Tragedie, geen drama

Na jaren van discussiëren, delibereren en amenderen is de nieuwe euthanasiewet aangenomen. Maar gloort hiermee ook een begin van een antwoord op onze vragen over leven, lijden en het levenseinde? Begrijpen we nu beter wat 'ondraaglijk en uitzichtloos lijden' is, dat begrip dat een hoofdrol speelt in de nieuwe euthanasiewet? Of staat het taaiste deel van het debat ons nog te wachten? Trouw vroeg het aan voor- en tegenstanders van euthanasie, aan juristen en artsen, aan mensen van de praktijk en mensen van de theorie. In de vierde en laatste aflevering de medici Gerrit Kimsma, Joris Broeren en Wendela Pronk.

,,Het lijden van de dokter wordt in het euthanasiedebat verwaarloosd'', zegt Gerrit Kimsma, huisarts, filosoof, docent aan Vrije Universiteit en lid van een toetsingscommissie voor euthanasie. ,,Daar hebben dokters zelf aan bijgedragen, doordat ze liever niet over hun eigen lijden praten. Maar euthanasie is zwaar: je kunt het lijden van de patient moeilijk beoordelen, je kunt de fout ingaan, je krijgt er zelf een opdonder van. Je steekt met euthanasie een Rubicon over. Hoe groot het gevoel van oplossing, van opluchting over het einde aan het lijden ook is, je bent als arts toch schuldig aan het beëindigen van iemands leven.''

Er valt een lange, bijna bedrukte stilte aan het tafeltje in hotel Krasnapolsky, tijdens het vierde Trouw-debat over euthanasie en de nieuwe euthanasiewet. Kimsma (55) spreekt met Joris Broeren (24), pas afgestudeerd als basisarts, nu tijdelijk werkzaam als forensisch arts voor de GGD in Alphen aan de Rijn. Boeren is lid van de Commissie medische ethiek van de artsenorganisatie KNMG. Net als Wendela Pronk (25), die nog haar coschappen loopt en over ruim een half jaar de artsenbul hoopt te halen.

,,Ik zie er erg tegenop'', bekent Pronk, ,,om in de toekomst te moeten beoordelen of iemand lijdt, of dat ondraaglijk en uitzichtloos is, of er reden is om in te gaan op een euthanasieverzoek. Laat staan om dat te moeten uitvoeren.''

,,Maar dat is heel goed'', stelt Kimsma haar gerust. ,,Als je daar niet tegenop zou zien, zou ik je ongeschikt achten voor dit vak. Want euthanasie is een heel moeilijke, emotionele handeling. Ik ken collega's die weken niet slapen wanneer ze euthanasie moeten verrichten.''

Joris Broeren knikt instemmend: ,,Ik ben bang dat het tot forse emotionele problemen kan leiden. Een huisarts-docent vertelde tijdens een college over een euthanasie die hij zou verrichten. Op het moment dat hij zich helemaal had opgeladen om het te kunnen doen en bij de patiënt aankwam, scheen net een mooi meizonnetje. Die patient zei: Vandaag maar niet, ik wil nog even van de zon genieten. Waardoor de arts nog veel langer van de kaart was.''

Is een arts, en helemaal een jonge arts, wel toegerust om iemands lijden te beoordelen? Valt er überhaupt iets te zeggen over de mate van lijden? Pronk, bezorgd: ,,Ik heb vrees onvoldoende houvast te zullen vinden in begrippen als 'ondraaglijkheid' en 'het invoelen door de arts'. Lijden is subjectief, wie ben ik om daar een oordeel over te vellen?''

Dit is, weet Kimsma uit ervaring, de vraag waarmee veel artsen in opleiding worstelen. Hij denkt dat lijden vast te stellen is. En dat ook, zij het niet gemakkelijk, te bepalen valt wanneer het uitzichtloos en ondraaglijk is geworden. Hij heeft daarvoor zelfs criteria vastgelegd in een schema, dat is gepubliceerd in Medisch Contact. Een 'checklist' met daarin factoren als pijn, waardigheid, ontluistering, en het verloop van dit lijden in de tijd. ,,Als je al die aspecten in kaart weet te brengen, kun je vaststellen of en hoezeer iemand lijdt. Je moet dat alleen leren. Zoals je moet leren luisteren naar de longen, naar het hart, zo moet je leren het lijden van mensen te observeren en ernaar te luisteren.''

,,Ik ben blij van een ervaren iemand te horen dat je tot zo'n oordeel kunt komen,'' zegt Wendela Pronk. ,,Maar toch: eerst zien, dan geloven. Wellicht wordt pas duidelijk waar je als arts de meeste waarde aan hecht en hoe je zult reageren als het probleem een gezicht heeft gekregen.''

,,Vers uit de schoolbanken ben je zeker niet in staat ondraaglijk lijden in te schatten'', denkt Joris Broeren. ,,Daarvoor moet je het hele traject naar euthanasie zelf hebben meegemaakt.'' Want in die schoolbanken - nee, daar horen ze niet veel over dit onderwerp. Welgeteld één keer kreeg Broeren een -confronterend- college over chronische ziekten en terminale zorg, waarbij de roemruchte Ikon-documentaire Dood op verzoek werd vertoond en medestudenten in tranen de zaal verlieten. Ook Pronk kreeg summier les over het onderwerp. Kimsma vindt dat er meer aandacht voor de vragen rond het levenseinde zou moeten zijn, gedurende de hele artsenopleiding. ,,Maar wanneer het voldoende is, weet je nooit. Colleges of niet: sommige studenten ontwikkelen de juiste houding, bij anderen hoop je dat dat nog zal gebeuren.''

Maar wat ís de juiste houding? Is euthanasie iets dat artsen tot hun taak moeten rekenen? Tot hun, zoals Broeren het formuleert, pakkie-an? Pronk weet het niet goed; zij is, zegt ze, vooral bezig met het idee dat artsen er zijn om te genezen. Broeren daarentegen zegt: ,,Tijdens je studie krijg je het idee dat je iedereen beter kunt maken. Later, tijdens de coschappen, zie je dat er lijden bestaat waar je weinig tot niets tegen kunt doen. Ik vind zonder meer dat euthanasie bij het vak van arts hoort, wat natuurlijk niet wil zeggen dat je ieder euthanasieverzoek moet inwilligen.''

Ook Kimsma vindt dat een arts euthanasie niet uit de weg moet gaan: ,,Als je het principieel níet doet, laat je mensen in de steek.'' Maar hij verlangt ook uiterste terughoudendheid: ,,Alleen als je echt geen andere opties hebt, komt euthanasie in beeld.'' Echt blij met de nieuwe euthanasiewet is hij dan ook niet. Hij vindt het bijvoorbeeld riskant dat de wilsverklaring een wettelijke basis heeft gekregen. En dat dementie voldoende rechtvaardigingsgrond kan zijn voor levensbeëindiging. Hij vindt dat niet wenselijk; hij weet dat de Nederlandse verpleeghuisartsen dat ook niet wenselijk vinden, en euthanasie in zo'n geval zullen weigeren. Waarmee de wet volgens Kimsma een degelijk draagvlak ontbeert: de politiek loopt hierin harder dan de medische stand.

,,Ik vind het heel positief dat de wet er is'', vindt Broeren daarentegen. ,,Nu euthanasie uit het strafrecht is gehaald, wordt de stap voor de gemiddelde arts toch wat kleiner. Net als bij de abortuswet, waarmee deze wet qua gevoeligheid vaak wordt vergeleken, ben ik ook hier blij dat Nederland het zo oplost.''

Kimsma: ,,De abortuswetgeving vind ik een ongelukkig voorbeeld, omdat die juist illustreert dat er een praktijk kan ontstaan die helemaal niet meer volgens de wet is. Er worden abortussen uitgevoerd om volstrekt oppervlakkige redenen, de verplichte wachttijd wordt niet meer in acht genomen - de abortuspraktijk van nu is veel liberaler dan die wet ooit bedoeld heeft.''

We moeten terughoudend blijven, benadrukt Kimsma nogmaals, zeker in een samenleving waarin de autonomie van mensen zo'n groot goed gevonden wordt. ,,Er is een tendens om autonomie als enige criterium te laten gelden. Om bij euthanasie de vrijwilligheid van het verzoek de enige voorwaarde te laten zijn. Daar ben ik op tegen. Dan krijg je situaties als de zaak-Brongersma, waar de arts uitsluitend uitvoerder is van een verzoek.''

Ook Pronk vreest de zegetocht van het zelfbeschikkingsrecht. ,,Wanneer euthanasie wordt gezien als een recht dat patiënten kunnen opeisen, dan wordt het beklemmend. Vragen staat vrij, maar een arts die erop ingaat moet zijn handelen wel voor zichzelf kunnen verantwoorden. Ik ben geschrokken van de zaak-Brongersma omdat ik dat voor mezelf niet zou kunnen rechtvaardigen.''

Kimsma, knikkend: ,,Klaar-met-leven-problemen horen niet thuis bij de arts. Er is daarbij doorgaans geen sprake van een ziekte of afwijking die aanleiding geeft tot ondraaglijk lijden.''

Broeren: ,,Maar een arts is tegenwoordig toch méér dan de hoeder van het lichamelijk welzijn van zijn patienten? Een groot deel van zijn werk hangt samen met geestelijk welzijn. En klaar-met-leven-problematiek is een probleem van het geestelijk welzijn. Ik vind het verdedigbaar als een arts op grond daarvan een euthanasie verricht.''

Kimsma, fel: ,,Dat is een opgeblazen idee van welzijn én van de taak van de arts. Hiermee beland je in de valkuil dat je met iedere claim van ondraaglijk lijden van de patiënt moet meegaan.''

Broeren: ,,Of zo'n claim leidt tot euthanasie, hangt af van vele afwegingen en zorgvuldigheidseisen af. Ik vind wel dat een meneer Brongersma bij mij terecht moet kunnen met zijn vraag.''

Pronk: ,,Dat vind ik niet. Levensmoeheid is een maatschappelijk vraagstuk, dat buiten de medische sector valt. Je zou ook een rechter kunnen vragen daarover te oordelen, een filosoof of een ander weldenkend persoon.''

Twee jonge artsen met twee verschillende opvattingen over de loodzware dilemma's rond lijden en het levenseinde: is dit reden tot zorg? Voor een wetgever die uitgaat van consensus; voor een patiënt die met de moeilijkste vraag uit zijn leven komt; voor een maatschappelijk debat dat voortschrijdt? ,,Niet als je verschil van inzicht als probleem onderkent'', meent Kimsma. ,,En het bespreekt, en relateert aan de gewenste professionele houding. Wat mij betreft hoeft er geen uniformiteit te zijn.''

,,Ik word juist ongerust als ik onderwijs geef aan een groep waarin iedereen vindt dat euthanasie bij het vak hoort. In Nederland gaan we op een positieve, open manier om met euthanasie, maar de stap naar ongezonde zelfvoldaanheid is zo gezet. Ik ben altijd blij als ik een tegenstander in de groep heb.''

,,Voor mij geldt boven alles dat het leven meer waard is dan de dood. En dat je het verdomd goed moet kunnen rechtvaardigen als je toch euthanasie verricht, omdat je altijd vuile handen maakt. Daarom zijn artsen na afloop ook zo van de kaart.''

,,De Hoge Raad heeft euthanasie voorgesteld als een conflict tussen twee goede zaken. Dat is precies de definitie van een klassieke tragedie. De plicht om het leven te behouden naast de plicht om het lijden te verhelpen, leidt in de praktijk van euthanasie tot het beëindigen van een leven. Dat zijn twee goeden, niet een goed en een kwaad zoals in een drama. Euthanasie is geen drama, het is een tragedie.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden