Trainer Peter Hyballa van NAC Breda tijdens de wedstrijd tegen zijn oude club NEC, afgelopen vrijdag.

InterviewPeter Hyballa

Trainer Peter Hyballa: ‘Ik ben een dominee in de Nederlandse voetbalcultuur’

Trainer Peter Hyballa van NAC Breda tijdens de wedstrijd tegen zijn oude club NEC, afgelopen vrijdag.Beeld BSR Agency

De excentrieke Duitse trainer Peter Hyballa (44) speelt morgen met zijn nieuwe club NAC de halve finale van de beker tegen Feyenoord. De Nederlandse voetbalcultuur noemt hij ‘conservatief en arrogant’.

Hij heeft net een uurtje in de stromende regen hardgelopen. Hij moest na het geven van een training nog wat energie kwijt. En dus rende hij langs boerenbedrijven en kassen in het buitengebied van Zundert, waar NAC een trainingscomplex heeft. Bij NAC kijken ze nergens meer van op, als het om hun nieuwe trainer gaat. De Duitser Peter Hyballa, de man met de felle ogen, geldt als a-typisch, excentriek, een tikje intellectueel, rebels en wars van de dikdoenerij in het voetbal. En dat imago koestert hij.

Als hij zich na een snelle douche met een dampend bakje bami in de hand heeft gemeld voor het interview, is hij met een charmant accent de spraakwaterval zoals Nederland hem heeft leren kennen. En neemt hij geen blad voor de mond. Over de Nederlandse voetbalcultuur? “Die is conservatief. En arrogant. Dat mensen als Jaap Stam zomaar een trainerslicentie krijgen, als cadeautje, is schandalig. Te gek voor woorden. Ik ben wat dat betreft een dominee. Iedereen is gelijk: oud-voetballer, schoonmaker, directeur. Ik ben niet statusgevoelig. Misschien is dat de reden dat ik nog geen topclub heb getraind. Ik ben geen kontenlikker. Ik heb ook niet veel vrienden in de voetballerij.”

Promoveren

Toch was het een vriend die hem had aangeraden met NAC te gaan praten toen ze in Breda in januari een nieuwe trainer zochten. “Hij zei: NAC is een club voor jou. Een volksclub, veel supporters, Brabantse cultuur, vrolijk, veel potentie, maar óók: geen goed beleid. Daar kun jij iets van maken, zei hij.” Hyballa­­ twijfelde. Wat moest hij in de eerste divisie? “Toen zag ik de bekerwedstrijd tegen PSV (die NAC won, red.). Ik zag veel jonge spelers die bereid waren te ‘arbeiten’. Ik heb NAC gevraagd: ‘Wat willen jullie?’ Ze zeiden: ‘Promoveren’. ‘Oké’, zei ik, ‘ik doe het, terug naar Nederland. Dit is toch ook mijn Heimat’.”

Zijn moeder is een Rotterdamse. Ze was ooit receptioniste in het Duits zeemanshuis in de Rotterdamse haven, waar ze meneer Hyballa ontmoette. “Mijn vader was diaken en werkte als geestelijk verzorger, vanuit zijn protestants-christelijke geloof. Hij nodigde Duitse zeelui uit voor een film of kaartavondje. Ondertussen sprak hij over hun problemen. Of hij ging met hen bidden.”

“Later, in Bocholt, waar ik opgegroeide, was mijn vader sociaal werker. Bij ons kwamen mensen over de vloer met problemen, met geld of alcohol. In Bocholt wist men: meneer Hyballa kan je helpen. Ik heb veel pedagogische vaardigheden van mijn vader meegekregen. Hoe je met mensen omgaat. Dat je soms ook hard moet zijn. Zes jaar geleden is hij overleden aan een hartinfarct. Ik mis hem. We hadden fijne gesprekken, maar nooit over voetbal. Daar had hij niets mee. Hij heeft mij niet één keer in een stadion aan het werk gezien. Dat vond ik prima. Die Steffi Graf-vaders vind ik helemaal niks. Vaders die jonge jongens onder druk zetten, met geldtekens in hun ogen, die hun baan opzeggen als hun kind een contract krijgt, daar kots ik op. Ik moest alles zelf uitzoeken. Daardoor ben ik zo’n zelfstandig mens geworden. Een autonome cowboy­­.”

Beledigde bankzitter

Na zijn academische studie sportpedagogiek werkte hij als trainer en opleider­­ bij voetbalclubs en -organisaties. “Ik had tijdens mijn stage ervaring opgedaan met sporttherapie voor kinderen met kanker. Dat sociale trok me. Toch ben ik voetbaltrainer geworden. Omdat ik merkte dat het me lag. Of het echt mijn wereld is? Daar denk ik elke dag over na. Ik blijf dit zeker niet mijn hele leven doen. Het motiveren van die jongens vind ik leuk. En dankzij het voetbal heb ik de halve wereld gezien. Ik heb gewerkt in Afrika, Amerika, IJsland, Azië. Geld is nooit een drijfveer geweest, maar ik geniet ervan dat ik rijk ben. Wat mij tegenstaat: dat je dan als trainer toch afhankelijk bent van elf jonge gasten in korte broeken, van een zere knie, een beledigde bankzitter. Dat is soms totaal vreselijk. Daarom heb ik een haat-liefde-verhouding met dit vak.”

“En of je nou in Aken, Leverkusen, Breda of Nijmegen werkt, het is altijd hetzelfde: je krijgt conflicten, met de medische staf of met ontevreden bankzitters. Ik heb vaak de zogenaamde cultuurbewakers die bij elke club rondlopen er uitgewerkt. Ik wil alleen met mensen werken die echt zin hebben in voetbal. Of ze hoog gevoetbald hebben, interesseert mij ook niet. Het gaat mij om kwaliteit, de inhoud.”

Niet iedereen in Nederland neemt Hyballa serieus. Ze noemden hem onder meer een slangenbezweerder, een karikatuur en hooguit een motivatiecoach die zelf nooit hoog voetbalde. “Ik vind Nederlanders die dat bekritiseren echt stom. Als je tien kilometer in een bos moet lopen en je wordt moe, dan ga je de laatste twee toch wat harder als er een personal coach naast je loopt die zegt: ‘Kom op, nog even, volle bak!’ Wat ík helemaal niks vind: die totaal onprofessionele trainers die maar in een dug-out hangen, met hun clubkostuum. Zo’n kostuum staat de meesten niet eens.”

Topfitte spelers

Hyballa heeft een Duitse visie en streeft met zijn teams ‘intensieve gegenpressing’ na: heel snel druk zetten op de tegenstander. Het is een speelwijze die topfitte spelers vereist. “Ik eis veel van ze, ook mentaal, maar ze krijgen goed betaald. Anders gaan ze maar bij McDonald’s werken.”

Heeft hij recht van spreken? Vanwege de matige prestaties werd hij in 2017 ontslagen bij NEC. “NEC is een slangenkuil. Hoe dat rond mijn ontslag is gegaan... praat dan nooit meer over normen, waarden en respect. Ja, ik weet het, ik ben ook een moeilijke man. Ik weet ook niet hoe dat bij NAC zal gaan. Ik heb een contract voor vijftien maanden. Als ik het niet meer leuk vind, stop ik. Ik heb ook geen idee wat ik over een jaar doe. Ik heb geen plan meer.”

Bij NAC is promotie het hoofddoel. Hyballa’s start was sensationeel. In de kwartfinale van de beker werd in Alkmaar gewonnen van AZ. “Ik geloofde erin, ik heb geprobeerd energie te geven. Dat is in het onderbewustzijn van de spelers geland. Denk ik. Tegen Feyenoord moeten we er nu gewoon in geloven. Anders kan ik net zo goed de Kuip bellen: ‘Sorry, we komen niet’.”

Voor de halve finale, morgen, keert hij terug in Rotterdam, de stad waar hij zo vaak voor zijn oma en andere familie kwam. “Rotterdam blijft speciaal. Ik zal zeker even aan mijn vader denken en dan twee minuten sentimenteel zijn. En dan ga ik ook gewoon mijn werk doen.”

Wie is Peter Hyballa?

Peter Hyballa (Bocholt, 5 december 1975) voetbalde zelf nooit op hoog niveau maar werd al op zijn achttiende trainer­­. Hij werkte veel met jeugd, bij amateurclubs maar ook bij clubs als Arminia Bielefeld, VFL Wolfsburg, Borussia Dortmund, RB Salzburg en Bayer Leverkusen. Tussendoor was hij een jaar trainer bij Ramblers Windhoek in Namibië.

De afgelopen tien jaar was Hyballa­­ hoofdtrainer van de profs van Rot-Weiss Essen, Alemannia Aachen, Sturm Graz, NEC Nijmegen en DAC Streda. Op 3 februari tekende hij een contract voor anderhalf jaar bij NAC.

Lees ook:

Van wie zou u meer aannemen, van Dick Advocaat of van Peter Hyballa?

In november 2017 belichtte Henk Hoijtink in een column een media-optreden van Peter Hyballa, die daarin 'rake dingen zei. ‘De Duitser weet waar hij het over heeft.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden