Travestieten in een disco in Istanbul./Anders in Istanbul

Transseksuelen, travestieten en homo's hebben een moeilijk leven in Turkije. Om aan geld te komen zijn zij in veel gevallen gedwongen om in de prostitutie te gaan. En als prostituee worden ze voortdurend belaagd. Door de politie die er met knuppels op los slaat, door haatdragende mannen die er plezier in scheppen met de auto op hen in te rijden.

Ze was groot, had lange benen, in het oog springende borsten en volle lippen. De politie achtervolgde haar op de snelweg die Istanbul met Ankara verbindt. Ze schrok zo van de knuppels van de agenten dat zij zich op de snelweg gooide. Twee jaren zijn er sindsdien verstreken. Ze is nog steeds lang, heeft opvallende borsten en volle lippen. Alleen, ze loopt kreupel. De travestiet en prostituee Bahar is nu aanzienlijk minder gewild bij haar klanten.

Istanbul begint te wennen aan zijn travestieten en transseksuelen. Mannen uit alle streken van Turkije met een koortsachtig verlangen naar een vrouwenlichaam trekken naar deze metropool om hun eigen anonieme leven te leiden. Dit gaat voor hen gemakkelijker in een stad waar tien miljoen mensen wonen. Als ze naar Istanbul komen weten ze wel één ding zeker: ze gaan de prostitutie in. De Turkse maatschappij is namelijk niet bereid mensen die van geslacht veranderen een normaal leven te bieden.

De kreupele Bahar is 32 jaar. Ze woont tien jaar in Istanbul. De eerste zes maanden van het verblijf daar, probeerde Bahar met een gewone baan aan geld te komen als ober bij een restaurant. Een winkelier aan de overkant van de straat zag dat deze ober vrouwelijke neigingen had. Hij begon Bahar avances te maken. Zonder resultaat.

“Die klootzak begon me lastig te vallen. Hij volgde me naar mijn huis. Toen hij zag dat hij me niet kon krijgen, begon hij roddels te verspreiden. Ismail laat een flikker in zijn zaak werken, zei hij over mijn baas, een aardige vent met kinderen. Maar hij wilde geen risico lopen, en ik werd ontslagen. Daarna wist ik dat ik de straat op moest om rond te komen”, vertelt Bahar.

Met een tas aan haar schouder en kauwgom kauwend loopt ze naar de snelweg, waar ze even later de duim opsteekt op zoek naar klanten. In haar tas bewaart zij make-upspullen, én een flink mes om verkrachters van haar lijf te houden.

In een rockcafé in de uitgaanswijk Beyoglu bestelt Filiz een glaasje rode wijn. Ze zegt dat ze in haar jeugd heel vroom was en nooit alcohol dronk. Ze bad, huilde tranen met tuiten en vroeg God waarom zij (toen nog een hij) een vrouw wilde zijn en naar mannen verlangde. Haar vader was dood. Ze leefde met haar moeder en twee zusters. Als niemand thuis was, trok ze kleren aan van haar zussen, ging voor de spiegel staan, kamde haar haren en droomde dat ze bemind werd door een man.

Filiz: “Op mijn 22ste kon ik het niet meer geheim houden. Ik vertelde het mijn familie. Tot mijn verbazing reageerden mijn moeder en zussen niet zo geschokt. Ze hadden wel in de gaten dat ik veel op een vrouw leek. Een jaar later gedroeg ik me volledig als vrouw. Ik trok vrouwenkleren aan en ging de straat op. Mijn moeder begon te zeuren over mijn korte rokken en hoge hakken. Ze wou dat ik als een eerbaar meisje door het leven zou gaan. Toen besloot ik maar het huis te verlaten en een volledig zelfstandig leven te gaan leiden.”

Ze kan zich nog goed de dag herinneren dat ze voor het eerst als vrouw de smalle straten van haar wijk in ging: “Ik had me volledig opgemaakt, had een pruik op en liep wat ongemakkelijk op die hoge hakken. Het was een zonnige lentedag. Het leek wel alsof ik in de wolken liep. De mensen keken naar mij. Misschien scholden ze me wel uit, maar ik droomde dat ze naar een blonde schoonheid keken en mij bewonderden”, vertelt Filiz.

Aan het begin van de jaren tachtig liepen er in Istanbul nog geen honderden travestieten of transseksuelen langs de weg om seks met mannen te bedrijven. Filiz ging toen naar een park, dat bekendstond om zijn travestieten. Twee maanden lang vond ze in het park wat zij al die tijd had gezocht. Maar in september 1983 werd Turkije getroffen door een militaire staatsgreep. Die betekende een streep door Filiz' leven van plezier. Het leger stelde een avondklok in en na elf uur mocht niemand meer de straat op. “Soms was het in het park zo leuk dat ik niet op tijd wist weg te komen. Dan sliep ik tussen de bomen. Het gebeurde ook dat soldaten mij betrapten. Maar als ik hét met hen deed, deden zij alsof ze me niet hadden gezien”, zegt Filiz.

Vandaag gaat Filiz niet werken. Het geld dat ze met prostitutie heeft verdiend, was al voldoende voor een huis en een operatie. Haar lichaam kreeg borsten en de penis werd vervangen door een vagina. Daarmee bereikte ze het belangrijkste doel in haar leven; nu kan ze het wat rustiger aan doen. Filiz: “Ik had veel meer geld kunnen hebben. Maar ik geef te veel uit aan mannen op wie ik verliefd word. Meestal gaat het om huichelaars die beweren dat ze van me houden. Telkens blijkt dat ze op mijn geld uit zijn.”

De gewone man in Istanbul is langzamerhand gewend geraakt aan travestieten en transseksuelen. De bedreigende sfeer van de jaren tachtig, toen ze voortdurend op hun hoede moesten zijn en vanuit elke hoek werden belaagd, is achter de rug. De mensen schelden slechts af en toe, roepen 'viezeriken' en 'jullie zullen branden in de hel'.

Het gevaar komt nu vooral van politie en klanten. Soms gaat een wagen vol politieagenten met knuppels op jacht. De travestieten en transseksuelen rennen dan in paniek de drukke snelweg op. Ze kunnen niets beginnen als zij door een groep mannen worden aangevallen, een flink mes in de tas helpt dan niet meer. “Ik werd een keer door negen mannen aangevallen. Met mijn mes kon ik ze van me af houden, ik vluchtte een winkel in. De winkelier wilde mij verkrachten, maar ik wist hem tegen te houden en kon het vege lijf redden. Ik ben wel heel vaak verkracht. De eerste keren vond ik het vreselijk. Maar ik denk dat wij het niet ervaren als vrouwen, die na een verkrachting instorten en in psychische problemen komen. Eigenlijk is elke nieuwe klant een nieuwe verkrachting. Ik ben er gewend aan geraakt”, vertelt Demet.

Demet is anders dan de meeste travestieten en transseksuelen. Vóór haar geslachtsverandering was ze actief in de politiek. Als socialistische militant zat ze acht maanden vast als politiek gevangene. Nu is ze actief lid van de linkse ODP (De Partij van Vrijheid en Solidariteit). Ze komt op voor de rechten van travestieten en transseksuelen. Op haar initiatief wordt een maandblad gemaakt voor deze doelgroep. Ook heeft ze transseksuelen en travestieten die door de politie zijn geslagen, zover gekregen om naar de rechter toe te stappen.

Dit kwam haar echter duur te staan. Ze leerde politieman 'Suleyman de tuinslang' kennen. “Ik liep op straat in mijn normale kleren. 'Suleyman de tuinslang' stapte uit de politiewagen en zei dat hij me wegens homoseksualiteit in arrest zou nemen. Ik zei daarop dat homoseksualiteit wettelijk niet verboden was. Volgens welke wet, vroeg hij. Ik noemde de wet die in 1924 door Ataturk is gemaakt. Hij nam me mee naar het bureau, schoof een papier voor mijn neus en zei dat ik dat moest ondertekenen. Op het velletje stond dat ik Ataturk had beledigd. Toen ik weigerde te tekenen, ging hij naar de wc en haalde zijn beruchte tuinslang van de muur. Hij begon er op los te slaan. Twee maanden heb ik toen vastgezeten. Twee maanden later heeft de rechter mij vrijgesproken”, vertelt Demet.

Ze is al tien jaar aan het actievoeren tegen de onrechtvaardigheden die travestieten en transseksuelen in Turkije ondergaan. Maar telkens voelt ze zich zoals imam Nasreddin zich ooit voor sultan Timurlenk gevoeld moet hebben. Deze Timurlenk veroverde een paar eeuwen geleden de woonplaats van imam Nasreddin. Aan de bewoners van de stad gaf hij de opdracht goed voor zijn vrouwelijke olifant te zorgen. Maar een olifant is groot, eet veel en de mensen zijn zo arm dat ze hun eten niet meer met de olifant willen delen. VERVOLG OP PAGINA 2

Anders in Istanboel VERVOLG VAN PAGINA 1

Ze stappen naar imam Nasreddin en vragen hem als hun leider op te treden en met de wrede Timurlenk te praten. En hem te verzoeken de olifant te laten verdwijnen. “We staan achter jou”, wordt de imam door de mensen verzekerd. Als imam Nasreddin echter voor Timurlenk staat en even achterom kijkt, ziet hij dat iedereen verdwenen is. Hierop zegt hij tegen Timurlenk. 'Sultan Timurlenk, de olifant voelt zich zo eenzaam, dat wij als bewoners van Aksehir ook nog een mannelijke olifant willen'.”

Demet vergelijkt travestieten en transseksuelen met die bewoners van Aksehir. “Het zijn niet de trouwste mensen. Je haalt ze over om actie te voeren, maar als ze een nachtje hebben geslapen zijn ze alles weer vergeten. Ik heb gemerkt dat je ook in Europa niet kunt bouwen op travestieten en transseksuelen. Ze hebben slechts oog voor hun lichaam en uiterlijk. Ze zijn daar zo mee bezig dat ze voor andere zaken geen tijd hebben. Ze willen een geslachtsverandering, een loverboy en een mooie auto. Heel oppervlakkig allemaal. Ik raak vaak erg gefrustreerd als ik met hen werk. Maar ik blijf toch actievoeren, omdat ik een van hen ben en ik me tot hun lot aangetrokken voel”, vertelt de 38-jarige Demet.

Isilay Saygin is in Turkije minister van vrouwen- en familiezaken. Zij is voorstandster van maagdelijkheidscontroles bij meisjes. Families laten in sommige gevallen de 'eerbaarheid' van meisjes in ziekenhuizen onderzoeken. Maar ook komt het voor dat de politie deze controles uitvoert. Als minister Saygin wordt verteld dat door die controles sommige meisjes zelfmoord plegen, antwoordt ze: “Wat geeft het als een paar meisjes door die controles doodgaan.” Travestieten en transseksuelen noemt ze abnormaal: “Ze hebben mijn aandacht niet. Ik hou me bezig met normale families.”

De bewoners van Istanbul zijn langzamerhand wel wat gewend. Homo's, transseksuelen, travestieten, bi's... het maakt ze niet zoveel meer uit. Maar in Elazig, een stad in het oosten van Turkije, die bekendstaat om haar conservatisme, denkt men er anders over. Bekend is de zaak van Ozgul en Ozlem, twee vrouwen in de twintig die met elkaar wisten te trouwen. Ozgul ziet eruit als een vrouw, maar voelt zich een man en wist het hart van Ozlem te winnen.

Ze probeerden eerst een religieus huwelijk te sluiten. Ozgul zou doen alsof ze doofstom was, zodat de imam niet in de gaten zou krijgen dat ze een vrouw is. Dat plan mislukte. Daarna stapten ze naar het gemeentehuis. Ze werden niet binnengelaten. Vervolgens schakelden zij de pers in. Dit werkte. Ozgul verzekerde daarop de ambtenaren dat ze een man wilde worden, waarna het huwelijk werd gesloten.

De Turkse media sprongen op deze zaak. Het echtpaar werd in Elazig hand in hand, in parken en op straat gefilmd. Steeds werd de vraag gesteld hoe Ozlem, een mooi meisje, met een lief, onschuldig gezicht, verliefd kon worden op iemand van hetzelfde geslacht. “Zij voelt zich een man. Zo gedraagt ze zich ook. Uit schaamte heeft ze haar overhemd nooit uitgetrokken. Ze wil een operatie ondergaan. Ze heeft respect voor mij en beschouwt mij niet als een slavin. Dat kun je van de meeste mannen hier niet zeggen”, was het antwoord.

Deskundigen spraken zich op de televisie uit over het paar, zeiden dat hier sprake was van een seksuele afwijking. Onder grote druk van de media lieten de verliefden zich daarop psychisch behandelen in een ziekenhuis. Die therapie hielp niet en Ozgul liet zich vervolgens opereren tot man. De moeder en de zus van Ozgul raakten in die tijd hun banen in Elazig als baby-oppasser kwijt. Nadat Ozgul op de televisie was verschenen werden ze op staande voet ontslagen door de families bij wie ze werkten.

In Turkije spreekt vrijwel iedereen zich in het openbaar uit tegen transseksuelen en travestieten. Maar tegelijkertijd hebben de tippelaarsters bij de snelweg meer klanten dan ze aankunnen. Mannen met traditionele Turkse snorren en macho-gezichten nemen even gas terug als ze in de buurt komen van een travestiet of transseksueel. Een prostituee langs de weg wil niet werken voor een bedrag onder de zeventig gulden. “Voor jou tien anderen”, is haar houding. Als ze in een bar een klant aan de haak slaat ligt de prijs tussen de 150 en 300 gulden.

“Homo's geven de voorkeur aan seks met ons. Als ze eventueel betrapt worden kunnen ze altijd zeggen dat ze dachten dat de hoer een normaal meisje was. Deze klanten gedragen zich in het openbaar erg mannelijk. Maar als ze eenmaal met ons in bed belanden, zijn ze vrouwelijker dan wij”, vertelt Demet. Volgens haar is het in de oosterse cultuur ook geen probleem om op een actieve manier seksuele gemeenschap te hebben met een man. Demet: “Je bent pas een flikker, als je de passieve partij bent.”

Aan klanten geen gebrek. Maar aan gekken ook niet. De laatste tijd leven de prostituees met de angst voor de 'witte Kartal'. De Kartal is een auto van Turkse makelij. Een groep mannen in een witte Kartal pleegt regelmatig aanslagen op travestieten of transseksuelen. Ze komen keihard aanrijden en proberen hen te scheppen. Eén travestiet raakte daardoor invalide, een andere vond zelfs de dood. De meesten konden zich nog redden, doordat ze bliksemsnel opzij konden springen. De witte Kartal kon niet herkend worden, doordat het kenteken met modder was gecamoufleerd.

Slechts één meisje heeft de inzittenden van de auto van dichtbij gezien. Dat was toen zij in het holst van de nacht door de vijf mannen werd verkracht. Maar timide als zij is durft zij niet naar de politie te stappen. Ook Demet kon haar niet overhalen. Het enige wat voor haar telt, is de operatie die ze wil laten uitvoeren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden