Trots Nordholt niet gegrond volgens rapport

Van een onzer verslaggevers AMSTERDAM - Hoofdcommissaris E. Nordholt van de Amsterdamse politie is 'trots' op zijn korps, laat hij in het interne Korpsbericht weten. Het rapport Van Traa heeft op hem een 'degelijke indruk' gemaakt. En de redactie van het blaadje stelt dat Van Traa 'korte metten' heeft gemaakt met het voor Amsterdam zo kritische rapport Wierenga. “Uiterst elegant is dat de grond in geboord.”

De vraag of het Amsterdamse korps en zijn korpschef Nordholt door de uitkomsten van het Van Traa onderzoek zijn gerehabiliteerd, is er een die net zo moeilijk te beantwoorden is als: is de fles half vol of half leeg? Ja, Amsterdam heeft anders dan de commissie Wierenga concludeerde, terecht de omstreden Delta-methode - waarbij grote partijen drugs door toedoen van de politie op de Nederlandse markt kwamen - gestaakt. Maar schrijft Van Traa ook, Amsterdam had daartoe nooit het Interregionale rechercheteam (IRT) mogen opheffen.

Een samenvatting van Van Traa-citaten over de rol van Amsterdam bij de opheffing van het IRT en de houding van de leiding in de crisis daarna:

- “Ongetwijfeld hebben de hoofdrolspelers bij de Amsterdamse politie, Nordholt, Van Riessen, Welten en Van Kastel (de recherchechefs, red.) zich te weinig op de hoogte gesteld van het onderzoek en de opsporingsmethoden van het IRT vlak voor en na juni 1993 (bij de overdracht van het IRT aan Amsterdam).”

- “De Amsterdamse driehoek (officier van justitie, korpsbeheerder en korpschef, red) was niet in staat met initiatieven te komen ter verbetering van de situatie. Naar andere oplossingen is niet meer gezocht. De politie in Amsterdam bleek niet in staat effectief een einde te maken aan de toepassing van de methode.”

- “Als nasleep van de IRT-affaire bestaan moeizame verhoudingen tussen het kernteam Amsterdam (opvolger van het IRT, red) en het kernteam Randstad Noord en Midden.”

- “De korpsleiding in Amsterdam had na het verschijnen van het rapport van de commissie Wierenga meer inspanningen kunnen plegen om te trachten de IRT-strijdbijl te begraven en hernieuwd samen te werken met de andere regio's in het ressort.”

- “De verhouding tussen het openbaar ministerie en de korpsleiding is gecompliceerd. De korpsleiding heeft er soms moeite mee het gezag van dat openbaar ministerie te aanvaarden. Dat is in ieder geval gebleken in Amsterdam en Utrecht. Korpschefs hebben de afgelopen jaren er te weinig blijk van gegeven zich te realiseren dat zij onder het gezag van het openbaar ministerie en het beheer van de korpsbeheerder staan. Ze hebben geen onafhankelijke bevoegdheden en zijn geen zelfstandige regisseurs van het veiligheidsbeleid.”

Het zijn heldere vaststellingen van de commissie, en harde conclusies. Het Amsterdamse korps vindt het oordeel van de commissie-Wierenga onterecht en eenzijdig, en verwachtte meer van Van Traa, die meer tijd had en over getuigen onder ede kon beschikken. Een rehabilitatie voor Amsterdam lijkt er niet in te zitten, en aan de commissie kan het dit keer niet liggen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden