Trein zonder koffie

Medio dit jaar verdwijnt het koffiekarretje uit de trein. De Nederlandse Spoorwegen zijn niet langer bereid de tekorten op deze dienstverlening - jaarlijks vijf miljoen euro - nog bij te passen. Reizigers zijn voor hun koffie en broodjes voortaan aangewezen op de stations. Reizigersvereniging Rover noemt het besluit van de NS 'een verdere verschraling van het product treinreizen'.

Anton van Kalmthout geldt als een railtender of treinsteward van het eerste uur. Sterker nog: de huidige hoofddocent straf- en vreemdelingenrecht aan de katholieke universiteit van Tilburg claimt de uitvinder te zijn van de trolley. Dat is de snackmobiel op wieltjes, gevuld met koffie, bier, wijn, frisdranken, broodjes, koek en snoepgoed, die nu nog op acht procent van de (snel)treinen in Nederland door de circa 500 medewerkers van Albron Travel Catering over de gangpaden wordt voortbewogen.

Na zijn eindexamen gymnasium mocht Van Kalmthout op voorspraak van een kelner bij Wagons Lits in juni 1963 als plongeur mee op de autoslaaptrein naar Avignon.

Na enkele maanden mocht Van Kalmthout als coupé-kelner mee op de Mediterranee-expres, de trein van Den Haag naar Genua. ,,Daar heb ik vele jaren tijdens mijn studententijd, van mei tot september, op gezeten. Mijn taak was om de ruim duizend passagiers in de coupés van drank en spijzen te voorzien. Dat deed ik samen met Simon, een oudere kelner die, als hij niet dronken was, prachtige gedichten schreef.''

Hun werkwijze was uiterst primitief. Van Kalmthout: ,,We droegen elk een metalen kan waar ongeveer twintig kopjes koffie in gingen. In onze kelnerjasjes zaten de suikerklontjes, houten roerstokjes en bekertjes. In de andere hand hielden we een kannetje melk vast. Niet bepaald efficiënt. Meestal slaagden we er dan ook niet in om in de achterste coupés te bereiken. Telkens moesten we terug om nieuwe koffie te halen. Vervolgens waren er onderweg weer andere dorstigen die onze voorraad opmaakten. Toch was dit de methode die in alle nationale en internationale treinen werd toegepast.''

Tijdens een van de vele werkbesprekingen, ergens in 1964, bedachten de koffieverkopers een handigheidje. ,,Wij ontwikkelden een karretje waarmee we precies door het gangpad konden rijden en een grote hoeveelheid drank konden vervoeren. Het mobiele deel was het onderstel van een oude kinderwagen met zo'n grote vering. Daarop bevestigden wij enkele houten bierkistjes met vakruimte voor bekers, lepeltjes, suikerklontjes en eetvoorraad. De koffie haalden we voortaan uit een reusachtige container waar minstens tweehonderd koppen uit konden. En er was ook nog ruimte voor bier en frisdrank.''

Het karretje werd door de een voortgetrokken via een touw aan de voorkant. De ander hield de zaak in balans aan de achterkant. ,,Het succes was overweldigend'', herinnert Van Kalmthout zich. ,,Onze omzet steeg gigantisch, hetgeen ook de directie in Amsterdam niet ontging. We kregen bonussen en extra maandsalarissen. Ook mochten we nieuwe producten uitproberen, zoals Limburgse vlaaitjes. Ooit verkochten we op één reis liefst achthonderd vlaaitjes. Tot schrik van veel collega's op andere treinen. Die kregen voortdurend te horen dat ze bij lange na niet presteerden wat die twee van de Mediterranee konden.''

Lange tijd hebben de twee hun geheime wapen, het karretje van Anton en Simon, afgeschermd. ,,Terug in Den Haag ging het karretje achter slot en grendel in een apart hok. Daar kwam niemand anders aan. Dankzij dit karretje heb ik mijn studie klassieke talen zonder veel schulden kunnen voltooien, en heeft Wagons Lits forse winsten gemaakt. Stom genoeg hebben we nooit octrooi aangevraagd voor onze uitvinding.''

Pas in 1970 werd de koffieschenker op wieltjes gemeengoed op de treinen in Nederland. Later, begin jaren negentig, is nog kortstondig geëxperimenteerd om met een soort minibar door de trein te gaan. Zonder succes. De omzet viel tegen, maar belangrijker nog: het keukentje-in-een-dop kon niet tegen de voortdurend schommelende trein.

Vandaag de dag heeft de trolley veel aan populariteit ingeboet. Slechts vierhonderd van de dagelijkse 5000 treinen in Nederland zijn nog voorzien van een railtender. Circa 20 000 reizigers nemen per dag de moeite koffie en/of een broodje te kopen. Cateraar Albron ondervindt steeds meer concurrentie van de vaste verkooppunten op de stations, die de jaaromzet van tien à twaalf miljoen euro doen stagneren. Een oudgediende rekende voor dat hij tegenwoordig een dagomzet heeft van tweehonderd tot vierhonderd euro, tegen vijftienhonderd gulden vroeger.

Ook is het voor de treinstewards steeds lastiger werken in de vaak overvolle treinen. In de spits staan ze vaak noodgedwongen stil. Met de bestelling van nieuwe treinstellen hebben NS al geen rekening meer gehouden met de cateringservice. Liften naar de boven etage ontbreken. De aankondiging dat de catering op de treinen gaat verdwijnen, kan voor betrokkenen dan ook niet als een echte verrassing zijn gekomen.

Jan Bussink (32) uit Doetinchem werkt nu ruim twee jaar bij Albron als treinsteward. Dagelijks voorziet hij de reizigers in de intercity van Arnhem naar Amsterdam van koffie en een broodje. ,,Dit bevalt me veel beter dan het werk dat ik hiervoor deed. Bij de broodfabriek in Doetinchem moest ik vaak nachtdiensten draaien. Het contact met mensen maakt dit werk zo leuk'', vindt hij.

Volgens hem onderschatten NS de rol van de treinsteward. ,,Wij worden vaak gezien als verlengstuk van de conducteur. Mensen vragen ons van alles. En je merkt dat onze aanwezigheid op de trein van invloed is op hun gedrag. Als ik met mijn trolley langkom, zie je dat mensen ineens hun voeten van de bank halen.''

Mathijs Vlam (19) uit Enkhuizen, sinds twee maanden in dienst bij Albron, hoorde twee weken nadat hij als treinsteward begonnen was, dat zijn baan van korte duur zal zijn. ,,Jammer, want dit is hartstikke leuk werk. Je hebt geen baas om je heen, bent altijd tussen de mensen, en elke dag is weer anders. Bovendien ligt verkopen me wel. Ik heb hiervoor drie jaar in een café gewerkt, en elke zaterdag sta ik nog op de markt in Lelystad.''

De Spoorwegen hebben beloofd alles te zullen doen om gedwongen ontslagen onder de 232 treinstewards - nu nog in vaste dienst bij Albron - te voorkomen. Wellicht kunnen betrokkenen elders binnen het bedrijf aan de slag als conducteur, treinsurveillant of in de winkels op de stations. Mathijs Vlam zal niet op het aanbod ingaan. ,,Ik ga in september weer studeren: technische natuurkunde in Rotterdam.'' Jan Bussink denkt erover om conducteur te worden. ,,In dat geval verandert er niet zoveel voor me. Alleen worden de broodjes dan kaartjes.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden