Tussen Beverly Sills en Rose Bampton lag een slechte zomer

Alweer een zomer voorbij. En wat voor een! En dan heb ik het even niet over triviale zaken als weinig zonuren, veel regenwater per vierkante meter en nog zo wat weerwederwaardigheden. Meer dan een zomer vol gesneuvelde KNMI-records, werd dit een zomer waarin nog nooit zoveel beroemde zangers sneuvelden, of bijna sneuvelden.

Om in die laatste categorie te beginnen: Luciano Pavarotti kwam in het ziekenhuis terecht, lag daar even in kritieke toestand, en is inmiddels weer thuis. De persberichten waren echter dusdanig van toon, dat menig muziekjournalist waarschijnlijk alvast begonnen was aan het opstellen van een passend in memoriam.

Het schrijven van een in memoriam behoort tot de spannender taken van een journalist. Soms moet er in minder dan twee uur een steekhoudend, lezenswaardig én (liefst) persoonlijk verhaal komen. Soms ben je net leeggeschreven over de ene beroemdheid, gaat er een paar uur later nóg een groot kunstenaar hemelen. De filmjournalisten konden er deze zomer over meepraten toen Ingmar Bergman en Michelangelo Antonioni op dezelfde dag besloten het voor gezien te houden.

Vorige zomer moest ik zelf zo’n race-tegen-de-klokverhaal schrijven toen Elisabeth Schwarzkopf stierf. Zij was dan ook wat wij in krantenjargon een A-dode noemen: iemand wier naam niet alleen bij doorgewinterde kenners van de zangkunst bekend is.

Deze zomer dus veel vocaal verdriet, maar hoe beroemd ook in bepaalde kringen, voor de krant vielen de definitief uitgezongenen allemaal in de B-categorie. En dus hoefden er geen pagina’s te worden leeggeruimd voor Beverly Sills, Régine Crespin, Jerry Hadley, Teresa Stich-Randall en Nicola Zaccaria. Sopraan Sills, The American Queen of Opera, haalde de krant op onze Naschrift-pagina’s, evenals de onfortuinlijke tenor Hadley. Sopraan Stich-Randall, ooit een grootheid aan de Wiener Staatsoper, en bas Zaccaria, collega van Callas, werden in de krant doodgezwegen, evenals de grote Française Régine Crespin. Vooral dat laatste was natuurlijk jammer, want Crespin geldt in dit rijtje als de meest bijzondere zanger. In het dagelijkse gevecht om ruimte in de krant sneuvelde Crespin meedogenloos.

Voor de Amerikaanse alt Rose Bampton, die als laatste deze zomer op 99-jarige leeftijd overleed, heb ik maar geeneens meer een poging gewaagd. Ach ja. Bampton. Ik koester een opname (Philadelphia, 1932) van Schönbergs ’Gurrelieder’ waarop zij onnavolgbaar de Waldtaube zingt. In de Brusselse Munt begint Peter de Caluwe morgen met ’Gurrelieder’ zijn intendantschap. Grootser en megalomaner kun je bijna niet uitpakken. Op 12 september mee te maken in Amsterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden