Uitspraak Hof van invloed op Amerikaanse verkiezingen

AMSTERDAM - De al felle en emotionele discussie over abortus in de Verenigde Staten krijgt een nieuwe impuls, nu het Amerikaanse Hooggerechtshof zich buigt over de geladen vraag hoe ver het recht op zwangerschapsonderbreking gaat.

De negen leden van dit hoogste rechtscollege in Amerika (acht mannen, een vrouw) zijn gisteren begonnen met een onderzoek naar de wetgeving in de staat Pennsylvania, waar vrouwen geen onbeperkt recht op abortus hebben. Als ze de wet goedkeuren (de uitspraak komt pas in juli), gaat waarschijnlijk een hele serie staten het voorbeeld van Pennsylvania volgen.

Hoe de uitspraak van het Hof ook uitvalt, ze is op voorhand al omstreden en ze kan, gezien het tijdstip, gevolgen hebben voor de strijd om het presidentschap. Als abortus sterk aan banden wordt gelegd, komt het door Democraten beheerste Congres zo goed als zeker met voorstellen om het recht op zwangerschapsonderbreking in een wet vast te leggen. Die wet zal ongetwijfeld door president George Bush met een veto worden getroffen, zodat er vlak voor de presidentsverkiezingen een harde confrontatie tussen Republikeinen en Democraten is.

In het streng katholieke Pennsylvania kan een vrouw pas een abortus ondergaan, als zij haar echtgenoot ingelicht heeft. Is ze jonger dan achttien, dan moeten de ouders hun goedkeuring geven. Artsen zijn bovendien verplicht de vrouw op alternatieven te wijzen (zoals adoptie). Daarna geldt een 'bezinningsperiode' van 24 uur, waarna tot de ingreep mag worden overgegaan.

De wet in Pennsylvania wijkt af van de uitspraak die het Amerikaanse Hooggerechtshof in 1973 deed in de befaamde 'Roe versus Wade'zaak. Toen bepaalden de rechters met zeven tegen twee stemmen dat abortus tot zes maanden vrij is, en dat geen enkele wet dit principe mag ondermijnen. Drie jaar geleden echter gaf het Hooggerechtshof de staten het recht beperkingen in te voeren. De concrete vraag is nu of Pennsylvania deze vrijheid correct heeft benut.

Sinds 1973 is de politieke constellatie van het Hof drastisch veranderd. George Bush en zijn voorganger Ronald Reagan hebben een reeks aartsconservatieve rechters benoemd. Meest recente voorbeeld is Clarence Thomas, die vlak voor z'n benoeming in opspraak kwam, omdat een medewerkster hem van seksuele intimidatie beschuldigde.

Hoe de verhoudingen in het college precies liggen, is niet helemaal duidelijk. Waarschijnlijk wil een meerderheid het recht op abortus beperken. Van twee rechters staat vast dat ze daar mordicus tegen zijn: Harry Blackmun, auteur van de uitspraak in de 'Roe versus Wade'zaak, en John Paul Stevens.

President Bush zou het liefste zien dat de uitspraak uit 1973 helemaal op de helling gaat. Gebeurt dat, dan zullen zo'n twaalf staten een verbod op abortus invoeren, en dan komt het Congres in actie. Maar het is onwaarschijnlijk dat de rechters het 'Roe versus Wade'-vonnis zomaar terzijde schuiven.

Eerder ligt het voor de hand dat ze de wet van Pennsylvania goedkeuren, zodat andere staten weten hoe ver ze mogen gaan bij het aanbrengen van beperkingen. In dit scenario blijft het recht op abortus in de kern overeind.

De discussie in het land is heftig, maar weinig verheffend. Vrouwen die hun zwangerschap hebben laten onderbreken, klagen erover dat zij foto's van geaborteerde foetussen krijgen toegestuurd. Waarschijnlijk hebben tegenstanders via het kenteken van de auto de adressen achterhaald.

Kinderen van artsen van wie bekend is dat ze abortus uitvoeren, krijgen bij de schoolpoort pamfletten uitgereikt met de tekst: "Jullie ouders zijn baby-moordenaars."

Op muren van klinieken zijn posters aangeplakt met de kreet: "Gezocht: huurmoordenaars."

In Washington gingen eerder deze maand een miljoen mensen de straat op om voor vrije abortus te betogen. Zij wezen daarbij op de argumentatie van de rechters uit 1973 dat vrouwen "een fundamenteel recht" hebben hun zwangerschap te onderbreken. Daaraan mag niet worden getornd.

Politiek gezien is de zaak op het eerste oog zonneklaar: Democraten zijn voor abortus, Republikeinen tegen. Kijkend naar de presidentskandidaten klopt dit beeld, al blijft het opvallend hoe soepeltjes George Bush van standpunt kan wisselen. In het begin van de jaren tachtig zat hij in het bestuur van een organisatie voor gezinsplanning, waarvan bekend was dat ze voorstander van vrije abortus was. Nu is hij fel tegen en bezuinigt hij op de overheidssteun voor abortusklinieken.

Maar de Republikeinse partij is zwaar verdeeld. Een forse minderheid verzet zich tegen de compromisloze wijze waarop Bush en andere partijbonzen tegen abortus tekeer gaan. Er zijn meer politieke waarden waarop gelet moet worden. De Grand Old Party wil toch dat mensen hun leven inrichten zoals ze zelf willen? De overheid mag daar niet tussenkomen.

Er zijn zelfs Republikeinen die principieel tegen abortus zijn, maar die absoluut geen wettelijk verbod willen. Naast het recht op leven ('prolife') is er ook zoiets als het recht op keuze ('pro-choice'), zo zeggen zij. Deze groep hanteert ook een tactisch argument. Als de Republikeinen zich opwerpen als een strikte anti-abortus-partij, dan lopen vele kiezers bij de presidentsverkiezingen van november over naar de Democraten.

Vooraanstaande figuur van deze vleugel is de oerrechtse activiste en publiciste Ann Stone, oprichtster van 'Republikeinen voor vrije keus', die al een miljoen dollar heeft ingezameld. Dat de meeste Republikeinen het partijstandpunt (geen abortus) steunen, noemt ze 'een mythe en een leugen'.

Sommige partijleiders, onder wie vice-president Dan Quayle, hebben het standpunt al verzacht en sussende woorden gesproken: de partij is officieel tegen, maar groot genoeg (een 'big tent') om onderdak te verschaffen aan mensen die voor zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden