Turkse artillerie beschiet Koerdische strijders in Syrië

Beeld AFP

Premier Erdogan heeft de aanval geopend op Koerdische strijders in Syrië. De Amerikanen zien liever dat de Turken zich richten op de strijd met IS.

President Erdogan dreigde er al langere tijd mee, maar gisteren voegde hij de daad bij het woord. In de Syrische regio Afrin liet hij artilleriebeschietingen uitvoeren. En daarmee is de aanval op Afrin, een Koerdische enclave in het noordwesten van Syrië, 'de facto' begonnen, zoals de Turkse minister van defensie Nurettin Canikli, gisteren meldde. Hij benadrukte dat er geen Turkse troepen Afrin waren binnengetrokken, maar dat Ankara vastbesloten is om alle 'terreurnetwerken in Noord-Syrië te vernietigen'.

Volgens de Koerdische YPG die in de regio de dienst uitmaakt, zouden donderdagnacht al verschillende Koerdische dorpjes in de regio bestookt zijn. De Koerdische militie is woedend en stelde in een statement dat ze 'klaarstaan om de Turkse troepen, als ze het wagen aan te vallen, een voor een te begraven'.

De Turkse regering had al langer haar vizier op Afrin gericht omdat het de toenemende Koerdische invloed langs haar grens vreest. Ze beschouwt de YPG als verlengstuk van de Koerdische PKK waarmee Ankara in eigen land een strijd voert. Maar de plannen voor een aanval kwamen in een stroomversnelling terecht toen de Verenigde Staten eerder deze week aankondigden een grensmacht van 30.000 man te stationeren langs de Syrische en Iraakse grens. Daarbinnen zal een grote rol voor de YPG zijn weggelegd.

Zinloze opmerking

Met deze Syrian Border Security Force (BSF) - door de Turken 'terreurleger' genoemd - hopen de Verenigde Staten de gebieden die veroverd zijn op Islamitische Staat onder controle te houden. De VS maanden de Turken om zich vooral te concentreren op de strijd tegen IS en geen militaire actie in Afrin uit te voeren. Maar dat advies van haar Navo-bondgenoot sloeg de Turkse regering dus in de wind. "De dreiging van IS is zowel in Syrië als in Irak verdwenen", zei minister Canikli gisteren. "Een focus op IS is dus een zinloze opmerking."

Turkije en de Verenigde Staten trokken in de Syrische burgeroorlog lange tijd samen op tegen het regime van Assad. Maar Ankara zocht de laatste tijd steeds meer toenadering tot Iran en Rusland die Assad juist steunen. Zo schuift Ankara aan bij het overleg dat die twee landen organiseren over de toekomst van Syrië.

De Turkse legerleider Hulusi Akar en het hoofd van de geheime dienst, Hakan Fidan, vlogen aan de vooravond van de operatie in Afrin dan ook niet naar Washington maar naar Moskou. Daar spraken ze af om te overleggen over het gebruik van het luchtruim.

Hoe de Turkse aanval op Afrin er verder uit gaat zien, is gissen. Maar het lijkt er in elk geval op dat op het ingewikkelde schaakbord van Syrië weer een nieuw front is geopend.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden