Tweede blik bij twijfel

'U bent slecht behandeld door Ernst Jansen Steur', zei de rechter deze week tegen acht oud-patiënten, 'maar hij heeft u niet hulpeloos gemaakt. Want u had nog altijd een second opinion kunnen aanvragen.' Werkt het zo in de praktijk?

Twijfel aan de diagnose van de dokter? Een van de mogelijkheden is de second opinion - de mening vragen van een andere arts. Voor patiënten is dit lang niet altijd een makkelijke stap - hoe reageert de eigen dokter daarop en is het geen geldverspilling? Het laatste argument wordt alleen maar belangrijker nu veel aandacht uitgaat naar hoge zorgkosten.

Maar het kan ook andersom uitpakken, zo leert de uitspraak deze week van de rechtbank Almelo tegen Ernst Jansen Steur. Drie jaar gevangenisstraf kreeg de voormalig neuroloog, voor het toebrengen van lichamelijk letsel aan zijn patiënten en voor het rechtstreeks veroorzaken van de zelfdoding van een van hen. Die straf wordt als fors gezien, maar had nog hoger kunnen uitpakken. Vrijgesproken werd hij van de aanklacht dat hij deze mensen 'in hulpeloze toestand' heeft gebracht en gelaten. Omdat, kort door de bocht gezegd, de patiënten dan wel forse klachten overhielden aan de misdiagnoses en verkeerde medicatie, maar nog steeds in staat waren een second opinion aan te vragen. En dus niet hulpeloos waren.

Volledig vertrouwen
"Dat is een merkwaadige redenering. Zo werkt het misschien wel in theorie, maar zeker niet in de werkelijkheid. En zo werkte het zeker niet vijftien jaar geleden toen deze zaak speelde", zegt Wilna Wind, directeur van de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie (NPCF). "Het ging om kwetsbare mensen, die een volledig vertrouwen hadden in hun arts. Dat is zeker niet de eerste groep die een second opinion aanvraagt. In feite is er sprake van een afhankelijkheidsrelatie. Dan is verzoeken om een second opinion toch echt te veel gevraagd."

De patiënten getuigden de afgelopen tijd bijna allemaal over hun grote vertrouwen in de arts. Ze reisden vaak ver juist om Jansen Steur - die bekend stond omdat hij gespecialiseerd was in alzheimer en parkinson - als behandelaar te krijgen. De stelligheid die hem nu wordt verweten - stijfkoppig vasthouden aan diagnoses ook al bleken de feiten anders - was destijds juist vertrouwenwekkend. Je was bij hem in goede handen, hij stond voor zijn patiënten en hij ging direct voor hen aan de slag.

Maar o wee als je eens twijfels durfde uitspreken over zijn aanpak - dan veranderde Jansen Steur van toon en vloog er wel eens een asbak door de spreekkamer. Het is juist die houding waardoor het voor patiënten heel moeilijk werd een tweede onderzoek aan te vragen. Achteraf zullen ze natuurlijk allemaal zeggen: hadden we dat maar gedaan. Zodra ze immers in andere handen kwamen dan die van Jansen Steur, bleek hun diagnose en benodigde behandeling heel anders uit te pakken. Vaak was dat te laat. Maar opvallend is dat, hoe lang de klachten ook aanhielden en hoeveel krasjes er door matige communicatie ook kwamen op het beeld van de superspecialist, de patiënten Jansen Steur jarenlang trouw bleven.

Geen belediging
Er is wel veel verbeterd, zegt Wind. Communicatie met de patiënt is belangrijker geworden. Artsen zeggen nu dat een second opinion heel gewoon is - die ziet de dokter al lang niet meer als een belediging. Sterker nog, ook de arts zelf kan het fijn vinden als zijn oordeel nog eens nader wordt bekeken. "Wij horen verhalen van patiënten die samen met de dokter een second opinion aanvragen en die samen overleggen over de uitkomsten", zegt Wind. Maar dat geldt nog lang niet voor alle medisch specialisten. "Het blijft moeilijk om zo'n onderzoek aan te vragen. Er zijn nu eenmaal ook dokters die reageren in de trant van 'dan gaat u maar naar een andere arts'. Een second opinion wordt dan toch nog opgevat als motie van wantrouwen. En je wilt als patiënt niet de vertrouwensrelatie met de arts beschadigen."

En er mogen dan tegenwoordig veel 'democratische' dokters zijn, een meldingsactie van de patiëntenfederatie leverde vorige week nog steeds veel klachten op over solistische dokters die de patiënten maar mondjesmaat informeren. Samen beslissen door dokter en patiënt, er is nog heel wat 'werk aan de winkel' volgens Wind. Uit dokterskring zijn ook geluiden te horen als 'wie extra onderzoek wil dat eigenlijk onnodig is, moet dat dan maar zelf betalen'.

Het Openbaar Ministerie kan in de zaak-Jansen Steur nog in hoger beroep. De eis was met zes jaar immers hoger dan de drie jaar cel die hij deze week van de rechter kreeg opgelegd. De aanklager zal dan ongetwijfeld net als de patiëntenfederatie zeggen dat een second opinion wel veel gevraagd was voor deze patiënten. Voor letselschadeadvocaat Yme Dros, die de zaak mede aan het rollen bracht en de patiënten bijstond, was dat direct na de uitspraak niet het belangrijkst. "Je kunt tegen die uitspraak zeker argumenten aanvoeren, maar er is nu een veroordeling. Dat is het belangrijkste voor de patiënten. Ik denk trouwens niet dat de straf hoger was uitgevallen indien dat argument van de second opinions niet was gebruikt." Voormalig patiënte Joke Prins bevestigde dat. "Hoe de straf ook uit zou vallen, voor ons verandert er weinig. Wij hadden destijds een groot vertrouwen. Wij worden niet beter van deze uitspraak. Ik hoop wel dat het een signaal geeft aan andere artsen."

Moeten patiënten nu massaal een second opinion aanvragen om zich in te dekken tegen een rechterlijke uitspraak? "Ik mag hopen van niet", zegt NPCF-directeur Wind. "Voor indekken is dat extra onderzoek niet bedoeld. Ik blijf patiënten dat alleen aanraden als ze echt denken dat het zinnig is. En het liefst in overleg met de behandelend arts. Gelukkig draait het hier om een uitzonderlijke zaak, die niets zegt over hoe artsen in Nederland te werk gaan."

Rechter over second opinion Jansen Steur
"Hetgeen daarover door de patiënten is verklaard komt er in de kern op neer dat zij geen second opinion hebben overwogen omdat zij vanwege de naam en faam die verdachte had op het vakgebied neurologie geen reden hadden om aan zijn deskundigheid te twijfelen. Hij was als het ware de autoriteit die niet met tegenspraak - voor zover de behoefte daartoe al bestond - diende te worden geconfronteerd.

Wellicht bemoeilijkte deze omstandigheid een andere verantwoorde keuze, maar zij maakte deze naar het oordeel van de rechtbank niet onmogelijk. Weliswaar was er sprake van hulpbehoevende patiënten, maar er was geen sprake van personen die zichzelf niet konden redden, waardoor zij niet in staat waren zichzelf adequate hulp te verschaffen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden