Tsjadische dictator na 25 jaar voor de rechter

Historisch proces tegen Hissène Habré voor uniek hof in Senegal

Een kwart eeuw wist Hissène Habré (72) zich in Senegal te verstoppen voor vervolging in Tsjaad, het land dat hij tussen 1982 en 1990 met ijzeren vuist regeerde. Maar juist in zijn veilige Senegalese haven zal de ex-dictator vandaag voor een bijzondere Afrikaanse rechtbank worden gesleept wegens oorlogsmisdaden, marteling en standrechtelijke executies tegen politieke tegenstanders en bepaalde etnische groepen in Tsjaad.

"Zelfs als je de zus van een politieke tegenstander was, of als je buurman beweerde dat je niet van de president hield, kon je al worden gearresteerd", vertelt Mahamat Hassan Abakar in de pas verschenen documentaire 'Parler de Rose' over de gruweldaden door Habré's politieke politie, de beruchte DDS. Abakar, hoofd van de nationale onderzoekscommissie naar de misdaden van Habré: "Uit ons onderzoek is gebleken dat 40.000 mensen zijn gedood in de acht jaar dat hij aan de macht was."

De getuigenissen van slachtoffers zijn huiveringwekkend. "Ze zetten elektrische kabels op mijn borsten. Ik viel flauw van de pijn", vertelt een vrouw in de documentaire. Beelden van uitgehongerde, graatmagere gevangenen komen voorbij. "Ze goten water in mijn keel en schopten me hard in mijn maag", vertelt een man.

Toch zijn die getuigenissen bij veel zaken tegen oorlogsmisdadigers in Afrikaanse landen de achilleshiel: er is vaak nauwelijks papieren bewijs. Maar de Canadees Reed Brody van Human Rights Watch vond in 2001 met een onderzoeksteam duizenden documenten op de vloer van een verlaten, geheim politiebureau in de Tsjadische hoofdstad N'Djamena. Verslagen van verhoren, dagrapporten van mensen die stierven in de gevangenis. Brody trof namen aan van 13.000 mensen die zijn gemarteld of gearresteerd zonder aanklacht.

"We hebben het over één van de best gedocumenteerde oorlogsmisdaden in Afrika", zegt Brody vanuit de Senegalese hoofdstad Dakar, waar honderd Tsjadiërs vandaag het begin van een decennialange strijd voor gerechtigheid hopen te aanschouwen. "De documenten zijn de perfecte routemap richting Habré. De DDS moest constant rechtstreeks aan hem rapporteren."

Dit proces is om meer redenen uniek. Niet alleen wordt Habré na 25 jaar toch berecht, het gebeurt ook nog bij de Buitengewone Afrikaanse Kamer (Extraordinary African Chambers). De eerste grensoverschrijdende Afrikaanse rechtbank gesteund door de Afrikaanse Unie. De ultieme test voor Pan-Afrikaanse rechtspraak, zoals tribunaaldeskundige Thijs Bouwknegt onlangs schreef.

De EAC wordt al hoopvol beschreven als de Afrikaanse tegenhanger van het Internationaal Strafhof in Den Haag (ICC). Dat wordt door steeds meer Afrikaanse leiders afgeschilderd als neokoloniaal, omdat het enkel Afrikanen heeft aangeklaagd. Dus is er steeds minder medewerking met het ICC, sabotage zelfs.

Voor slachtoffers van Habré telt maar één ding: zij hopen hun beul vandaag in het beklaagdenbankje te zien. De grote vraag is echter of hij werkelijk zal verschijnen. Brody: "Dat is nog niet bevestigd. Wel is vrijwel zeker dat hij niets zal zeggen." In de lange opmaat naar deze eerste procesdag - er zijn meerdere rechtsgangen aan voorafgegaan - hield de ex-dictator zijn lippen ook stijf op elkaar. Zijn advocaten hameren erop dat Habré gedwongen wordt mee te werken en dat het proces een wraakactie is van Idris Déby, Tsjaads huidige president die hem in 1990 verdreef.

"Het belangrijkste is dat de overlevenden, nabestaanden en burgerorganisaties de architecten van dit proces zijn", benadrukt Brody. "Bij andere zaken tegen Afrikaanse leiders voel je politieke belangen. Maar dit is het werk van mensen als Souleymane Guengueng, die vanuit van zijn cel heeft gezworen gerechtigheid te eisen, en Clement Abeifouta, die gedwongen werd graven te maken voor vermoorde gevangen. Hun inzet zal elke vorm van cynisme ondergraven."

Wie is Hissène Habré?

"De wreedste door de Verenigde Staten gesteunde dictator waar u nooit van heeft gehoord", zo omschrijft Reed Brody de Tsjadische ex-dictator Hissène Habré die in 1942 in de woestijn van noordoost-Tsjaad werd geboren. Nadat hij met een regeringsbeurs had gestudeerd aan de Sorbonne in Parijs, werd hij naar Libië gestuurd om een Tsjadische rebellenbeweging aldaar te bestrijden.

In plaats daarvan voegde hij zich bij ze en greep in 1982 de macht in Tsjaad. Hij kreeg hulp van de VS en Frankrijk, die graag een krachtig figuur in de regio zagen tegen de Libische leider Moamar Kadafi. In 2008 kreeg hij in Tsjaad de doodstraf opgelegd. In 2013 werd hij door de Senegalese politie gearresteerd. Vandaag zal hij voor de rechter verschijnen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden