UIT HET PARLEMENT

Plato-vertaler krijgt gelijk: PvdA ontdekt het vuil

REDACTIE MARCEL TEN HOOVEN; BIJDRAGE RUUD VAN HEESE

Bij monde van Rottenberg geeft de PvdA alsnog de Plato-vertaler en filosoof Gerard Koolschijn gelijk. In mei 1990 keken ze hem nog raar aan, op die bijeenkomst van PvdAsympathisanten in de Amsterdamse Beurs van Berlage.

Het waren de dagen dat de sociaaldemocraten, in zak en as door de nederlaag bij de raadsverkiezingen, nog moedeloos naar een verklaring zochten voor het opvallend grote verlies in Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en andere grote steden. De bijeenkomst in Berlage had de bedoeling een discussie uit te lokken die de PvdA weer "spirit, elan, diepgang en de verrassende aantrekkingskracht van het nieuwe" zou geven, heette het. Maar de verrassing van Koolschijns nieuws werd destijds niet onderkend, getuige de reacties van onbegrip in de zaal.

In die Amsterdamse kring, wars van zedenprekers, leidde Koolschijns licht-moralistische toontje de toehoorders wellicht af van de boodschap. Maar in de kern zei Koolschijn niets anders dan Rottenberg afgelopen vrijdag. In het vuur van zijn betoog vatte Koolschijn zijn hartekreet samen met de woorden: "Ik wil weer plekjes waar ik nog geen proleten tegenkom."

Koolschijn zei zich zwaar te ergeren aan al het vuil om zich heen: "Het papier op straat, de pitbull-terrier die mijn dochter bedreigt, de fourwheeldrive van de kroegbazen, de olie op het strand." Zijn betoog mondde uit in de oproep aan de PvdA om "de strijd tegen het vuil" tot haar nieuwe ideologie te verheffen.

En bij monde van Rottenberg geeft de PvdA ook de socioloog en journalist Herman Vuijsje alsnog gelijk. Zijn boekje 'Lof der dwang' uit 1989 blijkt een voorspellende waarde te hebben. Het laat zich lezen als een verklaring waarom de kiezers uitgerekend op het hoofd van de PvdA-wethouders hun woede ontlaadden over de scorende junks achterin de metro, de frauderende uitkeringstrekkers, de tasjesrovers op het station, de auto's op de stoep en de hondepoep op het trottoir.

Vuijsjes verklaring kwam er op neer dat de kiezers de PvdA associeerden met een anonieme 'Hogerhand' die, uit angst voor het verwijt van repressiviteit en onverdraagzaamheid, wangedrag ongestraft liet. Krakers die een tram in de hens zetten gingen vrijuit. Drugsdealers en -gebruikers werden ongemoeid gelaten. Kortom, de kiezers stelden de PvdA bij uitstek verantwoordelijk voor het verlies van de straat, dat het schrijnendst zichtbaar werd met de afsluiting van stegen waar junks zich ophielden.

Als een van de eersten in eigen parochie, legde de PvdA'er Vuijsje de link met sociaal-democratische idealen. Immers, de machtelozen in de samenleving, zoals bijstandmoeders, bejaarden, langdurig werklozen en minderheden, zijn de slachtoffers. Dat strookt niet met het PvdA-beginsel van gelijkheid, redeneerde Vuijsje.

Het moet gezegd, zijn betoog vond al eerder weerklank bij Rottenberg. Direct na de raadsverkiezingen zei hij in Het Vrije Volk: "De PvdA weet niet wat er leeft bij de burgers. Zij heeft niet zien aankomen dat de aanhang al geruime tijd dingen niet meer meemaakt." En ook fractieleider Thijs Woltgens had een willig oor voor de diagnose van Vuijsje. In het voorjaar van 1990, op een bijeenkomst van de Jonge Socialisten, noemde Woltgens het een schrijnend geval van ongelijkheid dat wie oud en zwak is in de avonduren niet meer over straat durft te gaan, uit angst voor overvallers.

Maar, net als Koolschijn in de beurs van Berlage, stuitte de fractieleider in het Nijmeegse Kolpinghuis op een muur van onbegrip bij de jonge PvdA-aanhangers. Gemopper en gesis vanuit de zaal waren zijn deel. "Moet dat nu onze uitstraling zijn?" schimpscheutte een JS'er.

Twee jaar later is de omslag in de PvdA daadwerkelijk een feit. Breed leeft in sociaal-democratische kring het besef dat de tolerantie te ver is doorgeschoten. De Tweede-Kamerfractie stemde bij de algemene beschouwingen, drie weken geleden, van harte in met extra uitgaven voor de justitiele keten, van de agent op straat tot en met de rechter. "Een noodzakelijke inhaalslag" , erkende de PvdA'er Melkert.

Rottenberg heeft 'last' van illegalen

Maar - je ziet het vaker bij bekeerlingen - het kan ook naar de andere kant doorslaan.

Rottenberg sprak vrijdag bij de Vpro-radio over het probleem van de illegalen in Nederland. Het programma werd ingeleid met een fragment uit een toespraak van staatssecretaris Kosto (PvdA) van justitie. Wat er wellicht ook op Kosto's vreemdelingenbeleid is aan te merken, hij spreekt met mededogen over de illegalen en toont begrip voor hun motieven. "De migranten verwachten hier de melk en honing die ze ook letterlijk in het land van herkomst ontberen. Hun handelen is alleszins begrijpelijk, want de landen van de EG en de Verenigde Staten zijn landen van melk en honing." Rottenberg stelt zich achter Kosto's argumenten. Hij voert bovendien aan dat hoe zwaarder de samenleving belast raakt door illegale vluchtelingen, de tolerantie jegens legale 'ontheemden' verder afneemt en dus de ruimte om hen op te vangen. Daar valt wat voor te zeggen.

Maar wat te denken van het argument dat de burger 'last' heeft van illegalen?

Rottenberg: "In de grote steden hebben wij last van honderden illegalen. Daar gaat het om. Wat veranderd is, ook in de PvdA, is dat je hardop zegt waar je last van hebt. Dat mocht niet en dat mag niet, ik doe het wel." Vervolgens legt hij de link met de criminaliteit op straat. "In Amsterdam trekken jeugdbendes over straat van Marokkaanse, Turkse en Algerijnse jongeren, die geen verblijfsvergunning hebben of Nederlander zijn." Zou het? En wat bedoelt Rottenberg met de opmerking: "De burger die jat, steelt of pikt wordt gearresteerd of veroordeeld. Maar de illegaal heeft geen rechtspositie." Zou het kunnen zijn dat een illegaal die op een misdrijf wordt betrapt ogenblikkelijk de grens wordt overgezet?

Volgens Monique Aalberts, medewerkster van het wetenschappelijk onderzoek- en documentatiecentrum van Justitie, is het verhaal van Rottenberg hoe dan ook in strijd met de wetten der logica. Zij redeneert dat puur eigenbelang illegalen noodzaakt zich te gedragen als oppassende burgers. Immers, elke frauduleuze of criminele daad levert het risico op uitzetting op.

Aalberts: "Je hebt er als illegaal geen baat bij crimineel te zijn, want dan loop je eerder de kans opgepakt te worden. Evenmin heb je er baat bij je te melden bij de sociale dienst, want ook daar word je geregistreerd en loop je dus het risico op uitzetting." Haar conclusie: "Het zijn misschien geen betere mensen, maar ze gedragen zich wel beter."

Overigens, hoeveel legalen zouden last hebben van de Nederlanders die voetstoots aannemen dat zij illegaal zijn? En hoeveel illegalen zouden last hebben van de Nederlanders die vinden dat ze last van hen hebben?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden