Tussen namaak en innerlijke waarheid

Wat is kunst? Die vraag probeert Arthur C. Danto, Amerikaans filosoof en kunstcriticus, in zijn laatste boek te beantwoorden. Hoe verhoudt Danto zich tot zijn beroemdste voorgangers?

MARC VAN DIJK

Plato

(ca. 427-347 v. Chr)

Kunst is onbelangrijke namaak-natuur

Eeuwenlang was 'de nabootsing van de natuur' een eis waar kunstwerken aan moesten voldoen - kunst moest 'net echt' zijn. Op basis van die eis werd 'nabootsing' ook deel van bijna alle vroege definities van kunst. De Griekse filosoof Plato omschreef kunst dan ook als 'imitatie'.

Zoals Danto nuchter opmerkt was Plato enkel negatief geïnteresseerd in kunst. Kunst was in Plato's ogen de laagste vorm van kennis, gelijk aan weerspiegelingen, schaduwen, dromen en illusies.

Plato's personage Socrates kon zich doodergeren aan lesmateriaal dat gebaseerd was op uitspraken van dichters, die weliswaar mooi klonken, maar elk logisch bewijs ontbeerden. In Plato's ideale staat zou dan ook geen ruimte zijn voor kunstenaars, vanwege hun geringe praktische nut. Kunstenaars dienden zich ook niet met moreel onderwijs bezig te houden, omdat hun kennis slechts op schijn gebaseerd was - ze konden wel een tafel natekenen, maar geen tafel maken. Dit terwijl filosofen zich baseerden op de werkelijkheid.

Zijn Plato's ideeën nog bruikbaar?

Sinds fotografie en film ons in staat stellen om ook zonder artistieke gaven of ambachtelijke vermogens zeer natuurgetrouwe afbeeldingen te maken, is de kunst talloze andere richtingen ingeslagen. Imitatie kan dus geen deel meer uitmaken van een algemene definitie van kunst, stelt Danto, er is ontzagwekkend veel kunst die geheel niet aan deze eis voldoet.

undefined

Immanuel Kant

(1724-1804)

Kunst is als een universeel moreel oordeel

De Duitse Verlichtingsdenker Immanuel Kant besteedt op verschillende manieren aandacht aan kunst, of beter: aan esthetiek. In zijn 'Kritiek van het oordeelsvermogen' schrijft hij onder meer dat kunst een vorm van 'vrije schoonheid' kan zijn. Die kan je ook vinden in de natuur, in bloemen of vogels bijvoorbeeld. Daarnaast meende Kant dat kunstwerken overeenkomsten kunnen vertonen met universele morele oordelen. Schoonheid kan dan een symbool van zedelijkheid worden.

Aan het slot van zijn theorie over het oordeelsvermogen introduceert Kant bovendien een nieuw begrip waar Danto uitvoerig op ingaat: geest of esprit. Een schilderij kan voldoen aan de eisen van goede smaak (wat die eisen op een bepaald moment ook zijn), maar toch tekortschieten omdat het geen esprit heeft. Esprit is het vermogen om in een kunstwerk een idee weer te geven voor en door de zintuigen. Een idee 'vlees laten worden', als het ware. Danto schrijft ter illustratie: 'In vergelijking met Rembrandt ontbreekt het bijna alle Nederlandse schilderijen aan esprit.'

Zijn Kants ideeën nog bruikbaar?

De rol van smaak is bij Kant essentieel. Daardoor lijkt zijn visie voor de hedendaagse kunstbeschouwer niet zo nuttig. Want, zoals Danto schrijft, 'slechte smaak is artistiek acceptabel' en zelfs kalliphobia (aversie of haat tegen schoonheid) 'wordt op zijn minst gerespecteerd.'

Maar juist in dat begrip 'esprit, het inspirerende principe van de geest', was Kant zijn tijd volgens Danto ver vooruit. Alleen al omdat het erop wijst dat kunst een cognitieve dimensie heeft.

undefined

Georg Wilhelm Friedrich Hegel

(1770-1831)

Kunst is een stadium van de geest

In Hegels magnum opus 'Fenomenologie van de geest' (Phänomenologie des Geistes) vindt 'de geest' aan het einde van een lange zoektocht wat hij is. Kunst is in Hegels filosofie een stadium van de geest, net als filosofie en religie.

Hegel maakt een onderscheid tussen de schoonheid van de natuur en de schoonheid van de kunst: alleen de schone kunsten zijn immers 'uit de geest geboren en herboren'. En de geest verdeelt hij dan weer in de 'objectieve' en de 'absolute' geest. De objectieve geest omvat alles wat als het ware is neergeslagen, objectief gemaakt (taal, architectuur, kleding, meubelstukken).

Danto legt het uit aan de hand van Warhols Brillo-dozen: als verpakkingsmateriaal in de winkel waren ze enkel 'objectief'. Maar als kunstwerk - exact nagemaakt door Warhol - zijn ze 'absoluut': ze maken de objectieve geest bewust van zichzelf.

Van 'goede smaak' heeft Hegel geen hoge dunk. Zo schrijft hij: 'de smaak bleef slechts aangewezen op de uiterlijke, door gewaarwordingen omspeelde oppervlakte' en 'de zogeheten goede smaak vreest alle diepere uitwerkingen, en zwijgt wanneer de zaak zelf ter sprake komt en de uiterlijkheden en bijzaken verdwijnen.'

Zijn Hegels ideeën nog bruikbaar?

Kritiek op Hegel wordt breed uitgemeten (hij zou te eurocentrisch zijn en zijn eigen cultuur boven alles verheffen). Toch hebben slechts weinig filosofen zo uitputtend gedacht over esthetiek. En zijn neiging om een grootse, opgaande lijn te zien is in elk geval bruikbaar gebleken voor Danto, die zich een beetje gedroeg als een mini-Hegel (gaf hij zelf ook toe).

undefined

Arthur Coleman Danto

(1924-2013)

Kunst is belichaamde betekenis

In april 1964 presenteerde de Amerikaanse pop-artist Andy Warhol het eerste grote project dat hij in zijn 'Silver Factory' had vervaardigd. Op een expositie in de Stable Gallery toonde hij de 'Brillo Boxes' (Brillo-dozen), exacte kopieën van verpakkingen van een metaalpoetsmiddel. De multiplex dozen waren bedrukt met zeefdrukken van foto's van de bovenkant en vier zijkanten van de Brillo-doos.

Danto's filosofische interesse in de hedendaagse kunst is ontstaan toen hij die tentoonstelling bezocht en dat werk zag. 'Ik vroeg me onmiddellijk af wat het verschil was tussen die dozen en de echte Brillo-dozen uit de supermarkt, waar ze visueel tenslotte zo op leken. De vraag was niet of je het verschil kon zien, maar wat het verschil was, hetgeen filosofen een ontologische kwestie noemen, en die vroeg om een definitie van kunst.'

Warhols dozen bleven zijn leven lang ijkpunt. Danto was ervan overtuigd dat de kunst in een nieuwe fase was beland. 'De vraag wat kunst is, werd een heel andere kwestie dan die ooit in de geschiedenis geweest was. Dat komt doordat de kunst, met name in de late twintigste eeuw, haar innerlijke waarheid ging onthullen. Het is alsof de geschiedenis van de kunst, na eeuwen van vooruitgang, eindelijk haar ware aard openbaarde.'

Zijn Danto's ideeën nog bruikbaar?

Danto is bijna net zo prettig om te lezen als de grondlegger van de kunstgeschiedschrijving, de Italiaan Giorgio Vasari, die de meesters van de Renaissance beschreef. Zoals Vasari dacht dat de kunst zijn volmaakte, onovertrefbare hoogtepunt had bereikt in zijn tijdgenoot en persoonlijke vriend Michelangelo, zo zag Danto in Marcel Duchamp en Warhol genieën die het spel voorgoed veranderd hebben. 'Tegen de tijd dat Duchamp en Warhol van het toneel waren verdwenen, was alles in het concept kunst anders. Ruim gezien waren we de tweede fase van de kunstgeschiedenis binnengetreden.'

undefined

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden