Opinie

Tsjechov komt minder cynische 'Platonov' toe

Zou het zo zijn dat elke Tsjechov-liefhebber zijn eigen Platonov creëert? Deze dorpsonderwijzer uit het eerste grote toneelstuk van de schrijver, een jeugdwerk uit 1881 (Tsjechov was toen 21) kent een levendige opvoeringstraditie. Dat was ruim een eeuw geleden anders: na negatieve kritiek borg Tsjechov het stuk diep weg in een lade, waar het pas 20 jaar na zijn dood uit tevoorschijn kwam.

Deze filosoof zonder idealen en verveelde vrouwenjager die zijn beste vrienden de horens opzet of diep beledigt, is de onstuimige versie van latere personages als Vanja ('Oom Vanja'), Trofimov ('Kersentuin') en Trigorin ('De Meeuw'). Toch zit hij menigeen aan het hart gebakken. Voor mij werd dat verzorgd door Bert Luppes in 1992 bij het Onafhankelijk Toneel, maar ook Jacob Derwig (een voorstelling die ik miste) schijnt dat in 2000 bij 't Barre Land velen te hebben aangedaan.

Het lijkt me zeer de vraag of dat Herman Gilis bij het Ro en regisseur Alize Zandwijk is gelukt. De kans is trouwens groot dat zij dat ook absoluut niet hebben beoogd bij deze nieuwe enscenering van het stuk. “Ik vond het wel een leuke voorstelling“, hoorde ik een jongen na afloop aan zijn vriendin verklaren, en daarmee sloeg hij de spijker op de kop. Het feest ter ere van de nieuwe zomer bij de generaalsweduwe Anna Petrovna, nadat iedereen een half jaar de Russische winter in hun berenhol heeft doorgebracht, is even hilarisch als pijnlijk in zijn dolle verkleedpartijen en doodgeslagen stiltes. Maar het grote venijn van Zandwijk ligt in het bittere commentaar op de personen in dit moorddadig eindigende drama.

Anneke Blok als Anna is een grove, kettingrokende nymfomane die vanaf het begin een sterk gevoel van antipathie oproept. Sergei, haar zoon (Lucas Smolders) is eerst grappig, tot hij een jammerlijke hansworst blijkt in de handen van Platonov. De lieve Sasja, Platonovs vrouw, van Hannah van Lunteren wordt langzamerhand een hysterische engerd die zwaar gestoord met de fietsjes en driewielertjes van hun zoontje rondsleept.

Zo gaat het verder: Sofja, vrouw van Sergei, wordt ondanks de voortreffelijke actrice Katelijne Damen, een gênant speeltje van Platonov; bij Cees Geel als de jonge arts Triletski leveren de woede en de traagheid een onbegrijpelijk irritant personage op. Natuurlijk, alle acteurs, te beginnen bij Gilis zelf als Platonov, leveren hun bijdrage aan een goed verzorgde voorstelling in een smaakvol oudhouten decor van Russische snit van Guus van Geffen en kostuums van uitgesproken 19de-eeuws tot modern van Thomas Ruppert. Maar dit is zó verschríkkelijk tónéél. En dan de boodschap: “Tsjechov: een moderne dolende in een ondergaande wereld“, en: “Het manische van Platonov is absoluut herkenbaar in onze tijd, mensen van vijfentwintig die al opgebrand zijn“. Zelfs politici zouden zich wellicht voor dit soort one-liners toch wel een beetje schamen. Onze toneelmakers in Rotterdam (en daar niet alleen) smíjten met dit soort uitspraken alsof het theater daar vanaf hangt. Zou het misschien weer es wat minder mogen, gewoon voorstellingen waardoor je begeesterd of intens verdrietig raakt?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden