Ton de Leeuw legt gevoelige boodschap onder Korenfestival

ARNHEM - 'Jocundemur, socii' zo roept het Internationale korenfestival tot en met 5 juli de ongeveer 4 000 koorzingenden toe. Latijn blijkt nog steeds de 'lingua franca' voor zowel het Taipei Artists Chorus uit Taiwan als het Kungsholm Kyrkokör uit Zweden.

In gewoon Nederlands klinkt het oubollig, 'Vrienden, laat ons vrolijk zijn', zeker het refrein dat bij het driestrofige lied hoort: 'O en o met jubelzang, laat ons gezelschap de gullen prijzen'; in het Latijn krijgt het echter een meerwaarde: 'O et o cum jubilo largos laudet nostra contio' door het staf-, binnen- en eindrijm en het geharde ritme van de klassieke hymne. Logisch: de tekst is afkomstig uit de 'Carmina burana', het hooglied van de koorzang.

Maar niet Orffs muziek daarop, doch vier composities van Nederlanders (Ruud Bos, Aart de Kort, Willem Wander van Nieuwkerk en Antoine Oomen) dienen als 'tune' voor het zangfestijn. Dagelijks zullen de stukken ingestudeerd worden tijdens het 'openbaar zingen', om 9 uur in Musis sacrum. Behalve de deelnemers mogen ook gewone liefhebbers meezingen in het wereld-massakoor.

Ondanks die levenslustige tekst, opende het festival donderdagavond heel wat serieuzer met een opdrachtwerk van Ton de Leeuw. Zijn 'Elégie pour les villes détruites' hield de stampvolle en snikhete zaal voor dat de menselijke stem ook dient voor de klacht, de smeekbede, de snik. De vijfdelige compositie voor zestienstemmig koor werd met grote intensiteit voorgedragen door het Nederlands Kamerkoor onder leiding van Klaas Stok.

Daarmee gaf Nederland niet alleen een fantastisch visitekaartje af op het terrein van a capella zang, maar werd de nationale en internationale gemeenschap (de eerste onder aanvoering van staatssecretaris Nuis) ook geconfronteerd met een topcomponist op het gebied van de menselijke stem en inkervende levensbeschouwing. Want in zijn 'Elégie' selecteerde De Leeuw passages uit het Oude Testament, waarin Jeruzalem als prototype dient voor de verwoeste steden der aarde, van Arnhem tot Hiroshima. Het 'Ecoutez tous, o peuple, et voyez ma douleur', in schrijnende akkoordzang gevangen, vormde een gevoelige boodschap onder dit festival.

Na de pauze heerste sprookjesachtig plezier in Ravels 'l'Enfant et les sortilèges', waarin het Nederlands Kamerkoor opnieuw aantrad, aangevuld met het Nationaal Kinderkoor van het SNK (Samenwerkende Nederlandse Koren, de koepel die het festival organiseert) en begeleid door het Gelders Orkest onder leiding van Roberto Benzi. De schitterende akoestiek van de vergrote Musis-concertzaal werkte perfect mee in Ravels verfijnde fantasie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden