Review

Twee maal twee is vijf, als de Staat dat zegt. Het individu gaat ten onder in '1984'.

Niemand ontkomt aan Big Brother in de roman '1984' over een totalitaire staat. Het boek van George Orwell, het derde deel van de serie 'Romans uit een bewogen eeuw', is verrassend actueel. Een waarschuwing tegen te veel camera's en databanken.

Minstens één personage heeft George Orwell (1903-1950) ons nagelaten dat hemzelf en zelfs het jaar van zijn toekomstroman '1984' ruimschoots heeft overleefd: Big Brother, tegenwoordig merknaam voor allerlei exhibitionistische tv-programma's, maar daarnaast nog altijd het symbool van de totalitaire staat die ons dag in dag uit begluurt.

Hij heette eigenlijk Eric Blair en dat hij zich als schrijver George Orwell ging noemen correspondeerde met een drastische verandering van levensstijl. Hij werd geboren in India, toen nog onderdeel van het Britse rijk, in een ambtenarenfamilie met meer snobistische pretenties dan geld dat die pretenties rechtvaardigde. Na een verblijf in Burma wendde hij in de jaren dertig zijn tot dan toe door zijn burgerlijke afkomst bepaalde blik naar de onderkant van de maatschappij. Hij leefde in Londen doelbewust een tijdje onder zwervers, nam baantjes aan als afwasser en hopplukker, vocht in de Spaanse Burgeroorlog mee met de republikeinen. Het scherpte zijn gevoel voor sociale rechtvaardigheid, hij zwoer zijn bourgeois-gewoontes af, noemde zich socialist maar bleef toch te vrijheidslievend om communist te worden.

De schrijver George Orwell die in die tijd geboren werd, wilde 'proza als een vensterruit' schrijven, dat wil zeggen zijn lezers een heldere kijk op de wereld geven, voorwaar een journalistiek oogmerk en dat is Orwell ook altijd in wezen gebleven: journalist van het hoogste niveau. Zijn romans, waarvan 'Animal Farm' en '1984' eeuwige roem hebben verworven, zijn als het erop aankomt fabels, bedoeld als spiegel voor de samenleving.

Het centrale thema van '1984' is de totalitaire staat, die al onze bewegingen controleert, ons hersenspoelt, de omgeving om ons heen opzet om ons te bespioneren en te verlinken, kortom een wereld waarin alle individualiteit wordt uitgeschakeld. Hoofdpersoon is Winston Smith, die wel niet toevallig naar de oude staatsman zal zijn genoemd, want in hem gisten nog de idealen van de oude wereld van voor de 'Revolutie', die ergens in de jaren zestig zou hebben plaatsgevonden.

Big Brother (of zoals hij in de Nederlandse vertaling heet 'Grote Broer'), het hoofd van de staat Oceanië, waarin men duidelijk het oude Engeland herkent dat in de tussentijd is samengegaan met de beide Amerika's, is overal aanwezig, op aanplakbiljetten en als alziend oog, maar niemand die hem ooit te zien krijgt. Het is zelfs maar de vraag of hij werkelijk bestaat. Allicht is hij niet meer dan het masker van de Partij die het voor het zeggen heeft.

Het staatsapparaat ziet er zorgvuldig op toe dat de geschiedenis steeds weer naar believen herschreven wordt. Gebeurtenissen en personages die het niet welgevallig zijn worden gewoon weggeschreven, ze verdampen alsof ze er nooit zijn geweest. Wie mag blijven wordt geïndoctrineerd en gehersenspoeld tot hij geleerd heeft van 'Big Brother' te houden. Men moet leren dat twee maal twee vijf is, als de Staat dat zegt.

Het is een proces dat ook Winston Smith zal doormaken. Hij verzet zich tegen de alles overheersende macht van het staatsapparaat, sluit zich aan bij een verzetsgroepje, wordt verliefd op een andere dissident,

Julia, leest verboden lectuur, maar het blijken evenzovele vallen waarin hij door de Partij zelf gelokt is teneinde hem te ontmaskeren en vervolgens te folteren en te heropvoeden. Ten slotte zal hij in deze nachtmerrie gedwongen worden zijn liefde te verraden, en daarmee zijn identiteit, om zo een goed en getrouw staatsburger te worden. De slotregels van het boek luiden dan ook: 'Maar het was goed zo, alles was goed, de strijd was gestreden. Hij had de overwinning op zichzelf behaald. Hij had Grote Broer lief.'

Toen Orwell in 1949 zijn dystopie, dat is het tegendeel van een utopie, schreef, was het schrikbeeld van de totalitaire staat al bezig zich af te tekenen. De lezer herkent trekjes van het communistische staatsapparaat het portret van Big Brother met de grote snor doet denken aan Stalin, dat van de dissidentenleider Goldstein aan Trotski. Maar je proeft ook de invloed van andere, minder evidente instanties. Het Ministerie van Waarheid, dat de propaganda van de staatswaarheid en de besturing van de media regelt, heeft bijvoorbeeld wel wat weg van de BBC, en de bestrijding van seksualiteit doet in de verte denken aan Gandhi's propaganda voor kuisheid. Het is kortom niet alleen maar het communisme maar iedere vorm van totalitair denken, ook als het zich vermomt als democratie, waartegen Orwell waarschuwt.

Zo machtig is deze Staat dat hij niet eens de moeite hoeft te nemen zijn opzet te verhullen. Winston krijgt het tijdens zijn hersenspoeling te horen: 'Beeld je niet in dat je jezelf zult redden, Winston, hoe volledig je je ook aan ons overgeeft. Iemand die eenmaal is afgedwaald, wordt nooit gespaard. En zelfs als wij er de voorkeur aan zouden geven jou te laten voortleven tot aan je natuurlijke dood, zelfs dan zou je ons nog niet ontkomen. We zullen je zo grondig verbrijzelen dat je nooit meer overeind zult kunnen komen. Er zullen dingen met je gebeuren waarvan je nooit kunt herstellen, al werd je duizend jaar. Nooit zul je meer in staat zijn tot enig menselijk gevoel. Alles in je binnenste zal dood zijn. Nooit zul je meer in staat zijn tot liefde of vriendschap of levensvreugde of lachen of nieuwsgierigheid of moed of integriteit. Je zult hol zijn. Wij zullen je leegknijpen. En dan vullen we je met onszelf.'

Maar de benauwende kracht van '1984' ligt niet in het feit dat het de werkelijkheid van het sovjetregime of de voormalige Argentijnse junta zo angstwekkend realistisch in beeld brengt, maar dat het trekjes openbaart die wezenlijk zijn voor staat. Orwell staat op de bres voor het individu en waarschuwt ons tegen te grote staatsinvloed, te veel databanken waarin onze gegevens zitten, te veel camera's op straat, te veel controle, kortom tegen een tirannieke samenleving waar ook westerse democratieën tegenwoordig voor uit moeten kijken.

In '1984' wordt de capitulatie beschreven van een goedbedoelend individu voor de alles verpletterende macht van een bewind dat zegt de meerderheid van het volk te vertegenwoordigen. En gek, de val van het communisme heeft er in het geheel niet toe bijgedragen dat '1984' nu gedateerd overkomt, integendeel het lijkt intussen actueler dan ooit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden