Troost voor mindere dagen

Ze schreef en regisseerde romantische en soms hilarische films. Haar eigen ongeluk was vaak haar inspiratie.

Bijna was de ontmoeting tussen Harry en Sally aan ons voorbijgegaan. Dan hadden we nooit gehoord van hun jarenlange gebekvecht, noch van Sally's uitzinnige 'Yes! Yes! Yes!', rammend op een restauranttafeltje in een van de beroemdste filmscènes ooit.

Toen schrijfster Nora Ephron in 1987 helemaal was vastgelopen in een filmscenario, kreeg ze een telefoontje dat haar oom Hal was overleden. Die oom was stinkend rijk, meende de familie. Nora zou nooit meer een pen op papier hoeven zetten, dacht ze. Met haar zussen kibbelde ze al over het geld toen bleek dat de oom slechts enkele tienduizenden dollars had nagelaten, waarvan de helft voor de huishoudster. Dus haar script moest toch af. Achteraf een groot geluk, noteerde Ephron in 'Mijn leven als erfgename', opgenomen in haar laatste columnbundel. Het leidde tot de romantische komedie 'When Harry met Sally', wereldwijd een groot succes. De film zou haar leven veranderen.

Nora Ephron, de oudste dochter van scenarioschrijvers Henry Ephron en Phoebe Wolkind, moest wel schrijfster worden, vertelde ze vaak in interviews. Haar moeder was pas geïnteresseerd in wat haar vier dochters meemaakten als ze er een goed verhaal van hadden gemaakt, voorzien van een punchline, een rake slotzin. "Alles is kopij", hield ze hun voor. Nora nam het ter harte. "Als je over een banaan uitglijdt, lachen mensen je uit, maar als je achteraf vertelt dat je over een banaan bent gegleden, dan wordt het een grap, met jou als de held."

Ephron werd geboren in 1941 in New York en op vijfjarige leeftijd door haar ouders meegetroond naar Beverly Hills. Haar jeugd tussen de bohémiens van Zuid-Californië was gelukkig tot haar vijftiende: haar moeder veranderde op slag in een zuiplap. "Het is heel verwarrend om ouders te hebben die aan de drank zijn. Het zijn je ouders dus hou je van ze. Maar het zijn dronkelappen dus haat je ze."

Nora droomde toen al van een schrijfcarrière. Ze ging terug naar de oostkust om te studeren en liep stage op het Witte Huis (volgens haarzelf was ze de enige stagiaire die president Kennedy nooit heeft proberen te versieren). Ze belandde in de journalistiek, maar besloot begin jaren tachtig om scripts te gaan schrijven, vooral omdat iedereen in de journalistiek dat toen deed en er geld mee te verdienen was. Ze debuteerde met 'Silkwood' (over een klokkeluider), waarvoor ze een Oscarnominatie ontving.

Haar tweede huwelijk liep mis. Haar man, de van Watergate bekende verslaggever Carl Bernstein, begon een affaire terwijl zij zeven maanden zwanger was. Dat verwerkte ze in een hilarisch en giftig boek, 'Heartburn', dat ze later bewerkte tot een film met Meryl Streep en Jack Nicholson. "Op slechte dagen bel ik Meryl nog wel eens", vertelde ze in 2004. "Dan komt ze en valt ze voor me in. Ze is zo goed dat bijna niemand het merkt. En als ik dan aan het einde van de dag informeer hoe mijn dag was, is het onvermijdelijk een van de beste dagen van mijn leven geweest."

Ephrons grote doorbraak kwam met 'When Harry met Sally' (1989). Zelf bagatelliseert ze haar aandeel in de beroemdste scène in die film: Meg Ryans gespeelde orgasme in een restaurant. Zij verzon het gespreksonderwerp, dat mannen er geen idee van hebben als vrouwen doen alsof. Maar Ryan kwam met het idee om dat ook te laten zien, en Billy Crystal kwam met de punchline: een oudere dame verderop die tegen de ober zegt: "I'll have what she's having" - geef mij maar wat zij heeft.

Daarna volgden 'Sleepless in Seattle' en 'You've got mail', zonnige romantische komedies. In 1987 trouwde ze voor de derde keer - weer een schrijver, Nicolas Pileggi, en deze keer gaat het goed. Haar ervaring dat er ook mannen zijn die wel kunnen genieten van een echtgenote die carrière maakt, leidde tot haar achtste (en laatste) film die ze zelf regisseerde: 'Julie & Julia' over keukenprinses Julia Child, weer met Meryl Streep. Het was een ode aan het huwelijk en aan Ephrons tweede grote passie, koken.

Als schrijfster diende ze decennialang als de evenknie van Julia Child troostrijk voedsel op: troostfilms en vooral trooststukjes die getuigen van Ephrons levenskunst. Op latere leeftijd schreef ze het meest over de ouderdom, maar zonder valse opgewektheid. Ephron schreef over gekreukelde ellebogen, over kalkoenhalzen ('ons gezicht is een leugen, onze hals spreekt de waarheid'), over vergeten filmtitels en vele andere beslommeringen. Haar tong blijft scherp en haar zelfspot groot.

In haar laatste columnbundel, 'Daar staat mij niets van bij', noteert ze op de laatste bladzijden de dingen die ze zal missen en de dingen die ze niet zal missen van het leven. Niet: haren wassen, enquêtes waaruit blijkt dat 32 procent van alle Amerikanen in creationisme gelooft, het geluid van de stofzuiger, forums over vrouwen in film. Wel: twinkelende lichtjes, een wandeling in het park, het idee van een wandeling in het park, 'Pride and Prejudice', in bad gaan.

Wat haar bewonderaars nu moeten missen: een nieuwe film of bundel van Nora Ephron.

Nora Ephron werd geboren op 19 mei 1941 in New York City. Daar stierf ze op 26 juni 2012.

Nora Ephron 1941 - 2012

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden