Opinie

Troetelkind in West, kop-van-jut in oost

Protest in Polen tegen homo's. 'Liefde is hetero' staat er op het spandoek geschreven.Beeld reuters

Het Westen eist van Oost-Europa dat het homo's accepteert, als lakmoestest voor vrijheid en democratie. Nationalistische Oost-Europeanen zien homo's als het symbool van de verwestersing van hun samenleving.

Het orakel uit Gdansk heeft vorige maand weer eens gesproken. Meestal schenkt de wereld niet meer zoveel aandacht aan de gedachtenkronkels van Lech Walesa, maar dit keer was het anders. Hij sprak namelijk over homo's. Homoseksuelen, zo betoogde hij, behoren in het parlement op de achterste bankjes te zitten. En eigenlijk zelfs daar niet. "Nog verder, achter de muur."

Hier sprak niet zomaar iemand. Hier sprak de winnaar van de Nobelprijs voor de vrede. Voor de jongere lezers: Walesa was de legendarische leider van Solidariteit, de al even legendarische Poolse vakbond die in de jaren tachtig het communisme op de knieën dwong. Uitgerekend Lech Walesa, het symbool van democratie in Oost-Europa, maakte aan de hand van homo's duidelijk wat volgens hem democratie betekent: "Ze moeten weten dat ze een minderheid zijn en zich in die minderheidspositie schikken."

Een storm van verontwaardiging raasde door de media. Wat gebeurt daar eigenlijk in het Oosten, waar minderheden worden verwezen naar een symbolisch getto?

Muilkorfwet
De opwinding zegt niet alleen iets over de jonge democratieën in het Oosten. Het zegt ook veel over ons, de 'oude' democratieën in het Westen. Want waarom slaan wij zo fel aan, als er homorechten in het geding zijn? Het zij ze gegund, onze warme belangstelling voor hun zaak, maar al die opwinding is opmerkelijk tegen de achtergrond van ander leed en andere, vaak grotere problemen.

Goed, er klonk wel wat gemor toen in het Oosten 'sterke' leiders de media de duimschroeven aandraaiden. De nationalistische Hongaarse premier, Viktor Orbán en zijn socialistische Slowaakse collega, Robert Fico, zijn in veel opzichten elkaars tegenpolen, maar over één ding zijn ze het roerend eens: de media moet je kort houden. Ook in Polen is de persvrijheid geen vanzelfsprekendheid: een muilkorfwet voor de media is voorlopig gesneuveld in het parlement. De nieuwe president van Tsjechië, Milos Zeman, heeft wel oren naar zo'n persbreidel, getuige zijn inaugurele rede, waarin hij het belangrijkste kwaad in zijn land typeerde als: "Godfather-maffia's, neonazi's en een substantieel deel van de media."

Opveren
Het koor der publieke verontwaardiging laat een verveeld gebrom horen als etnische minderheden in Oost-Europa in de hoek worden gezet. Romawijken achter een muur? Tsja, dat hebben we al zo vaak gehoord. Een Slowaakse politicus speelt de Hongaarse kaart? Tsja, het zijn wilde stammen daar in het Oosten. Poolse nationalisten die het anti-Duitse sentiment bespelen? Verwacht niet al te veel ophef als het binnenkort weer raak is.

Wat doet de West-Europese media-consument dan wel opveren? Duizenden Polen die maanden in voorarrest zitten, om ze te laten 'zingen' wat het OM wil horen? Vrouwen die gedwongen worden een kind te baren, omdat geen arts een legale abortus durft uit te voeren? Het miserabele lot van zwartwerkende gastarbeiders uit de voormalige Sovjet-Unie?

Deurwaarders die willens en wetens onschuldige mensen ruïneren, omdat ze dezelfde naam hebben als een schuldenaar en daarbij wat spaarcenten in plaats van schulden? Kinderen die doodgaan aan een onbenullige blindedarmontsteking, omdat de gezondheidszorg een bureaucratische puinhoop is? Bedrijven die worden doodgetreiterd door belastingambtenaren, tuk op een premie en onschendbaar als blijkt dat ze een onschuldige hebben gemangeld? Duizenden gewone Polen die merken dat de rechtsstaat een papieren doolhof is, als hun processen zich jarenlang voortslepen?

Nee, wij veren op als het woord homo valt. Schrijf een artikel met als kop 'Pools parlement lacht om homo' en je staat boven aan de lijst van best gelezen artikelen.

Symboolfunctie
Met argusogen volgen we de gay prides en regenboogmarsen in Riga, Moskou, Belgrado, Warschau. Wordt de demo verboden? Zijn er meer kale koppen dan vrolijk uitgedoste queers? Provoceert de politie?

De bron van deze aandacht ligt waarschijnlijk in de symboolfunctie die de homobeweging heeft gekregen. De strijd van homoseksuelen om erkenning illustreert ons veranderde begrip van democratie: emancipatie van steeds nieuwe groepen, mondigheid jegens het gezag en het recht van het individu om zijn eigen identiteit uit te dragen. De homobeweging verbindt al deze verworvenheden. Daarmee is het een lakmoesproef geworden voor vrijheid en democratie, maar ook een extra horde in het voormalige Oostblok.

Het ideaal waarvoor Walesa streed was een katholieke sociaal-democratie. Met de nadruk op sociaal, want democratie stond niet zo hoog op het verlanglijstje. De beroemde 21 postulaten van de stakende arbeiders van Solidariteit waren vrijwel allemaal materiële eisen, net als bij eerdere protesten en stakingen onder het communisme. De populariteit van het 'reëel bestaande socialisme' was omgekeerd evenredig met de prijs van een varkenskotelet.

Ook toen Walesa in 1990 president van Polen werd, bleek democratie lastig. Hij deed alles om het parlement buitenspel te zetten. Onlangs blikte hij terug. Sprekend over zichzelf in de derde persoon, vergeleek hij zichzelf met Jozef Pilsudski, de vooroorlogse dictator en vader des vaderlands: "Pilsudski en Walesa hebben dezelfde fout gemaakt. We geloofden in de democratie. Pilsudski moest een staatsgreep plegen om orde op zaken te stellen. Ik bevond me in een soortgelijke situatie."

Oude reflexen
De Oost-Europeanen pakten in 1990 de draad op waar ze gebleven waren in 1939, toen overal de democratie aan de kant was geschoven door heren met snorren en uniformen (met als uitzondering voormalig Tsjechoslowakije). De daaropvolgende oorlog en communistische dictatuur waren evenmin een leerschool voor democratische deugden.

Oude reflexen spelen op. The winner takes it all, de minderheid is ondergeschikt aan de meerderheid. Wie de macht verovert, betaalt met publieke middelen zijn politieke cliëntèle. Media moet je kort houden.

Checks and balances staan efficiëntie in de weg. De rechterlijke macht moet dienstbaar zijn.

Dit zijn moeilijk af te leren reflexen, en dan komen daar nog eens de verworvenheden van onze jaren zestig en zeventig bij. Gezag, autoriteit en hiërarchie blijken niet eeuwig. Instituties als kerk, huwelijk, vaderland en familie brokkelen af. De machoman is niet langer de onbetwiste baas.

En alsof dat allemaal nog niet genoeg is, paraderen er homo's door de straten.

Democratie zonder democraten
Voor de meeste mannen die achter het IJzeren Gordijn op de barricaden stonden, is dat een brug te ver. Walesa ondervindt het tanende manbeeld aan den lijve. Zijn vrouw, Danuta, schreef onlangs een boek over haar eenzame leven met vijf kinderen en een man die nooit thuis was. Het werd prompt een bestseller. Walesa's zoon sust de media door plechtig te verklaren dat pa's opvattingen over homo's niet die van Walesa junior zijn.

"Het is maar goed dat Walesa niet wist waarvoor hij streed", zo vatte mijn eigen echtgenote het optreden van de oud-president samen. Een treffender analyse heb ik niet gehoord. Walesa was het er zelf trouwens ook mee eens: "Eigenlijk heb ik verloren. Dit is niet het Polen waarvoor ik heb gestreden."

Walesa is niet de enige die zich verloren voelt. De Tsjechische politicoloog Ji¿í Pehe trok onlangs een vergelijking met 1918, toen de Tsjechoslowaakse president Tomáš Masaryk verzuchtte: "Nu hebben we wel een democratie, maar geen democraten." Pehe: "Tot op zekere hoogte zijn de postcommunistische lidstaten van de EU zelfs twintig jaar na de val van het communisme nog altijd democratieën zonder democraten."

Als je dat in je achterhoofd houdt, heeft Centraal-Europa het de afgelopen kwarteeuw wonderbaarlijk goed gedaan. In het gebied van Estland tot en met Slovenië functioneren democratie en rechtsstaat (van matig tot zeer goed). En wat nog belangrijker is voor de stabiliteit: de welvaart is aanzienlijk gestegen. Ook schreden richting nieuwe zeden zijn zichtbaar in het publieke debat. Dat gaat over partnerschapscontracten, de scheiding tussen kerk en staat, abortus, euthanasie, vrouwenquota in politieke partijen (niet in het bedrijfsleven, want daar zijn de voormalige Oostblokkers een stuk geëmancipeerder dan Nederlanders), ongetrouwd samenwonen, het gebruik van voorbehoedsmiddelen, ivf, legalisering van cannabis. Enfin, de Oost-Europeanen zijn druk bezig ook op deze terreinen aan te sluiten bij de rest van Europa.

'Politiek correct'
Zijn de woorden van Lech Walesa daarmee geneuzel van een oude held in nieuwe tijden? Niet helemaal. Hij raakte namelijk wel degelijk een gevoelige snaar. Uit de bovengenoemde citaten van Walesa distilleert een Nederlandse lezer al snel een autoritair heerschap dat niets opheeft met democratie. Niets is minder waar. Walesa is in de Poolse context geen extremist. Hij betuigt regelmatig zijn steun aan de huidige regering van de liberale premier, Donald Tusk. Hij waarschuwt regelmatig voor de nationalist Jaroslaw Kaczy¿ski, en diens katholiek-conservatieve 'morele' revolutie. Zijn omstreden opmerkingen sluiten niettemin naadloos aan bij diezelfde 'morele' revolutie, die eigenlijk een contrarevolutie is tegen snelle veranderingen.

Een opiniepeiling van de krant Rzeczpospolita liet zien dat 31 procent van zijn landgenoten Walesa's opvattingen over homo's deelt. Walesa zelf deed er nog een schepje bovenop: "99 procent van de Polen denkt er net zo over als ik, alleen gedragen mensen zich politiek correct."

Comeback extreem-rechts
Er bestaat een tegenreactie, een onderstroom die zich keert tegen klakkeloze verwestersing. Hier worden nieuw zelfbewustzijn en nationale trots gepredikt. Dit kan de vorm aannemen van een conservatief-autoritaire revolutie à la Orban (Hongarije) of Kaczynski (Polen), een Europa-vijandige vrijemarktadept als Vaclav Klaus (Tsechië), of - zonder anti-Europees sausje - links populisme in Robert Fico-stijl.

Ook voor deze tegenbewegingen zijn homo's bruikbaar als politiek symbool. Dat is het best zichtbaar bij extreem-rechts, dat bezig is met een comeback. Het zoekt houvast bij oude zekerheden. Die zijn in de regio tussen Duitsland, Oostenrijk, Rusland en Turkije - de grote mogendheden van weleer - niet van het opwekkende soort: we zijn vernederd door onze grote buurlanden, dus moeten we waakzaam zijn. We zijn altijd afgestraft voor onderlinge verdeeldheid, dus het volk moet een eenheid vormen. We hebben nooit een overheid kunnen vertrouwen, dus worden we ook nu vast weer bedonderd. We zijn altijd het slachtoffer geweest, maar ons leed wordt niet erkend. Generaties voor ons hebben gestreden voor de onafhankelijkheid, dus moeten wij die onafhankelijkheid nu verdedigen tegen Brussel.

Symbolen om eenheid te smeden
In deze atmosfeer van angst en zelfoverschatting groeien bewegingen die de namen dragen van hun vooroorlogse voorgangers. Ze houden van marcheren, reltrappen en provoceren. Hier kan een gefrustreerde jeugd haar onvrede ventileren over het gezapige, kleinburgerlijke bestaan van een generatie die zich met hard werken heeft ontworsteld aan de communistische armoede.

Uiteraard heeft iedere zichzelf respecterende extremist symbolen nodig. Positieve, maar vooral negatieve symbolen, om eenheid in de eigen gelederen te smeden. Voor de oorlog konden de Pan-Poolse jeugd, de Nationale Wedergeboorte en aanverwante clubs zich uitleven op de Joden. In de jaren dertig slaagden ze erin Joodse studenten te verbannen naar een uithoek van de collegezalen, het zogeheten bankjesgetto. Kort daarop verbanden de nazibezetters de Joden achter de muren van echte getto's, alvorens ze helemaal te laten 'verdwijnen'. Het resultaat is dat er vrijwel geen Joden meer zijn in Polen en het politiek moeilijk scoren is met antisemitisme.

Wie kan er anno 2013 dan wel als zondebok dienen? U raadt het al. De homo's, het symbool van al die veranderingen die zoveel angst inboezemen. Naast Keltische kruizen, getande zwaarden en witte adelaars verschijnt bij elke mars steevast een nieuw logo: 'Verboden voor flikkers'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden