Urk: succes na bundeling kwaliteiten

Een verrassing was het kampioenschap van Urk zaterdag natuurlijk niet. Maar met een afgetekende zege op IJsselmeervogels (4-1) kreeg de titel wel de glans die bij de feestelijke gebeurtenis paste.

Bij de aanvang van het seizoen achtte de verslaggever van deze krant het niet waarschijnlijk dat de positie van IJsselmeervogels als de heersende kampioen onder druk zou komen te staan. En bij die gelegenheid gaf Erik Assink, trainer van de Vogels, te kennen dat hij ook niet wist wie zijn elftal van een volgende titel zou kunnen afhouden. Aan zijn onzekerheid kwam snel een einde. Na vijf wedstrijden vestigde Urk zich alleen aan de top van de ranglijst en sindsdien is die positie nooit meer in gevaar gekomen. In december was de zaak eigenlijk al bekeken. De voorsprong op Be Quick '28 schommelde toen rond de tien punten en IJsselmeervogels was nog verder buiten beeld geraakt.

Met het dubbele succes van zaterdag -eerder dit seizoen won Urk al met 2-1 in Spakenburg- werden zowel de verslaggever als de trainer nog eens nadrukkelijk op de werkelijke verhoudingen gewezen. In de hoofdklasse C kwam dit jaar maar één club voor de titel in aanmerking. En dat was Urk. Een nederlaag tegen VVOG (1-0) en twee keer een gelijkspel (Olympia 1-1 en ONS 2-2) deden in de eerste maanden van dit jaar nog even vermoeden, dat het met de overmacht wel meeviel. Maar zaterdag grepen de spelers uit het vissersdorp de wedstrijd tegen IJsselmeervogels aan om alle misvattingen uit de wereld te helpen. Ook het verhaal dat Urk op eigen veld niet van de Spakenburgers kan winnen, hoort vanaf heden thuis in de prullenmaand. Dat was bij vijf voorgaande gelegenheden inderdaad nog niet gelukt. Nu, bij het binnenhalen van de tweede titel (de vorige dateert uit 1996) gebeurde dat wel, met duidelijke cijfers en voor rust met voetbal dat bij vlagen verraadde dat er nog meer uit het elftal te halen valt.

De mogelijkheden zijn er. Loopvermogen en snelheid bij vrijwel iedereen en daarnaast ook nog eens een redelijke balvaardigheid. Blijft het probleem van de bundeling van al die kwaliteiten. Hennie Spijkerman heeft in de twee seizoenen na het eerste kampioenschap bij de spelers de juiste snaar niet weten te raken. Van alle plannen om hen tactisch te scholen kwam bijna niets terecht. Van vrijwel elke aanwijzing die hij destijds meegaf, leek wel een verlammende werking uit te gaan. Het spel zat bij de spelers te veel in het hoofd en dat blokkeerde de uitvoering. Zijn opvolger Jan ten Hage heeft vorig jaar zijn pupillen eerst maar weer eens laten spelen op de manier die hen het beste ligt. Vanuit het hart. Geleidelijk aan heeft hij nieuwe elementen aan het spel toegevoegd, zonder daar al te veel het etiket van tactische wijzigingen op te plakken. En zijn elftal voert nu zo af en toe automatisch uit, wat zich ten tijde van Spijkerman in de hoofden al afspeelde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden