TRANSPORTBEDRIJF GERLACH Een schilderij van Appel oprollen, dat gaat niet

Dit is de achtste aflevering in een serie over het werk achter de schermen in Nederlandse kunstmusea.

Bertus Vrij heeft in de 23 jaar dat hij als emballeur bij Gerlach werkt al zoveel meegemaakt, dat hij zich niet eens meer alles weet te herinneren.

Schilderijen inpakken is de hoofdmoot van zijn werk en het saaiste om te doen, vindt hij, “al zien wij wel het neusje van de zalm, zoals onlangs het werk van Judith Leyster. Maar op het inpakken van mooi glaswerk, een bord of een fraai servies kun je je nog eens uitleven, en we vervoeren ook etnografica en gebruiksvoorwerpen, van porselein tot glas, juwelen, telescopen en zelfs mummies.”

Vrij is zich steeds meer in kunst- en cultuurgeschiedenis gaan verdiepen en zelfs kunst gaan verzamelen. “Kijk, zonder informatie doe je niets! Om kunst te kunnen verpakken en vervoeren is kennis heel belangrijk. Een roltopbureau is geen secretaire en noten- of rozehout vereist weer een heel andere behandeling dan eiken. Met moderne kunst kom je steeds weer voor verrassingen te staan.

Door de grootte past het vaak niet meer in een vrachtwagen; dan moet je het uit elkaar halen, schuin zetten of in diepladers vervoeren. Maar we komen er altijd uit.''

In Parijs moesten onlangs vier doeken van Karel Appel opgehaald worden van zo'n zes bij vier meter. “Die konden zo niet in de vrachtwagen, en een Appel oprollen, dat gaat niet, met de dikke lagen verf die hij opbrengt. Dat moet je wel weten, anders kun je onmogelijk verzinnen hoe die schilderijen dan wel vervoerd kunnen worden. In dit geval gingen we uit van de breedste auto, hebben we vier boogvormige bokken gemaakt, de doeken van hun spieraam gehaald en voorzichtig over die bokken heengelegd. Dat kon, omdat de schilderijen vrij recent waren en de verf daarom nog tamelijk zacht.”

'Gerlach Art Packers & Shippers' heeft net zijn zilveren jubileum achter de rug. In 1968 startte Ab Perels, die nog altijd directeur is, deze speciale kunsttak van het transportbedrijf Gerlach met een bureau plus telefoon.

Momenteel werken er meer dan vijftig mensen, waarvan twintig op kantoor en de rest op de weg als chauffeur of in de werkplaats als emballeur, kistenmaker of loodsmedewerker. Samen verzorgen zij alle aspecten van het kunstvervoer: het verpakken, verzekeren, in- en uitklaren, en het transport zelf.

De klanten bestaan voor 65 procent uit musea, voor 30 procent uit kunsthandels en veilinghuizen, en voor vijf procent uit particulieren. De activiteitenlijst omvat transporten voor de internationale kunstbeurs TEFAF in Maastricht en voor de grote Rembrandt- en Frans Hals-tentoonstellingen. Sommige musea hebben weliswaar eigen vrachtwagens en inpakkers - het Stedelijk Museum voert zelfs een eigen shipping-afdeling - maar maken daarnaast met regelmaat gebruik van Gerlachs emballeurs en zijn vervoer- en opslagdiensten, die met klimaatbeheersingsapparatuur zijn uitgerust.

Klimaatkist

“Het bijzondere aan kunsttransport is dat wij de zending ook fysiek volgen”, zegt directeur Perels. “Of het om een schilderijtje gaat of een complete tentoonstelling, wij zijn erbij wanneer het ingeladen wordt en zien hoe het in het vliegtuig gaat. Het liefst zouden we het ook nog zelf vliegen. Zelf inladen mag niet, wat we doen is er iets van zeggen als het niet goed gaat, zoals wanneer een schilderijenkist plat wordt neergelegd, of samen met gevaarlijke stoffen op een pallet wordt geladen. een kist met kunst mag niet te lang in regen of zon staan. Gezien de risicospreiding, gebeurt het vervoer vaak in verschillende zendingen. De normale internationale expeditie gaat heel anders: je levert je kistje in een loods af, er wordt een vrachtbrief bij gemaakt en verder zie je het niet meer.”

Te vervoeren kunst wordt meestal in speciaal gemaakte, dubbelwandige kisten verpakt, de zogenaamde klimaatkisten. De maat wordt vooraf ter plekke bij de eigenaar genomen, de kisten worden in de werkplaats van Gerlach vervaardigd.

“Met opmeten wordt beslist de meeste tijd versleten”, constateert emballeur Vrij. “Een kist wordt vooruit gemaakt en een week van tevoren gebracht naar de ruimte waar het te vervoeren kunstwerk zich bevindt. Hij krijgt daardoor dezelfde temperatuur en vochtigheidsgraad als het kunstwerk zelf en houdt die vervolgens in andere omstandigheden zo'n 48 uur vast. Meestal is het werk binnen 24 uur op de plaats van bestemming en in het land van aankomst staat weer iemand klaar.”

Gerlach werkt samen met tachtig firma's uit veertig landen en covert daarmee de hele wereld, tot aan Australie, Japan en Hongkong toe. Meestal levert de organisatie van een tentoonstelling een lijst met kunstwerken en de opdracht ervoor te zorgen dat alles voor een bepaalde datum in het museum is. Perels schrijft dan zijn agenten in het buitenland aan, die contact met de bruikleengevers in hun land opnemen. “Bruiklenen uit Belgie zou ik zelf hierheen kunnen halen, maar ik doe het niet, omdat ik daar een agent heb met wie het contact heel goed is. Gezien de bestaande bedrijfscultuur zou het onbeleefd zijn hem te passeren; binnen de EEG zijn bepaalde gewoontes gegroeid, en meestal geven bruikleengevers de voorkeur aan een nationaal expeditiebedrijf. Maar dat zou kunnen veranderen; met die open grenzen is alles mogelijk, zelfs dat Duitse en Engelse transportbedrijven hier actief worden.”

Chauffeurs van Gerlach werken nauw samen met de inpakkers en laden hun eigen wagen. Bertus Vrij vertelt over de blijvende kwaliteit van hun kisten en de materialen waarmee hij werkt, zoals zachte celstof om schuurplekken te voorkomen, verschillende folies en papiersoorten en zacht schuimrubber in plaats van het goedkopere, stugge tempex dat veel firma's gebruiken, maar dat beschadigingen kan veroorzaken. “Wij hebben nog nooit iets van een ander transportbedrijf overgenomen, omdat dat beter was dan onze eigen methoden”, zegt hij trots, “zelfs niet van Japan.” Maar voor al die zorg en dienstverlening moet wel betaald worden. “Wij zijn relatief duurder dan een verhuisbedrijf,” zegt Perels. “Tot nu toe zijn onze klanten vrij loyaal: ze gaan niet naar een firma die een dubbeltje goedkoper is, zolang wij geen concessies doen aan de kwaliteit. Maar de recessie is duidelijk merkbaar: het aantal exportzendingen is verminderd en de musea krijgen de duimschroeven aangedraaid. Ik hou mijn hart vast voor het moment dat zij concessies moeten gaan doen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden