Ton Wilthagen 'Bouw en woningmarkt zijn niet op orde'

Waarom is de werkloosheid in Nederland zoveel hardnekkiger dan in vergelijkbare landen als Denemarken en Engeland? Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt aan de Universiteit Tilburg, somt drie redenen op. De eerste gaat over de woningmarkt. "Die speelde een belangrijke rol in onze crisis. Nog altijd zijn de bouw en woningmarkt niet op orde. Zolang jongeren geen hypotheek krijgen en er geen betaalbare starterswoningen bij komen, blijven bouwprojecten uit. Dat werkt ook door in de werkgelegenheid van sectoren die afhankelijk zijn van de bouw."

Een tweede reden is volgens Wilthagen de bezuiniging in de publieke sector. "In 2008 zagen we de zorg nog als banenmotor. Nu is dat de grootste leverancier van WW-uitkeringen, terwijl er zeker behoefte is aan meer personeel in de publieke sector en de zorg. Kijk naar het aantal verdwaasde mensen dat op straat loopt, terwijl er 300 jonge psychologen thuis zitten. Investeren in de publieke sector kan dus zeker helpen."

Dan zijn er nog de 'goedbedoelde' wetten en regels die verkeerd uitpakken, zoals de nieuwe Wet Werk en Zekerheid. Deze wet moest het flexwerk terugdringen, "maar zorgt er alleen maar voor dat bedrijven nog minder personeel in dienst nemen. De overheid moet werkgevers zorgen uit handen nemen, hen helpen bij innovaties en de export van hun producten en diensten."

Ronald Dekker 'Neem publieke arbeidsbemiddeling serieus'

Het is vrij simpel, zegt Ronald Dekker, arbeidseconoom aan de Universiteit Tilburg. De werkloosheid kan niet veel sneller omlaag dan dat hij nu gaat. "Het aanbod van werknemers stijgt; ouderen moeten langer doorwerken en er komen nog steeds meer vrouwen op de arbeidsmarkt. Tegelijkertijd groeit de economie nog maar mondjesmaat. Deze groei komt deels door robotisering en daardoor verdwijnen alleen maar arbeidsplaatsen, waardoor nog meer mensen werk zoeken. Verwacht dus niet dat de werkloosheid snel gaat dalen."

Volgens Dekker kan Nederland weinig doen om de werkgelegenheid te stimuleren. "Wat de overheid wel moet doen is de narigheid verkleinen. Dus help de werklozen waar het kan. Stop met de bezuinigingen op het UWV. Nu is er voor werklozen één keer per jaar lijfelijk contact met het UWV, dat moet naar een veel intensievere begeleiding. Arbeidsbemiddeling is een publieke taak die we momenteel in Nederland niet erg serieus nemen."

Dekker erkent dat de werkgelegenheid daardoor niet zal stijgen. "Maar het maakt de problemen van werklozen minder groot. En op de lange termijn heeft dat rendement. Mensen keren eerder terug op de arbeidsmarkt. Het enige wat het aantal werklozen hard omlaag kan brengen, is snelle economische groei. En dat kan Nederland niet zelf regelen. We zijn afhankelijk van de rest van de wereld."

Paul de Beer 'Ga korter werken'

Meer banen krijg je vooral door een hogere economische groei, weet ook Paul de Beer. "Maar we kunnen ook zelf iets doen. Ik heb daar wel ideeën over, maar die zijn niet populair", zegt de hoogleraar arbeidsverhoudingen aan de Universiteit van Amsterdam. Hij doelt op arbeidstijdverkorting. "Het heeft in de jaren tachtig ook niet gewerkt, zegt men dan. Maar je kunt wel lessen trekken uit die periode."

Die lessen komen vooral uit de publieke sector, waar arbeidstijdverkorting volgens De Beer wel heeft gewerkt. "Daar waren afspraken gemaakt tussen vakbonden en werkgevers. Ieder uur dat iemand korter gaat werken, wordt opgevuld door iemand anders. In de marktsector is dat minder gebeurd. Daar ging het personeel van een contract voor 40 uur naar 38 uur, maar in de praktijk veranderde er niets. Men verrichte dezelfde hoeveelheid werk, vaak in hetzelfde aantal uur."

In de jaren tachtig werd de arbeidstijdverkorting aan alle sectoren opgelegd. De Beer wil nu per sector bekijken wat mogelijk is. "Er zijn sectoren die al moeilijk aan personeel komen. Dan is het niet verstandig te arbeidstijd te verkorten. Maar waar het aanbod van personeel ruim is, daar kan je wel korten. En maak van arbeidstijdverkorting geen structurele maatregel. Laat de arbeidsduur fluctueren met de conjunctuur."

Ferdinand Grapperhaus 'Richten op innovatie, export en techniek'

"De export stimuleren, investeren in de techniek en ict, en de distributie doorontwikkelen. Daar zit de werkgelegenheid, dus daar moet Nederland op inzetten." Dat zegt Ferdinand Grapperhaus, hoogleraar arbeidsrecht aan de Universiteit Maastricht. "We moeten blijven investeren in technologie en innovatie, anders gaat het elders gebeuren en missen we de boot. Dan zal de werkloosheid alleen maar verder stijgen."

Een snelle daling van de werkloosheid ziet Grapperhaus niet gebeuren. "Er komt al veel werkloosheid bij doordat er banen verdwijnen in het middensegment; in de administratieve functies en bij allerlei submanagement. Dat werk wordt geautomatiseerd of door een lager opgeleide gedaan met hulp van computers. Die mensen zoeken straks ook allemaal werk."

Dus moet de werkgelegenheid worden gestimuleerd in sectoren die groeien en waar we sterk in zijn. "Blijf investeren in logistiek; in Rotterdam en in Schiphol, zodat we aantrekkelijk blijven. Maar ook in de landbouw. We hebben daar een enorme kennisvoorsprong die we moeten houden. Neem afscheid van sectoren die niet mee kunnen."

Het stimuleren van de sectoren die belangrijk zijn, kan al beginnen op jonge leeftijd, meent de hoogleraar. "Op de basisschool kan je al voorsorteren. Daar kun je jongens en meisjes al wijzen op de interessante vakken en kennis laten maken met beroepsgroepen. Maak bepaalde studies toegankelijker en aantrekkelijker."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden