Tour start tussen hoop en vrees

John Graat

Kees Pellenaars was een legendarische ploegleider in de jaren vijftig en zestig. Hij leidde de Nederlandse ploegen in de Ronde van Frankrijk. In het begin van de jaren zestig kwam hij op een dag thuis van de Ronde van Zwitserland. Pellenaars had helemaal geen zin meer in het wielrennen. Het milieu was hem gaan tegenstaan, omdat de hele karavaan slikte dat het een lieve lust was. „Vroeger spraken de renners over koersen en vrouwen. Nu spreken ze alleen maar over ’den drog’.”

Het voorval staat beschreven in ’Dossier Doping’ van de Belgische onderzoeksjournalist K. van Assche. Het boek is uit 1968 en schetst een ontluisterend beeld van de wielersport in die jaren. Van Assche schrijft over een ’voortwoekerende kankervlek’ die door niemand werd bestreden. De aanleiding voor zijn boek was, een jaar eerder, de dood van Tom Simpson. De Brit stierf op de Mont Ventoux als gevolg van doping. Hij was in 1967 een van de vier doden in de wielersport.

De wielersport is veertig jaar verder. Doden vallen er niet meer, maar bij de start van de 94ste Tour de France in Londen beheerst doping nog altijd het beeld. Het grootste verschil met 40 jaar geleden is dat het probleem nu bespreekbaar is. Zelfs nadat Simpson voor het oog van de televisiecamera’s zijn trieste dood was gestorven, bleef de wielerwereld het probleem vergoelijken, toedekken, verzwijgen en ontkennen. Anno 2007 is dat niet meer het geval.

Dat is in eerste instantie niet aan de sportwereld zelf te danken maar aan de tussenkomst van derden. De Franse justitie brak in 1998 met brute invallen in de Tour de oester open. De gerechtsdienaren legden de illegale praktijken in het peloton genadeloos bloot. Later werd in Italië, België en Spanje het voorbeeld van de Fransen gevolgd. Het leidde tot een stroom van affaires. Pijnlijk werd duidelijk dat het controlesysteem van de sportwereld weinig tot niets voorstelde.

Zelfs in de hardleerse wielerwereld zelf drong het besef door dat het zo niet langer kon. De dramatisch teruggelopen aandacht voor de Tour de France van televisiekijkers in Duitsland, de Verenigde Staten en Frankrijk deden de alarmbellen rinkelen. Wielrennen staat of valt met publiciteit, de sport is vanaf de wortel commercieel. De internationale wielerunie en managers van alle grote ploegen verklaarden de oorlog aan de doping.

Renners voelen zich nu in een hoek gedreven en klagen dat hun rechten met voeten worden getreden. Ze werden verplicht gesteld om DNA-materiaal af te staan. Alleen moordenaars en verkrachters moeten dat doen, klaagt het peloton dat zich ’gecriminaliseerd’ voelt. Dat is een oude reflex, blijkt ook uit ’Dossier Doping’.

In 1966 staakten de renners in de Tour toen de controles werden ingevoerd. „Men is aan het goochelen met onze individuele vrijheid. Ik ben echt verontwaardigd dat men overal zomaar onze koffers mag controleren, net als tijdens de bezetting”, sprak Raymond Poulidor in 1967. „Wij worden behandeld als prostituees die verplicht zijn geregeld hun gezondheidsboekje te laten afstempelen”, zei Roger Pingeon, Tourwinnaar van 1967. Overigens staakte het peloton ook in 1998 uit protest tegen de ’schandalige en onmenselijke’ handelwijze van de Franse justitie.

Veel renners staan nu onder medisch toezicht van artsen. Dat heeft de algemene gezondheid van het peloton sterk verbeterd. Sommige dokters zijn van mening dat de Tour rijden met epo beter is dan zonder. Ze hebben lak aan de rechtsongelijkheid die het inspuiten van verboden middelen met zich meebrengt.

Doping werkt competitievervalsend. De uitslagen van de jaren negentig, toen epo helemaal niet op te sporen was, bewijzen het. Nooit was de sport ernstiger verziekt. Een zeer middelmatige renner als Bjarne Riis kon na zijn dertigste ineens de Tour winnen; grote talenten als de Belg Edwig van Hooijdonk en de Nederlander Eddy Bouwmans moesten voortijdig afhaken. Ze wilden niet langer met pijl en boog strijden in een chemische oorlog.

Minstens een halve eeuw waren Tourwinnaars indirect advocaten van de doping. Fausto Coppi, Charly Gaul en Jacques Anquetil kwamen er eerlijk voor uit en propageerden het, Jan Janssen vond dat bepaalde toprenners bepaalde middelen wel mochten nemen. Later werden Eddy Merckx, Joop Zoetemelk, Bernard Thévenet, Pedro Delgado, Laurent Fignon, Bernard Hinault, Miguel Indurain, Bjarne Riis, Jan Ullrich, Marco Pantani, Lance Armstrong en Floyd Landis in verband gebracht met doping. Ze testen positief, werden openlijk beschuldigd of gaven het zelf toe.

Maar nu toont de wielerwereld voor het eerst in de historie zelfreinigend vermogen. Ploegen als T-Mobile en CSC, nota bene de ploeg van Riis, hebben met onafhankelijke waarnemers een zeer streng antidopingbeleid opgezet. Veel ploegleiders, teamartsen en verzorgers houden zich niet meer met doping bezig. Renners die kwaad willen, moeten het nu zelf uitzoeken. Ze gaan te rade bij figuren als Eufemiano Fuentes. In zijn kliniek in Madrid manipuleerde hij het bloed van 56 renners. Epo, groeihormonen en testosteron zijn ook via internet gemakkelijk verkrijgbaar.

Lang heeft het misverstand bestaan dat doping noodzakelijk was in zo’n zware sport. „Dan gaan we toch wat langzamer? Je kunt de Tour heel goed zonder doping rijden”, zei Erik Dekker onlangs. De jonge Tourdebutant Stef Clement reed vorig jaar de Giro clean en eindigde als 12de in een lange tijdrit. Dat gaf hem het vertrouwen dat veel mogelijk is zonder doping. Alleen deze mentaliteit, die bij de jongere generatie renners begint post te vatten, kan het dopingprobleem indammen. Voor het eerst komen er renners in een wereld die niet meer totaal gemedicaliseerd is. De koffers met ampullen en spuiten staan niet meer klaar in de hotels. De controles op onverwachte momenten maken de risico’s ook steeds groter. Om terug te komen op Pellenaars: renners moeten weer gaan praten over koersen en vrouwen.

Maar een cultuur van 100 jaar verdwijnt niet in een vloek en een zucht. Daarom start ook de 94ste Tour ergens tussen hoop en vrees.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden