TURKSE EN MAROKKAANSE LEERKRACHTEN GEWENST/WERVING ALLOCHTONEN

Voor de kinderen zijn zij een goed voorbeeld en met de ouders hebben zij geen taalproblemen. Turkse en Marokkaanse leerkrachten zijn meer dan welkom. Klein probleem: de allochtone leraar is nauwelijks te vinden. Of de nieuwe plannen van het ministerie van onderwijs daar verandering in kunnen brengen is zeer de vraag.

Vier op de vijf scholen werkt uitsluitend met Nederlandse leerkrachten. Van het totale aantal leerkrachten is slechts 1 procent allochtoon. Het aantal Turken en Marokkanen in die groep is niet groot. Vooral in de vier grote steden is het tekort nijpend.

Het gevolg is dat de afstand tussen de leerkrachten en de ouders kan blijven groeien. Want in veel gevallen kunnen zij elkaar niet verstaan en zijn zij niet op de hoogte van elkaars culturele gewoonten. Seliba, een Turkse studente aan de pedagogische academie (pabo): “Als ik stage loop op een school zijn er veel allochtone ouders die speciaal naar mij toekomen en bijvoorbeeld naar de prestaties van hun kinderen vragen. Ik kan uitleg geven in hun eigen taal, dat geeft vertrouwen. Veel meer dan de Nederlandse leerkrachten zijn wij hun aanspreekpunt.” Hassan Ayi, OET-leerkracht (onderwijs in eigen taal) aan de Narcis Querido school in de Amsterdamse buurt Bos en Lommer, benadrukt nog een ander belang van allochtone leraren. “Anders hebben de gekleurde leerlingen op school bij wijze van spreken alleen schoonmakers als voorbeeld. Bovendien kunnen wij de Nederlandse collega's over onze waarden en normen vertellen. Zo had een collega van mij op dierendag zijn hond mee naar school genomen. Voor de allochtone kinderen is het niet zo'n probleem, maar hun ouders vinden honden vaak vies. Als je ouders bij de school wilt betrekken, moet je ook met dat soort kleine dingen rekening houden.” De overheid heeft grote verwachtingen van allochtone leerkrachten. Volgens minister Van Boxtel van het grote-steden- en integratiebeleid kunnen zij een belangrijke rol spelen bij de bestrijding van de problemen in de achterstandswijken. Want zij zouden zowel de situatie van de ouders als de eisen van de Nederlandse samenleving begrijpen. Onlangs maakte Van Boxtel zelfs bekend allochtone stagiaires van de pedagogische academies te willen inzetten.

Maar waar hij die vandaan wil halen, is een raadsel. Want hoewel het aantal allochtone studenten aan de pabo's licht is gestegen, blijft hun percentage zich rond de 1 procent bewegen. A. Broer van Dijk, beleidsmedewerker personeelszaken onderwijs in Amsterdam Oud-West: “In het verleden heb ik regelmatig pedagogische academies gebeld met de vraag of zij nog Turkse of Marokkaanse leerkrachten wisten. De behoefte op onze basisscholen is groot. Maar de spoeling is erg dun. Ook gericht adverteren onder die doelgroepen heeft daarom niet veel zin.”

Het geringe aanbod heeft meerdere oorzaken. In de eerste plaats hebben allochtone leerlingen die de havo of het vwo afmaken vele mogelijkheden. Vwo'ers gaan over het algemeen naar de universiteit, want dat is in hun ogen het echte werk. In Marokko bijvoorbeeld bestaat de hogeschool niet.

Bovendien maken de allochtone studenten de opleiding vaak niet af. J. Verhallen, voorzitter van de raad van bestuur van de Interconfessionele pabo in Amsterdam: “Door de taalproblemen moeten allochtone studenten veel moeite doen het diploma te halen. Zo was hier bijvoorbeeld een paar jaar geleden een studente die nooit met haar familie meeging op vakantie naar Marokko. Zij bleef in Nederland om in een winkel te werken. Niet in de eerste plaats voor het geld, maar om Nederlands te kunnen praten. Zij heeft het uiteindelijk gehaald, maar die inspanning is niet door iedereen op te brengen.”

De maatregelen die in het verleden zijn genomen, hebben deze situatie niet kunnen veranderen. Verhallen: “Aan het eind van de jaren tachtig is een project gestart waarbij hoger opgeleide allochtonen moesten worden omgeschoold tot leraar. Het was de bedoeling dat 75 studenten zich zouden inschrijven, van wie er ongeveer 30 het eerste jaar moesten afstuderen. Maar die cijfers zijn bij lange na niet gehaald. Daarom zijn wij ermee gestopt. En ook de verkorte omscholing aan het begin van de jaren negentig heeft een vroegtijdig einde gevonden. We moeten oppassen niet steeds weer mogelijkheden te creeren voor mensen die niet bestaan.”

Toch zijn de voorbereidingen voor een nieuw offensief op het ministerie van onderwijs in volle gang. Binnenkort wordt het plan 'Meer allochtoon onderwijspersoneel' naar de Tweede Kamer gestuurd. Volgens het ministerie is het van groot belang beter gebruik te maken van allochtone netwerken als de moskee of het buurthuis bij de werving van studenten. En ook moet de instroom van allochtone leerkrachten opnieuw op de agenda van de schoolbesturen. Want zij zijn immers verantwoordelijk voor hun eigen personeelsbeleid.

Verder zoekt het ministerie de oplossing in voorlichtingsvideo's en nieuwe lesprogramma's. En ook is het inzetten van allochtonen met diploma's die zij in het buitenland hebben gehaald een mogelijkheid. Ten slotte moet een tijdelijke 'help desk minderheden' op centraal niveau de maatregelen begeleiden. En mocht het aantrekken van leerkrachten dan nog niet lukken, dan zijn er altijd mogelijkheden allochtone leerlingbegeleiders aan te stellen die 'functioneren als de schakel tussen de leerling en zijn omgeving.' Leerkracht Hassan Ayi vindt dat ook meer gedacht moet worden aan de doorstorming van OET-leraren.

Maar nu al is duidelijk dat de basisscholen niet enthousiast zijn over de nieuwe plannen. F. Bommels, directeur van de Leonardo da Vinci school in Amsterdam: “Voor ons is afkomst geen wervingscriterium. Het is handig als iemand Turks of Marokkaans spreekt, maar als hij niet met mensen kan omgaan, heb je er nog niets aan. Het tekort aan leerkrachten betekent niet dat je iedereen maar moet aannemen. Hoe je het ook wendt of keert, zowel de mondelinge als schriftelijke beheersing van de Nederlandse taal is erg belangrijk.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden