Topdrie biedt nog een beetje vastigheid

Een half seizoen eredivisie: veel talent, veel grilligheid en veel tekortkomingen

Hoe lastig het voetbal in Nederland ook te peilen is, vooral vanwege de grilligheid van de veelal jonge spelers, iets van vastigheid is in de polder teruggekeerd. Voor de tweede achtereenvolgende keer voert de klassieke topdrie halverwege de competitie de ranglijst van de eredivisie weer aan, zij het in een iets andere volgorde: vorig jaar PSV, Ajax, Feyenoord, nu Ajax, PSV, Feyenoord.

Daaronder is een eervolle vermelding op zijn plaats voor Heracles en trainer Stegeman, een weinig opvallende persoonlijkheid die de club vorig seizoen behoedde voor degradatie en nu met aardig voetbal opstuwde naar de vierde plaats.

Trainer Bosz laat Vitesse soms weer fraai voetbal spelen, met de kanttekening toch wel dat tegen de topdrie geen enkel punt werd behaald: het onmiskenbare talent in Arnhem, zo moet de conclusie zijn, kan nog niet presteren als daarom het meest wordt gevraagd en de druk toch iets toeneemt.

Zo is FC Utrecht eruit te pikken: keurig zesde met de nieuwe trainer Ten Hag. Het gepromoveerde NEC draait alleszins verdienstelijk mee, ook met een nieuwe trainer, Faber. Het geruïneerde FC Twente zakte ver weg, tussen de andere degradatiekandidaten die staan waar ze mochten worden verwacht.

Dat zijn zo de schommelingen die er elk seizoen wel zijn. Puntsgewijs dan de topdrie erboven, en de weg van de topclubs naar die vertrouwde situatie aan de top.

Ajax, 41 punten

Puntenaantallen in voorgaande vijf seizoenen na zeventien duels: 39, 34, 36, 33, 32.

Ajax heeft halverwege meer punten dan ooit eerder onder trainer Frank de Boer. Het mag opvallend heten dat een trainer in zijn vijfde seizoen zo'n cijfermatige vooruitgang nog weet te boeken, in dit geval te meer daar al herhaaldelijk verondersteld kon worden dat de rek er in Amsterdam wel uit zou zijn.

Reden tot tevredenheid kan het desondanks niet zijn. De Boer verbond zelf het magere rapportcijfer 5,5 aan de eerste helft van het seizoen. Dat was begrijpelijk. Hoger kon het ondanks de flatteuze cijfers in de nationale competitie niet zijn, oordeelde De Boer, met het oog op de uitschakeling in zowel het bekertoernooi (tegen Feyenoord) als, smadelijker, in de groepsfase van de Europa League.

Dat roept de vraag op waar de winst in de tweede helft van het seizoen nog in kan zitten. In de landstitel natuurlijk, de vijfde in dat geval voor De Boer. Zijn nationale palmares zou er nog mooier uitzien dan nu al, maar tegelijkertijd zou de betrekkelijke waarde ervan worden onderstreept. Wéér is in Europa al gebleken hoe Ajax structureel tekort komt. Wat kan, lijkt nu ook De Boer in zijn vicieuze cirkel steeds meer te beseffen, een koppositie achter de dijken nog waard zijn?

PSV, 38 punten

Puntenaantallen in voorgaande vijf seizoenen na zeventien duels: 43, 23, 37, 37, 37.

Waar moet het zwaartepunt liggen? De kwalificatie voor de tweede ronde van de Champions League, de eerste van een Nederlandse club sinds 2006, was mooi - voor PSV en voor het Nederlandse voetbal. De manier waarop PSV en coach Cocu dat bereikten, kon als een voorbeeld gelden: met realistische strategieën en strijdvaardigheid handelden ze naar internationale wetten.

Maar in eigen land heeft PSV vijf punten minder dan vorig seizoen. De kampioen verloor van Heracles en speelde gelijk tegen vijf kleinere ploegen: ADO Den Haag, Heerenveen, Excelsior, Willem II en Roda JC. Daarin schuilt het cruciale verschil met de hoogtijdagen in het vorige decennium, waarin Cocu in het veld een drijvende kracht was van een ook in de competitie stabiele ploeg. De misstappen van het huidige PSV wijzen erop dat het diepere besef nog ontbreekt van wat er (altijd) wordt gevraagd en waarom ¿ van wat, ook breder, het voorbeeld moet zijn. Dat PSV zaterdagavond na een 2-0 voorsprong tegen PEC Zwolle nog in de problemen kwam (3-2), tekende de eerste seizoenshelft waarschijnlijk toch meer dan de Europese voorspoed.

Feyenoord, 36 punten

Puntenaantallen in voorgaande vijf seizoenen na zeventien duels: 31, 30, 34, 31, 17.

Verhoudingsgewijs de meest in het oog springende vooruitgang. Ronald Koeman, die Feyenoord naar de tweede, de derde en weer de tweede plaats leidde, boekte in zijn tweede seizoen halverwege zijn hoogste score: 34 punten. Van Bronckhorst heeft er als debuterende trainer toch twee meer.

Wie op beeldvorming afging, kon daarvan opkijken. Van Bronckhorst was een verbaal nooit spetterende voetballer, maar hij heeft ze natuurlijk altijd wel allemaal op een rijtje gehad. De eerste parallellen dringen zich op met PSV-coach Cocu, evenzeer een meer dan honderdvoudig international, over wie aanvankelijk op basis van vergelijkbare stereotypen ook genoeg bedenkingen leefden.

Maar de terugkeer van krachtbron Kuijt speelde natuurlijk ook mee, zacht gezegd. Zijn rentree werd al voorzichtig vergeleken met de glorieuze van Rijkaard ooit bij Ajax en Cocu later bij PSV. Dat was iets te gortig natuurlijk - zoals ook de eerste bespiegelingen alweer over een titelfeest op de Coolsingel. Zo goed als al gauw weer was gehoopt, kon de met onverminderd beperkte financiële middelen bijeengekochte nieuwe ploeg uiteraard niet zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden