Review

Uit de vruchtbare aarde ontspruiten nieuwe vosjes

Nederlands Philharmonisch Orkest, Koor van De Nederlandse Opera, solisten olv Lawrence Renes met ’Het sluwe vosje’ van Janácek in een regie van Richard Jones op 15/1 Muziektheater Amsterdam. Daar t/m 6 februari. www.dno.nl

Als de boswachter zich aan het eind van Leos Janáceks ’Het sluwe vosje’ wellustig insmeert met vruchtbare zwarte aarde weet je dat die aarde voor hem nieuw leven symboliseert en niet alleen de dode grond waarin je begraven wordt.

Bariton Dale Duesing weet dit soort ideeën van regisseurs – in dit geval Richard Jones – om te zetten in volledig geloofwaardig theater. Tsja, good old Dale. De jaren maken hun tol op zijn stembanden nu wel erg duidelijk hoorbaar, maar nog altijd is Duesing een performer om te zoenen. Als boswachter in Janáceks ontroerend eenvoudige opera over grote zaken als leven, dood en vergankelijkheid is híj het die hart en ziel weet te raken, juist dóór al die jaarringen op zijn stembanden.

In dat jubelende slot in Des-groot wordt Duesing door het Nederlands Philharmonisch Orkest onder leiding van Lawrence Renes stralend begeleid. Het klinkt al even fantastisch als de beginmaten in As-groot, waarmee de componist ook in toonsoorten een levenscyclus creëert. Renes weet veel meer het specifieke coloriet uit Janáceks partituur te halen dan Ingo Metzmacher dat vijf jaar geleden kon toen deze enscenering van De Nederlandse Opera in première ging.

Scherp, puntig en dauwfris klonk het zaterdagavond met een uitstekend en alert reagerend NedPhO. Al die lastige hoge en open liggende passages in de strijkers kwamen er vlekkeloos uit, en Renes voelde feilloos aan op welke momenten Janácek wilde ver- dan wel ontroeren.

De enscenering heeft dankzij de geweldige decors en kostuums van Antony McDonald nog niets van zijn betovering verloren. Het legertje kleurrijke dieren dat over de bühne dartelt is een wonderschone mix van aaibaarheid en theatraal vernuft. Werkmieren doorkruisen het decor op een drafje en achteraan ploegen een zwart en een wit paard onverstoorbaar de akkers.

Daartussen zingt en springt het sluwe vosje lenig heen en weer. Zij krijgt weergaloos stem en lijf van Rosemary Joshua die wederom, net als vijf jaar terug, het stralende middelpunt is van de opera. Prachtig hoe zij mijmert over de liefdesverklaring van de vos. Met haar verzuchting ’ben ik echt zo mooi’ krijgt ze de allure van Minnie in Puccini’s ’La fanciulla del West’. In het liefdesduet worden deze dieren echte mensen zoals in de verhalen van Anton Koolhaas. Het is groots, en als om dat te benadrukken cirkelen grote rode planeten in het immense heelal erachter.

Het magische huwelijk tussen de twee vossen is in aanstekelijk groen uitgelicht. De andere dieren raken er zo opgewonden van dat een groot paringsritueel de bühne in lichterlaaie zet. Een onzichtbaar koor begeleidt met euforische, woordloze klanken.

Als het vosje door de stroper is neergeschoten ruimen aasvliegen de boel op en blijft er een hoopje rood stof over. Maar uit de vruchtbare aarde ontspruiten nieuwe vosjes, geen tijd om te treuren. Het is een boodschap van de oude Janácek die hard aankomt, maar ook oneindig veel troost biedt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden