat de meer dan 1000 porseleinen beeldjes op mysterieuze wijze zijn verdwenen. De schrijver speculeert over wat er gebeurd kan zijn. Aan het eind van het boek bezoekt hij de vermoedelijke sleutel tot het raadsel, Utz' trouwe huishoudster Marta, maar haar antwoord wordt de lezer niet meer gegund.

Scenarioschrijver Hugh Whitemore wijzigde dit verhaal op twee essentiele punten. In de film is de Engelse schrijver vervangen door een Amerikaanse kunsthandelaar, Marius Fischer. Het vertelperspectief blijft echter dat van een westerse buitenstaander. Verder verplaatste Whitemore de periode: het heden van de film is 1989, ten tijde van een andere belangrijke omslag in Tsjechoslowakije, de 'fluwelen revolutie'.

Whitemore schreef een bijzonder ingenieus scenario. De dramatische lijn van het oorspronkelijke verhaal is mager, het gaat om het portretteren van Utz en zijn Praagse context. Om niet te vervallen in een rechtlijnig portret is het verhaal in talloze mootjes gehakt. Dat lijkt riskant, zo'n verbrokkeld zooitje met de nodige tijdsprongen. In 'Utz' is het geen enkel probleem, alle overgangen zijn moeiteloos te volgen. Dat is de verdienste van een goed scenario, waarin zorgvuldig wordt bijgehouden welke details al zijn prijsgegeven en welke nog moeten komen.

Het vertelperspectief is niet helemaal consequent. Het grootste deel van de film wordt gepresenteerd als fragmentarische herinneringen van kunsthandelaar Fischer, terwijl hij in een Praags restaurant zit te wachten op een vriend van de overleden Utz. Halverwege duikt opeens een jeugdherinnering van Marta op, die natuurlijk moeilijk uit de geest van Fischer kan voortkomen. Ook worden enkele passages uit het boek wel wat erg summier behandeld. Nogal cryptisch voor de niet-lezer blijven de scenes op de begraafplaats, waar Utz de golem vergelijkt met porseleinen afbeeldingen en uitlegt waarom kunst verzamelen typisch joods is, en Marta's gedoe met bed en bruidssluier. Storen doet dat niet, omdat het verloop van de film zo vloeiend is. Een beetje raadsel hoort er bovendien bij. Ook bij Chatwin zijn niet alle kleine verwijzingen te duiden, en het is knap dat veel van die details in de film zijn gehandhaafd.

Voortreffelijk

Niet alleen het scenario, ook de voortreffelijke cast heeft George Sluizer geholpen. 'Utz' is bij uitstek een acteursfilm, met mensen die tot in de bijrollen een genoegen zijn om naar te kijken. Armin Mueller-Stahl voegt een glansrol toe aan zijn toch al indrukwekkende lijstje. Hij geeft Utz zijn verborgen lagen: de minzame gentleman en eerbiedwaardige kunstliefhebber heeft een passie voor zwaarlijvige operadiva's en speelt als een groot kind met zijn porselein, als waren het tinnen soldaatjes. Zijn a-politieke opportunisme is weinig heldhaftig. "Oorlogen, pogroms en revoluties bieden uitstekende mogelijkheden voor de verzamelaar" , constateert Utz cynisch, verwijzend naar hoe hij een en ander heeft kunnen verwerven. Zijn uitstapjes naar Zwitserland en Frankrijk spekten vermoedelijk de staatskas, omdat hij in opdracht van de staat ook kunst verkocht. Toch overheerst sympathie voor deze geobsedeerde man. Utz ontsnapt aan de communistische gelijkschakeling dankzij zijn uitzonderlijke verzameling, die hem tegelijk tot zijn eigen gevangene maakt.

De gedistingeerde uitstraling van Mueller-Stahl en de esthetische obsessie van zijn personage bepalen de toon van de film. De verfijning van het Meissen-porselein krijgt een vervolg in het tempo, de art direction en de fotografie. De wereld van Utz is rustig en stijlvol. Heel knap van Sluizer is dat deze keurigheid niet doodslaat, maar altijd vitaal en geestig blijft. 'Utz' is distinctie met een knipoog: een elegante film. De helblauwe pretogen van Mueller-Stahl en de relativerende aanpak van Sluizer maken Utz' obsessie tot iets aanstekelijks. Ook wie niet direct opgewonden raakt van Meissen-porselein, zal toch geraakt worden door dat enthousiasme.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden