Uitgeblust in het harnas

De toename van het aantal arbeidsongeschikten komt volledig voor rekening van (jonge) vrouwen. Zij hebben een grotere kans om arbeidsongeschikt te worden dan mannen. Dat de dubbele belasting van werk en zorgtaken de oorzaak zou zijn, is een mythe. Sterker nog, kinderen kunnen juist een bescherming zijn tegen hoge werkdruk. Wellicht heeft de ongelijkheid op de arbeidsmarkt er mee te maken. Vrouwen werken vaker in de gezondheidszorg en het onderwijs. Daar zijn de werkomstandigheden slecht en is het ziekteverzuim hoog. Ook speelt de lakse houding van werkgevers en arbo-artsen en het perfectionisme van de vrouwen zelf mee.

Het begon met slaapproblemen, vertelt Karin de Kleyne (38). ,,Het duurde lang voordat ik insliep. Een nacht van vier uur slaap was al heel wat, meestal haalde ik maar twee of drie uur. En als ik dan eindelijk sliep, ging voordat ik het wist de wekker alweer.'' Dan wachtte het werk: vergaderingen tot 's avonds laat en collega's die op haar steunen.

Af en toe een dagje vrij, kruidenthee drinken: het hielp niet. ,,Ik bleef slecht slapen. Voor belangrijke vergaderingen nam ik af en toe een slaappil.'' De Kleyne viel af, kreeg een oogontsteking. Ze moest verstek laten gaan op vergaderingen. Het ergste vond ze dat collega's haar werk moesten overnemen. Die hadden het zelf al druk genoeg.

De druk op haar werk werd groter. De Kleyne werkte fulltime als vakbondsbestuurder bij een vakbond voor het spoorwegvervoer. Ze zette interne scholing op en onderhandelde over de cao's voor personeel van de NS. ,,Kaderleden van de vakbond organiseerden vergaderingen voor mij. Dan moest ik vertellen wat ik in de cao-onderhandelingen met de NS voor elkaar had gekregen. Als ik dan weer niet kwam opdagen, zagen ze dat als een gebrek aan belangstelling. 'Deze dame functioneert niet meer', klonk het. Dat is ook wel logisch. Veelvuldig ziekteverzuim zet dat soort processen in gang.''

Collega's adviseerden naar de dokter te gaan. Maar zelf wilde ze er niet aan dat er iets ernstigers was dan dat ze 'alleen te hard had gewerkt'. Na drie weken zomervakantie ben ik er weer bovenop, dacht De Kleyne. Maar die vakantie, nu ruim een jaar geleden, hielp niet. De eerste vergadering op haar werk bezorgde haar alweer een paniekgevoel. ,,De nieuwe cao-onderhandelingen kwamen er aan. Mijn god, dacht ik, komt dat er ook nog eens bij.''

Ze meldde zich ziek. Nu, een jaar later, heeft ze al twee maanden een WAO-uitkering wegens 'overbelasting op het werk'. De Kleyne noemt het burnout. ,,Burnout zit aan het einde van overspannenheid. Alle reserves zijn aangesproken, je bent op. Zo voelde ik het ook. Ik had zo lang met stress doorgewerkt dat de thermostaatknop 'rust' in mijn lichaam niet meer werkte. Mijn dag en nachtritme was compleet in de war, daarom kreeg ik slaapproblemen.''

Het kwartje viel uiteindelijk bij de huisarts. ,,We hebben het allebei lange tijd onderschat, maar hij waarschuwde dat ik blijvend lichamelijk letsel zou krijgen door mijn uitputting. Hij heeft me anti-depressiva gegeven om mijn slaap-waakritme te herstellen. Tevens ben ik naar een psychiater gegaan om over mijn problemen te praten.''

Na tien jaar werken opgebrand. De Kleyne had het zelf nooit verwacht, toen ze op haar achtentwintigse de arbeidsmarkt betrad met het diploma rechten op zak. Toch komt het steeds vaker voor, zeker onder vrouwen. Staatssecretaris Hoogervorst (sociale zaken) maakte onlangs bekend dat de groei van de groep mensen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering (WAO) dit jaar uitsluitend door vrouwen wordt veroorzaakt. Het aantal vrouwen met een WAO-uitkering nam de eerste negen maanden van dit jaar met 15 500 toe. Daarentegen daalde het aantal mannen in de WAO met 1000 personen. ,,Buitengewoon verontrustend'' en ,,dramatisch'' noemde Hoogervorst deze eenzijdige toename, die grotendeels uit vrouwen onder de 35 jaar bestaat.

Toch is deze ontwikkeling niet nieuw. ,,Al sinds het begin van de jaren negentig lopen vrouwen een groter risico om in de WAO terecht te komen dan mannen'', zegt Anneke van der Giezen, onderzoekster bij bureau AS/tri. Van der Giezen heeft de oorzaken hiervan vorig jaar onderzocht voor het ministerie van sociale zaken. Nu werkt ze aan een onderzoek voor het Landelijk instituut sociale verzekeringen (LISV), dat verantwoordelijk is voor het verstrekken van de WAO-uitkeringen. ,,Het verschil tussen mannen en vrouwen is wel groter geworden'', zegt Van der Giezen. Voor dit jaar schat de onderzoekster dat 1,2 procent van de mannelijke werknemers in de WAO komt, tegenover 1,9 procent van de werkende vrouwen.

Het argument dat steeds meer vrouwen zijn gaan werken, gaat niet op, zegt ze. ,,We rekenen in percentages van de beroepsbevolking.''

De huidige cijfers zijn zelfs geflatteerd. ,,De mannen die nu werken, zijn gemiddeld ouder dan de vrouwelijke beroepsbevolking. Oudere mannen hebben een grotere kans om in de WAO te komen en compenseren zo statistisch gezien de instroom van jonge vrouwen. Als de werkende mannen net zo jong zouden zijn als de werkende vrouwen, zou het verschil veel groter zijn.''

Volgens Van der Giezen ligt een belangrijke verklaring in het type werk dat mannen en vrouwen doen. ,,Vrouwen werken vaker in de gezondheidszorg en onderwijs dan mannen. Eenderde van de vrouwen werkt in de zorg, tegenover vijf procent van de mannen. Het ziekteverzuim in de gezondheidszorg is het hoogste in vergelijking met andere sectoren. Vrouwen in de zorg hebben ook nog eens een hogere kans om in de WAO te komen dan de mannen. Waarschijnlijk is dat omdat vrouwen vaker functies zoals thuishulp, verzorgster en verpleegkundige vervullen. Die functies zijn fysiek en emotioneel zwaar.''

Terwijl in andere sectoren is ingeïnvesteerd in de werkomstandigheden, hebben werkgevers in de zorg dat amper gedaan. Ze geven daaraan bijna de helft minder uit dan andere werkgevers.

Toch neemt ook in andere sectoren de kans toe dat vrouwen in de WAO belanden. Bij de Rabobank bleek tweederde van de WAO'ers vrouw te zijn, vooral tussen de 25 en 35 jaar. Vaak kampen ze met psychische klachten.

,,Vrouwen zijn veelal perfectionistisch'', zegt Jeannette Poorter. ,,Ze zijn ook opgegroeid met het idee dat ze lief en aardig moeten zijn, eindeloos 'ja' moeten zeggen. Vrouwen mogen alleen woedend zijn in de context van 'zij vocht als een leeuw voor haar kinderen'. Maar verder moeten ze blijven lachen. Zo faal je sneller in welke baan dan ook.''

Poorter is directeur van Artemis, een in 1992 opgericht vrouwencentrum in Middelburg dat vrouwen in de WAO weer aan het werk helpt. Daarvoor hebben ze cursussen, leerwerk-trajecten, persoonlijke coaches en een uitzendbureau beschikbaar. ,,Wij zijn op dit moment de enigen in Nederland die een sekse-specifieke behandeling voor WAO-vrouwen bieden'', zegt Poorter. ,,Vanaf volgend jaar openen we vestigingen in heel Nederland.''

Vrouwen hebben vaak slechts één mechanisme om te overleven in hun werk, zegt Poorter. ,,Doorgaan. Ze trekken een harnas aan en voelen daardoor niets meer. Ze vergeten vaak wat ze zelf nodig hebben. Wij willen vrouwen daarvan bewust maken. Dan kunnen ze het ook voorkomen.''

Karin de Kleyne liep bij haar werk als vakbondsbestuurster aan tegen zo'n 'doorgaan-cultuur'. ,,Er heerste een stoere sfeer van 'kom op jongens, we onderhandelen de hele nacht door'. Vrouwelijke collega's, mezelf incluis, waren daar niet gelukkig mee.''

Als één van de weinige vrouwen voelde ze soms alle ogen op zich gericht. ,,De Spoorwegen zijn een mannenbolwerk bij uitstek. Ik merkte dat er meer op mij werd gelet, en hogere eisen aan me werden gesteld. Dan wordt je ook perfectionistischer en wordt de druk alleen maar groter.''

Als vrouw zonder kinderen keek ze weleens verlangend naar collega's die opstapten met het argument dat ze de kinderen van de crèche moesten halen. ,,Kinderen kunnen je beschermen tegen te lang doorwerken'', zegt De Kleyne. ,,Voor jezelf, maar ook naar de buitenwereld. Het is een voor iedereen acceptabel argument. Als ik een overleg wilde verlaten wegens mijn gezondheid, werd dat eerder als zwak of oncollegiaal gezien.''

,,Natuurlijk kun je ook redeneren dat vrouwen wegens hun kinderen geen carrière kunnen maken. Maar dat heb ik in ieder geval niet om me heen gezien.''

Het is inderdaad een fabeltje dat vrouwen in de WAO belanden wegens de dubbele belasting van werk en huishoudelijke taken, zegt onderzoekster Van der Giezen van AS/tri. ,,Wetenschappelijk onderzoek heeft dat nog nooit aangetoond. Uit een studie van het Centraal Bureau voor de Statistiek bleek zelfs dat werkende moeders gelukkiger zijn dan niet-werkende moeders.''

Vrouwen hebben wel een andere houding ten opzichte van werk dan mannen. ,,Voor mannen is werk vanzelfsprekend'', zegt de onderzoekster. ,,Vrouwen zien het meer als een keuze, als een manier om zichzelf te ontplooien en contacten te leggen.''

Staatssecretaris Hoogervorst vindt dat vrouwen het 'ouderwetse idee' dat hun inkomen een extraatje is moeten laten varen. Ook werkgevers en arbo-artsen gaan volgens hem daarom lakser met zieke vrouwen om. Uit cijfers blijkt dat van alle WAO'ers die weer aan het werk komen slechts 33 procent vrouw is. Daarentegen bestaat de bruto-instroom in de WAO voor 55 procent uit vrouwen.

,,Ik kan me iets voorstellen bij dat verwijt'', zegt Roel Melchers, die via zijn eigen bureau Medix als arbo-arts werkt en ook WAO-keuringen verricht bij het Gak en Cadans. ,,Als arbo-arts heb je heel weinig tijd, zo'n twintig minuten per consult. Ik stop de meeste energie in de kansrijke gevallen. Dat zijn mensen die gemotiveerd zijn om weer aan het werk te gaan. Meestal zijn dat toch mannen, die vinden het hun eer te na dat ze niet kunnen werken.''

Karin de Kleyne is diep teleurgesteld in de begeleiding door haar werkgever en arbo-arts. ,,Van mijn collega's heb ik maandenlang niets gehoord. De arbo-arts zei letterlijk: 'ach mevrouw, werken is toch niet het belangrijkste in het leven'. Dat vond ik kwetsend, ook al bedoelde hij het goed. Voor mij is werk geen extraatje, het is juist heel belangrijk. Het is een deel van mijn identiteit. Ik viel in een enorm gat toen ik ziek werd. Veel hulp heb ik niet gehad. Ik heb alles zelf moeten doen om eruit te komen.''

Volgens Van der Giezen ligt de sleutel in het begin van de weg naar de WAO: bij het ziekteverzuim. ,,Vrouwen melden zich anderhalf keer vaker ziek dan mannen.'' Ingrijpen in de WAO-keuringen heeft volgens haar dan ook weinig zin. ,,Dan ben je al te laat.''

Het beleid moet zich in ieder geval richten op het verbeteren van de arbeidsomstandigheden. ,,Zeker in de gezondheidszorg en het onderwijs moeten snel verbeteringen komen.''

In haar nieuwe onderzoek voor het LISV gaat Van der Giezen werkende mannen en vrouwen statistisch gelijkschakelen op variabelen als leeftijd, opleiding, positie in het huishouden, kostwinnerschap en werkomstandigheden. ,,Dan kijk ik of er nog steeds een verschil in risico bestaat tussen mannen en vrouwen om in de WAO te belanden. Zo krijg ik een zeer gedetailleerde verklaring. Het is voor het eerst dat zo'n uitgebreid onderzoek mogelijk is.''

Tegelijkertijd is die vraagstelling erg theoretisch, zegt Van der Giezen. ,,Vrouwen en mannen nemen nu eenmaal verschillende posities in, op de arbeidsmarkt en privé. Dan kun je mannen en vrouwen wel statistisch gelijkschakelen, maar daarmee heb je dat probleem niet opgelost.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden