Tribunaal: Genocide in Srebrenica

DEN HAAG - In juli 1995 heeft in Srebrenica genocide plaatsgevonden. Radislav Krstic is daaraan medeplichtig, maar was niet de hoofdverantwoordelijke. De beroepsrechters van het Joegoslavië-tribunaal veroordeelden de voormalige Bosnisch-Servische generaal daarom tot 35 jaar celstraf, minder dan de 46 jaar die rechters hem in augustus 2001 in eerste instantie hadden opgelegd. Krstic was tot nu toe de enige verdachte die voor het Joegoslavië-tribunaal is verschenen, die veroordeeld was wegens genocide. In andere zaken werd door de rechters genocide niet bewezen geacht óf liet de aanklager de aanklacht wegens genocide vallen. Dat gebeurde onder meer in de zaak tegen de Bosnisch-Servische Biljana Plavsic, nadat zij schuld had bekend op een ander punt van de aanklacht.

In het hoger beroep tegen Krstic verwierpen de rechters het argument van de verdediging dat in Srebrenica in juni 1995 geen volkenmoord heeft plaatsgevonden.

Tegelijkertijd besliste de beroepskamer dat Krstic weliswaar medeplichtig is geweest aan genocide door het beschikbaar stellen van manschappen en materieel, maar dat hij de volkenmoord niet heeft gepland en ook niet de 'intentie' had tot het geheel of gedeeltelijk uitroeien van de moslims van Srebrenica. Daarom is zijn verantwoordelijkheid 'significant' lager dan volgens het vonnis in eerste aanleg, aldus Meron. De beroepsrechters zijn daarom ook niet ingegaan op de eis van de aanklagers, die in beroep waren gegaan omdat zij een levenslange gevangenisstraf voor Krstic wilden.

Krstic werd in december 1998 opgepakt door militairen van Sfor, de internationale troepenmacht in Bosnië. Hij stond op een geheime lijst van verdachten van het Joegoslavië-tribunaal. Hij was, zij het nog maar kort, commandant van het Drina-Korps - een van de zes korpsen van het Bosnisch-Servische leger - toen besloten werd om Srebrenica, de enclave in Oost-Bosnië die officieel onder bescherming van de VN viel, te veroveren. Daarbij vielen duizenden doden.

Zelf heeft Krstic (56) steeds volgehouden dat hij weliswaar de verovering van de enclave Srebrenicaheeft gepland, maar dat hij niets te maken had met de moorden en executies die daarna hebben plaatsgevonden. Dat was het werk van mensen als de Bosnisch-Servische legerleider Ratko Mladic en andere 'zieke geesten', zo zei hij. Ook de Kamer van Beroep benadrukte in haar vonnis de rol van Mladic, die al sinds 1995 door het tribunaal wordt gezocht, maar nog steeds voortvluchtig is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden