Uitverkoren eendagsvliegen

Wij hadden vroeger een kat die Otje heette, niet naar Ot van Sien of de gelijknamige heldin uit het boek van Annie M.G. Schmidt, zoals iedereen in onze omgeving veronderstelde, maar naar Harm Ottenbros, de wereldkampioen wielrennen uit 1969. Mysterieuzer dan sporters die constant een hoog niveau halen en dag in dag uit geprezen worden, zijn de sporters die het met een eenmalige uitschieter moeten doen, zoals Ottenbros. Het lijkt of zich een besturingsfout in het heelal heeft voorgedaan, of misschien is het een kortstondige genade. Ze laten een wonder zien maar daarna nooit meer, precies zoals het bij echte wonderen hoort. Ottenbros bakte er na zijn wereldkampioenschap helemaal niks meer van en verdween schielijk in de anonimiteit.

Walgend van zijn resterende flutcarrière wierp hij zelfs zijn fiets van de Zeelandbrug. Prachtig! Je hebt in de sport meer van zulke snel uitdovende kometen. Joop van Daele was er een. Eén doelpunt slechts en daarmee de eeuwigheid behaald. En eigenlijk was Reinier Paping er ook een voorbeeld van. Die ene goeie dag (18 januari

1963) en daarna hoefde er niks meer. Het zijn de eigenlijke godenkinderen, die direct na hun hoogtepunt in de hemel worden opgenomen. Eendagsvliegen noemen we ze, want ze vliegen maar één dag en staan voor de rest van hun leven stil. Het zijn de kampioenen van een paar tellen. Ook buiten de sport heb je er talloze voorbeelden van. Ik moest aan al die eendagsvliegen denken toen ik voor de zoveelste keer las dat kolonel Kadafi al tweeënveertig jaar in Libië aan het bewind is. Fidel Castro was ook zo iemand, ze gaan bijkans een heel leven mee, ondanks zichzelf, ben je geneigd te zeggen. Zij zijn de tegenpolen van de eendagsvliegen. Het zijn de harde werkers. Ze doen er alles aan om in het zadel te blijven. Het is een trekje dat vrijwel alle dictators hebben, ze kunnen nergens afstand van doen, ze missen de gave van het tijdelijke. Omringd door dikke muren en spiedende bodyguards (want als ze gewoon op straat lopen, worden ze snel door de vijand doodgeschoten) wanen ze zich onsterfelijk. Maar hoeveel interessanter en geheimzinniger zouden ze niet zijn als hun optreden eenmalig was, even one moment of glory en daarna weg, voor eeuwig.

Ik ben op de hand van de efemeren, en in gedachten noem ik hun namen:

Mathias Rust, Linda Tripp, Theo Mastwijk, Bileam, Elsje Christaens, Kees Vellekoop, Charles de Berlaymont. Je kunt hun namen terugvinden op het allesverterende internet want ze ontsnapten stuk voor stuk op het nippertje aan de vergetelheid, omdat ze even hun vinger opstaken, wat zeiden of deden, of gewoon omdat ze er, soms tegen hun zin, op het juiste moment waren. In het epos van Homerus heb je woorden die slechts één keer voorkomen, het hapax legomenon noemen we dat verschijnsel.

Zij zijn de hapaxen van de geschiedenis. Kom, nog een paar om het af te leren. Hugo Montenegro, Elian González, Willem Tichelaar, Pheidippides, Jacinta Marto. Gedenk hen, geef uw huisdieren hun naam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden