Toos Stotijn vult leven met de harp

Tachtig jaar is de harpiste Toos Stotijn-Heuwekemeijer, maar dat heeft haar niet belet voor de tweede keer een harptrioconcert te organiseren. En er aan deel te nemen. In 'De Lakenhal' in Leiden treedt Stotijn vanavond op met de broers Edward en Chris Witsenburg. Het publiek komt op uitnodiging: familie en relaties. Toos Stotijn: "Een paar jaar geleden heb ik een heupoperatie ondergaan. Doktoren en verplegend personeel met wie ik in die tijd te maken kreeg, behoren ook tot de vaste bezoekers van onze optredens."

Haar hoge leeftijd vormt zo te zien geen enkel beletsel de snaren van de harp vol passie te beroeren. "Je kunt zeggen dat de harp naast mijn gezin mijn leven is geweest en nog steeds is. Naarmate de kinderen hun eigen weg zijn gegaan zelfs in toenemende mate."

Niet dat het de kinderen Stotijn onberoerd laat hoe hun moeder haar dagen vult. "Zij stimuleren mij van alle kanten. Bij de voorbereidingen van mijn concert zijn ze ook nauw betrokken en aan het concert dat we eind maart in het Amsterdamse Huygensmuseum hebben gegeven, werkte mijn dochter Loes mee, die pianolerares is in Den Haag."

Voor vanavond is de Lakenhal weer uitverkocht. De broers Witsenburg en Toos Stotijn brengen dan een programma dat bestaat uit composities voor diverse harpcombinaties. Tot niet geringe trots van Toos is daar een aantal werken bij die door haar zijn gearrangeerd. Dat betreft composities van Handel, Debussy en Faure en een Ierse melodie van John Thomas.

De harp kwam al vroeg al in haar leven. "Ik ben opgegroeid met muziek. Mijn vader had een muziekwinkel aan de Utrechtsestraat in Amsterdam vlakbij de Kerkstraat. Daar werd allerhande klassieke muziek verkocht, ook het in die tijd heel moderne werk van Maurice Ravel. Daar kon je toen nauwelijks mee aankomen, maar vader was vooruitstrevend. Muziekinstrumenten verkocht hij ook, vleugels en piano's en in de etalage stond als blikvanger een oude harp. Vader stamde uit een handelsfamilie."

"Buiten de muziekwinkel om was vader in zijn vak bezig als administrateur van de Italiaanse Opera. Dat werd een nog veelomvattender taak, toen er een directeur kwam, mevrouw de Hondt, die het aantrekken van artiesten aan hem overliet. Het betekende regelmatig naar Italie reizen. Daar werden onder anderen harpistes gecontracteerd. Ik denk dat vader in die tijd al het idee heeft gekregen mij harp te leren spelen."

"Daar had hij gegronde redenen voor. Vader was ook kapelmeester van het theaterorkest van Noggerath. Dat theater was te vinden naast het huidige Tuschinski. Vader schakelde voor dat orkest, dat uit een man of vijftien bestond, steeds vaker familieleden in. Dochter Nel (viool), zoon Toon (piano en harmonium) en dochter Lies (cello) maakten deel uit van zijn orkest. Mijn broer Piet en ik kwamen daarvoor als nakomertjes niet in aanmerking. Op een dag viel de beslissing dat ik oud genoeg was om harp te leren spelen. De harp uit de etalage werd daarvoor ingezet en ik kreeg les van mevrouw Antoinette Schwier-Rutters, een lief mens, maar geen goede lerares. Zij was al op jaren, toen ze bij ons kwam voor die lessen. Gehuld in veel tenten en lappen als een soort Klazien uit Zalk. Zij vond alles prachtig wat ik deed en zat intussen in het Nieuws van de Dag te lezen. Dat spaarde haar weer een abonnement uit."

Gloriedag

Toos tokkelde op de harp en was intussen op de driejarige HBS aan de Mauritskade. "Mijn gloriedag kwam toen ik moest invallen in de Italiaanse opera, in Il Trovatore. Ik liep op mijn tenen, toen de directrice mij na afloop beloonde met een grote doos bonbons met strikken. Dat vond ik nog mooier dan mijn salaris van 25 gulden. Nederland had in die tijd nauwelijks harpisten, Rosa Spier was een van de weinigen. Zij had ook een poosje les gekregen van mevrouw Schwier, naar ik later hoorde ook niet tot haar tevredenheid. Rosa eens te horen spelen was mijn ideaal, dat ik als meisje van zestien verwezenlijkte in het Concertgebouw. Ik was diep onder de indruk, alleen al door haar opkomst. Toen zij de snaren aanraakte begreep ik dat mijn spel vergeleken daarbij niets was. Vanaf dat moment had ik nog maar een wens, net zo goed te leren als Rosa Spier."

Toen Toos in 1932 een engagement kreeg bij de Bouwmeester Revue in Carre zij was toen 21 - tegen het voor die tijd vorstelijke salaris van 55 gulden per week, zag zij haar kans schoon. "Ik schreef een briefje aan mevrouw Spier met de vraag of zij mij les wilde geven, want daar had ik nu het geld voor. Zij reageerde vriendelijk en zo zat ik op een dag in haar muziekkamer in de Jan Luykenstraat. Rosa zei, nadat ze me een poosje had laten spelen: "Ik wil je les geven, maar je moet helemaal van voren af aan beginnen." Nou, daar maakte ik geen punt van: ik was maar al te blij dat ze ja zei. Later heb ik begrepen dat Rosa dat heeft gedaan uit een soort gevoel van lotsverbondenheid. Ik werd haar beschermelinge en dan zat je goed. Dat Rosa later nogal gehaaid over kwam, schrijf ik toe aan haar kamp ervaringen in de oorlog. De verne deringen die zij toen heeft moeten ondergaan, hebben diep in haar le ven ingegrepen."

Via het Gelders Orkest, een freelance contract bij de Avro, Vara en NCRV en daarna het Residentie Orkest werd de harp bepalend voor het leven van Toos, die inmiddels was getrouwd met de violist Constant Stotijn. Zij trad daarmee toe tot de beroemde Stotijn-familie. Op een gegeven moment maakten zeven Stotijns deel uit van het Residentie Orkest. "Buitenstaanders dachten soms dat ze voor de gek werden gehouden als ze dat te horen kregen."

Toos bleef spelen, totdat zij in 1949 besloot ermee te stoppen. "Ik had inmiddels vier kinderen en in die tijd werd je als werkende moeder met de vinger nagewezen. Ik heb van dat afscheid geen drama gemaakt. Opgroeiende kinderen begeleiden is ook boeiend."

Constant Stotijn overleed na acht jaar ziek te zijn geweest in 1975. "Het was het jaar erop dat ik op aanraden van mijn kinderen weer over harpspelen ben gaan denken. Ik kocht een harp, maar wat een ellende, ik bleek er niets meer van terecht te brengen. Dat was toch al te dol, zo'n duur instrument in huis hebben en daarop niet kunnen spelen."

Handtekening

"Ik heb toen na grote aarzeling contact opgenomen met de jonge harpist Edward Witsenburg. Die had mij in zijn begintijd nog eens schoorvoetend om een handtekening gevraagd. Hij vond het reuzeleuk dat ik naar hem toe kwam en uit die hernieuwde kennismaking is een hechte vriendschap gegroeid.

Het was net als bij Rosa Spier opnieuw beginnen, hoewel ik de slag toch vrij snel weer te pakken had. Sinds Edward hoogleraar in Salzburg is en daar elke veertien dagen heen gaat, heeft hij veel activiteiten afgestoten, maar onze concerten blijft hij doen. Daar hoef ik niet bang voor te zijn, zei hij onlangs. Ik ben daar reuzeblij om, want ze vullen mijn leven en doen mij lichamelijke klachten vergeten. Ik geloof dat als je iets heel graag wilt, je een heel eind komt. Wat mij pleziert, is dat ze van de plaatselijke kruisvereniging hier in Zoetermeer mij ten voorbeeld stellen aan leeftijdgenoten."

Gevraagd aan Edward Witsenburg wat hij in Toos Stotijn bewondert, is zijn antwoord: "Zij is nog steeds een geweldige vakvrouw. Zij was en is beroemd om haar mooie toon. Als je dat als harpist hebt, is dat een extra gave. Haar romantische benadering van muziek is bijna iets van een andere tijd. Toen zij mij vroeg haar les te geven, was ik in eerste instantie heel verbaasd, want ik had haar meegemaakt bij Rosa Spier en in het Residentie Orkest. Ik keek hoog tegen haar op en moest ik haar les gaan geven? Later begreep ik het. Ze had 28 jaar niet gespeeld!"

"Zolang zij ertoe in staat is zal ik met haar blijven optreden. Toos houdt me telkens voor dat ik het moet zeggen zodra ze het niet meer goed kan, want ze wil geen zielig vrouwtje worden dat koste wat kost harp speelt. Maar ze kan het nog steeds, ondanks al haar lichamelijke handicaps. Ik denk omdat die harp haar leven vult."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden