Turner wist de zon te vangen

Bij hoge uitzondering is het werk van William Turner in Nederland te zien, in twee musea tegelijk. Een ode aan het sublieme.

Kun je nu nooit meer naar de zon kijken zonder aan William Turner te denken? En komen bij donkere luchten en onstuimige golven vanzelf zijn schilderijen op het netvlies? Het zijn gedachten die opkomen na een bezoek aan de dubbeltentoonstelling over zijn werk. Misschien komt het ook door het weer: het ene moment een intens felle zon, dan weer dreigende donderwolken. De grootsheid van de natuur en de nietige mens; het is een oeroud thema in de kunst.

Hoe kan het toch dat Turner dat op zo'n sublieme manier wist vast te leggen in verf, mooi en huiveringwekkend tegelijk, dat het nog altijd tot de verbeelding spreekt? Dat je haast zeeziek wordt van zijn schilderijen van kleine bootjes in kolkende zeeën. Duizelig en tegelijk verrukt van de explosies van zonlicht die hij op het doek heeft getoverd.

Bij hoge uitzondering is het werk van Joseph Mallord William Turner (1775-1851) nu in Nederland te zien. Museum de Fundatie in Zwolle en Rijksmuseum Twenthe in Enschede tonen vanaf vandaag zo'n zestig schilderijen en aquarellen van deze kunstenaar, die in Groot-Brittannië een status heeft die vergelijkbaar is met die van Rembrandt in Nederland.

De Fundatie, dat als enige museum in Nederland een werk van Turner in de collectie heeft, had deze dure expositie nooit alleen kunnen organiseren, zegt directeur Ralph Keuning. Door samen te werken met Rijksmuseum Twenthe en dankzij steun van de Turing Foundation en andere fondsen, is het gelukt.

De elementen

De musea hebben de werken verdeeld naar de vier elementen. De schilderijen en aquarellen met de thema's water en vuur zijn te zien in Zwolle. Daar staat het zeegezicht centraal. In Enschede ligt de nadruk op aarde en lucht en worden vooral de landschappen getoond.

De tentoonstellingen zijn afzonderlijk te bezoeken, maar als je Turner in Zwolle hebt gezien wil je meteen door naar Enschede, en omgekeerd. Allebei verdienen ze ook een bezoek, omdat Turner onvoldoende recht wordt gedaan met alleen zijn zeegezichten of landschappen.

Beide musea plaatsen de kunstenaar in de lijn van de Europese kunstgeschiedenis. Er zijn maar weinig schilders die zoveel invloed hebben gehad als Turner. Hij stond aan de wieg van de Romantiek, maakte van het landschap een volwaardig genre, wordt gezien als de vader van moderne kunst en abstractie en inspireert tot op de dag van vandaag kunstenaars.

Op zijn beurt heeft Turner goed gekeken naar zijn voorgangers. Hij zag zichzelf als de opvolger van zeventiende-eeuwse zeeschilders als Willem van de Velde de Jonge en Ludolf Bakhuizen. Alleen schilderden die naar de realiteit, terwijl het bij Turner ging om de beleving van de natuur en het besef dat de mens daaraan overgeleverd is. Het ontzag voor de natuur en de bewondering, de combinatie van gevaar en schoonheid - in de kunst ook wel het sublieme genoemd - wilde hij vertalen in verf.

En daarin ging Turner heel ver. Het verhaal gaat dat hij zich ooit liet vastbinden aan de mast van een schip om zo een storm op zee te ervaren. Voor zijn landschappen spiegelde hij zich onder meer aan Aelbert Cuyp en Claude Lorrain. Maar ook hier koos hij voor een andere benadering. Hij maakte eenzame en soms barre tochten naar de mooiste plekken van Europa, zoals Venetië en de bergen van Zwitserland. Tal van schetsboekjes krabbelde hij vol. Ze laten zien hoe Turner met één verfstreek een diepe kloof kon weergeven. In zijn atelier gebruikte hij de schetsen om de sfeer van de plekken en zijn beleving weer op te roepen voor zijn schilderijen.

Beide musea maken de sleutelrol van Turner zichtbaar door zijn werken te presenteren naast die van voorgangers, tijdgenoten en navolgers. Dat levert naast logische ook verrassende combinaties op die nogal intuïtief lijken gekozen.

Het idool

In de 'waterzaal' pakt dat goed uit met de stormachtige zeeën van Ludolf Bakhuizen, Lieve Verschuier en Gustave Courbet, een abstract schilderij van Gerhard Richter, recent werk van Raquel Maulwurf en een spectaculaire zee van Kees van Bohemen. Een onbekende in dit gezelschap is de Israëlische computerkunstenaar Eyal Gever, die met 3D-prints watervallen en andere elementen uit Turners werk verbeeldt. Conservator Karin van Lieverloo 'ontdekte' hem toen ze Turners invloed op hedendaagse kunstenaars onderzocht. Net als zijn idool wil Gever het mooie van de natuur tonen, maar ook de verschrikkingen. Waar Turner een vulkaanuitbarsting schilderde maakt Gever een zwarte rookwolk, gestold in acrylglas.

In de 'vuurzaal' lijkt de balans wat zoek. Daar worden Turners schilderijen van een vulkaanuitbarsting en grote branden bijna weggeblazen door een metersgroot doek met knallende kleuren van Robert Zandvliet met daarnaast ook nog Armando's bloedstollende 'Paysage Criminelle'. Een zinderende zaal. Subliem.

Ingetogener

In Rijksmuseum Twenthe is de presentatie ingetogener. Daar ligt de nadruk op de ontwikkeling die Turner heeft doorgemaakt. Hij begon met romantische landschappen, maar ging steeds losser en ruiger schilderen. Dat viel niet in goede aarde bij rijke Britten die aanvankelijk dweepten met de volkse Turner, die zijn carrière begon als topografisch tekenaar.

Turner had lak aan de critici. De contouren van zijn landschappen werden steeds vager. Aarde en lucht begonnen in elkaar over te vloeien. De watervallen in Schaffhausen (1845) bracht Turner terug tot een werveling van kleuren, precies zoals hij het had ervaren. Enkele jaren daarvoor had hij High Street in Oxford geschilderd. De mistige contouren doen eerder denken aan silhouetten van twee bergen met een kloof ertussen, dan aan een stadsstraat.

Ook op de aquarellen en schilderijen die hij vanaf 1840 van Venetië maakte, verdwijnen gebouwen, mensen en boten gaandeweg in een zee van licht. Turner was gefascineerd door het (zon)licht. Talloze schetsen en notities zijn bewaard gebleven die tonen dat hij de werking van het licht eindeloos bestudeerde.

De zon wilde hij schilderen, maar dan niet meer als gloeiende bol aan de hemel. Het ging hem om de ziel van de zon, de kern van het licht wilde hij vatten in verf. Hoe langer hij naar de zon keek, hoe oogverblindender het licht op zijn doeken. 'The sun is God', realiseerde hij zich op zijn sterfbed.

***** 'Gevaar & schoonheid. Turner en de traditie van het sublieme' t/m 3 januari in Zwolle (Museum de Fundatie) en Enschede (Rijksmuseum Twenthe).

'The Scarlet Sunset', circa 1830-1840, aquarel en gouache op papier (13,4 x 18,9 cm), Tate Britain Londen.

Nederlands landschap

Turner maakte meerdere reizen naar Nederland om het landschap, het water en de luchten te bekijken die hij had leren kennen van de schilderijen van Aelbert Cuyp en zeeschilders als Willem van de Velde de Jonge. "This made me a painter", zou hij hebben gezegd bij het zien van een prent naar een werk van deze zeeschilder. Zijn schetsboeken, ook te zien op de tentoonstelling, staan vol krabbels en tekeningen van onder meer het Paleis op de Dam in Amsterdam, de Sint Laurens en Hofpoort in Rotterdam en de Grote kerk in Dordrecht. Als ode aan Cuyp maakte hij in 1818 het schilderij 'Dort' dat sterk lijkt op Cuyps gezicht op Dordrecht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden