Twijfel onmogelijk voor Serviërs

De Serviërs die zich achter Milosevic scharen, doen dat vanuit een volledig geloof in hun eigen hoogstaande cultuur. Net zoals in de Eerste Wereldoorlog vooraanstaande Duitsers weigerden te geloven dat de Duitse legers in België op vreselijke wijze huis hadden gehouden.

De reacties van zowel de aanhangers als de (voormalige) tegenstanders van de Joegoslavische president Milosevic op de crisis rond Kosovo, roepen in het buitenland het besef op dat de Servische bevolking niet in staat is in te zien aan wat voor vreselijke misdrijven het regime van Milosevic zich schuldig maakt. Veel Serviërs zijn geneigd te geloven dat de Kosovaarse misère het gevolg is van de Navo-bombardementen, en niet de oorzaak ervan.

Ter verklaring van de houding van de Servische bevolking en om ons te behoeden voor te gemakkelijke vooroordelen, wil ik een feit in herinnering roepen uit de Eerste Wereldoorlog, een oorlog die - zoals men weet - juist in de Balkan zijn wieg vond. Toen in augustus 1914 de Duitse legers het neutrale België binnenvielen om de Franse legers in de flank te kunnen aanvallen, schonden zij zonder scrupules het internationaal recht en tartten zij de reactie van alle staten die zich garant hadden gesteld voor die neutraliteit. Daar kwam bij, dat dit leger op een bijzonder gewelddadige manier tekeer ging, niet alleen tegen de vijandelijke troepen, maar ook tegen de Belgische bevolking: men ontzag geen burgerdoelen, burgers werden vermoord, op de vlucht gedreven, steden (Leuven) werden zwaar beschoten, kortom: het Duitse keizerrijk schond alle mogelijke conventies van oorlogsrecht.

Van al deze feiten maakte de geallieerde propaganda onmiddellijk en dankbaar gebruik, terwijl de Duitse media erover zwegen. Toch was niet te vermijden dat ook de Duitse bevolking ervan hoorde, foto's onder ogen kreeg en protestbrieven van Belgische, Nederlandse en Engelse professoren gericht aan hun Duitse collega's.

Deze protesten sorteerden echter een onthutsend effect: op 4 oktober 1914, meer dan een maand na het begin van de oorlog, verscheen in de Frankfurter Zeitung een lang artikel onder de titel 'Es ist nicht wahr!'. Daarin werd staalhard ontkend dat het Duitse keizerrijk de Belgische neutraliteit geschonden had, dat de Duitse legers op een barbaarse wijze tekeer waren gegaan, dat Leuven was gebombardeerd en dat Belgische burgers gedood waren of op de vlucht gedreven.

Omgekeerd werd gesteld dat dit alles leugens waren van de vijand, dat het Duitse keizerrijk altijd naar vrede had gestreefd, dat Duitsland veeleer het slachtoffer was van de agressie van de geallieerden, en uit zelfverdediging had gehandeld tegen de buitenlandse agressie.

Deze verklaring was getekend door de crème de la crème van de Duitse natie. Onder hen geleerden en kunstenaars die internationaal een onverwoestbare reputatie hadden en van wie er vandaag nog velen in wetenschappelijke en artistieke kringen bekend zijn: mensen als L. Brentano, Adolf von Harnack, Engelbert Humperdinck, Paul Laband, Karl Lamprecht, Max Planck, Wilhelm Rontgen, G. von Schmoller, Siegfried Wagner en Wilhelm Wundt, om er maar enkelen te noemen. Geen wonder dat deze ontkenning, deze omkering van de werkelijkheid, bij hun buitenlandse vrienden en collega's op onbegrip en woede stuitte.

Waren deze geleerden en kunstenaars door hun onvermogen om de waarheid te erkennen mede verantwoordelijk voor de oorlogsmisdaden van het Duitse keizerrijk? Droegen zij door die verklaring mede schuld aan de wreedheden begaan door de Duitse legers? Het ware te gemakkelijk op deze vragen zonder meer positief te antwoorden, zelfs al bleven velen onder hen dit standpunt verdedigen gedurende de vier jaren van de oorlog.

Het is, denk ik, veel juister te stellen dat zij misleid waren door het geëxalteerd nationalisme dat in Duitsland, maar ook in andere landen, aanwezig was. Misschien is zelfs dat een nog te gemakkelijke verklaring. Naar mijn oordeel waren het wellicht hun wetenschappelijke vorming, hun schitterende cultuur en hun hoogstaand moreel bewustzijn - gecombineerd met de actuele bedreiging die uitging van de oorlog - die het hun onmogelijk maakten in te zien wat werkelijk gebeurde. Om het geloof te bewaren in alles waar zij steeds voor gestaan hadden, vonden zij het nodig datgene te ontkennen dat zij voor onmogelijk hielden. Zij wilden niet geloven omdat zij ook niet konden geloven in wat werd beweerd. Dit is een overtuigende illustratie van wat Arthur Koestler de menselijke tweespalt heeft genoemd.

Zo bekeken is de wijze waarop de Serviërs de rangen sluiten en weigeren te geloven dat hun president en niet de Navo de grootste verantwoordelijkheid draagt voor de ellende van hele bevolkingsgroepen, geen indicatie van barbarij, maar juist omgekeerd: het geeft aan dat de Serviërs moeten worden beschouwd als een Europees geciviliseerd volk, waarvan de meerderheid misschien misleid is door nationalistische reflexen, maar ook zo overtuigd is van de waarde van de eigen cultuur en wetenschap, dat zij niet wil geloven in de genocide, omdat zij dat ook niet kán geloven. Bij het besluit van de Navo om op te treden tegen Milosevic hadden de politici beter rekening moeten houden met het effect dat het aan Servië opgelegde geweld kon hebben op de bevolking.

In dat opzicht ware het misschien beter geweest veel meer actieve steun te verlenen aan de oppositie tegen Milosevic dan de natie achter hem te verenigen door het uitvoeren van deze bombardementen. Wellicht is het ook voor de publieke opinie in het Westen goed rekening te houden met het voorbeeld uit 1914 om niet het gevaar te lopen dat onze crème de la crème even blind gelooft in de suprematie van onze cultuur en onze democratische instellingen als motief om oorlogshandelingen te verrichten.

Uiteindelijk zal de voortreffelijkheid van onze politiek niet gemeten worden aan de overwinning op het slagveld, maar aan het resultaat dat de verdrukte en verjaagde bevolkingsgroepen mogen verwachten: dat zij terug kunnen keren naar huis en verder in vrede en welvaart kunnen leven in een ontwikkeld Europa.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden