'TOMBSTONE', 'THE JOY LUCK CLUB', 'LAURA', en 'FREE WILLY' Van het vechten der cowboys tot het leed van orca Willy

'Tombstone' is te zien in 20 bioscopen; 'The joy luck club' in 9 bioscopen; 'Laura' in Amsterdam-The Movies; 'Free Willy' in 53 bioscopen.

Regisseur George P. Cosmatos probeert het dus in 'Tombstone' met lekker veel geweld, een reeks overdonderende spektakel-scenes en vele relativerende knipoogjes naar het genre waarvan ook hij wel weet dat niemand het meer serieus neemt.

Het is 1879. De Burgeroorlog is voorbij en de trek naar het Westen begint. Sheriff Wyatt Earp (Kurt Russel) hangt zijn ster in de wilgen en trekt met zijn broers Morgan (Bill Paxton) en Virgil (Sam Eliott) naar Tombstone, een boomtown in Arizona, waar hij fortuin wil maken en rustig wil gaan leven.

Van die mooie plannetjes komt niets terecht. Tombstone wordt geteisterd door 'The cowboys', een dood en verderf zaaiende troep bandieten. Samen met hun oude vriend Doc Holliday (Val Kilmer) die ook naar Tombstone trok, binden de gebroeders Earp de strijd aan met dit geboefte.

De film 'Tombstone', die dik twee uur duurt, bestaat uit een lange reeks als los zand aan elkaar hangende confrontaties tussen de Earps en 'The cowboys'. Allemaal zijn ze karikaturaal aangezet en lekker smeuig vormgegeven. Die herhaling van steeds maar weer hetzelfde mondt uit op een ellenlange, barok getoonzette en al gauw volstrekt ridicule finale, waarin de Earps tijdens een nacht waarin het tegelijk onweert, stormt en regent, met hun tegenstanders afrekenen.

Doorlopend voel je dat Cosmatos, zijn crew en de acteurs niet in hun eigen project geloven. Geen moment weten ze de juiste balans te vinden tussen geloofwaardigheid en satire.

Alleen Val Kilmer onttrekt zich aan die malaise. De door hem gespeelde immer bezopen revolverheld lijdt aan tbc en is op sterven na dood. Daardoor wekt hij mededogen en daardoor is zijn uitzonderlijke gedrag gemotiveerd. Altijd en eeuwig negeert hij ieder gevaar, tart hij alle wetten van het Wilde Westen en maakt hij alle codes van de western belachelijk.

Een voorbeeld daarvan. Wanneer een van 'The cowboys' hem in een stampvolle saloon imponeert door wat te jongleren met zijn revolver, ledigt de al straalbezopen Kilmer in alle rust het kleine metalen kannetje dat zijn alcoholische versnapering bevat. Even kijkt hij de bandiet vernietigend aan. Vervolgens geeft hij - tot algemene hilariteit - met dat kleine kannetje een perfecte imitatie van de jongleurs-act van zijn opponent.

Enige faam

De in Hong Kong geboren en in Amerika werkzame regisseur Wayne Wang genoot tot nu toe enige faam door enkele kleine, vaak aan zijn persoonlijke achtergrond ontleende films. De bekendste daarvan zijn 'Chan is missing' en 'Eat a bowl of tea'.

Ook in 'The joy luck club' schemert nog iets door van Wangs Aziatische achtergrond. Klein en persoonlijk kan deze film echter nauwelijks meer genoemd worden. Hij werd geproduceerd, en dat is te merken, door Oliver Stone, die als regisseur geen middel onbeproefd laat om het publiek te raken en te ontroeren.

'The joy luck club' is gebaseerd op het gelijknamige verhaal van Amy Tan. Vier vrouwen, die opgroeiden in het oude China, wonen nu in Amerika. Iedere week treffen ze elkaar op een majong-avondje, 'the joy luck club'. Alle vier hadden ze in het oude China een vreselijke jeugd, iets wat nu nog doorwerkt in hun relaties met hun in Amerika geboren dochters.

Vanuit het wekelijkse majongavondje blikt Wang terug op het leven van deze vier vrouwen en hun vier dochters. Die opzet maakt het bekijken van 'The joy luck club' tot een wat vermoeiende zaak. Vier keer krijg je een in essentie gelijk verhaal voorgeschoteld, vier keer word je ondergedompeld in ongeveer hetzelfde moeder- en dochterleed.

Het bekijken van 'The joy luck club' wordt er niet gemakkelijker op doordat Wang en Stone alleen maar oog hebben voor de sentimentele kanten van hun verhaal en er alleen maar op uit zijn het publiek tranen te laten plengen.

Op het doek zie je slechts handen wringende en tegen hun tranen vechtende moeders in benarde omstandigheden, zich onbegrepen wanende dochters met pruillipjes, en moeders en dochters die zich na jaren langs elkaar heen geleefd te hebben, tranen plengend verzoenen en in elkaars armen storten.

Slecht wie iets weg te huilen heeft, zal bij 'The joy luck club' aan zijn trekken komen.

HANS KROON

Vaag schemert in 'Laura' door wat Barbara Meter bedoeld moet hebben. Veel duidelijker is dat haar opzet niet is geslaagd en dat haar gepuzzel heeft geleid tot een tamelijk hopeloze produktie.

Op papier is het een 'Rashomon' in persoonlijk perspectief. In die klassieker verweefde Akira Kurosawa verschillende visies op een bepaalde gebeurtenis tot een subtiel mozaiek. Samen vormden de getuigenissen een verwarrende, maar spannende reconstructie. Ook 'Laura' streeft naar zo'n reconstructie vanuit verschillende herinneringen. Hier gaat het echter niet om een gebeurtenis, maar om een leven dat stukje bij beetje naar boven wordt gehaald. In de literatuur is het een vrij gangbaar procede, op film blijkt het niet voor iedereen weggelegd.

De eerste handicap is het onderwerp. Het leven dat Barbara Meter besloot te reconstrueren, is volkomen oninteressant. Laura is een jonge vrouw, onzeker en afhankelijk. Wat ze doet blijft duister, veel is het in ieder geval niet. Ze roept wat bij een bandje en neuriet wat bij een piano, beide betiteld als 'zingen'. Over wat haar is overkomen spreekt men niet, maar dat ze 'dood' is lijkt wel zeker. Misschien was Laura een boeiend mens, uit de minimale informatie die Meter ons gunt blijkt daar niets van. De slappe vertolking van debutante Christel Berbers maakt evenmin veel wijzer.

Herinneringen

De vorm overheerst, zoals dat een experimentele film betaamt. 'Laura' bestaat uit flarden herinneringen van drie dierbaren: oom, vriend en vriendin. Zij memoreren anekdotes en karaktertrekken, elkaar met hun commentaren bestrijdend in nietszeggendheid. Het zijn korte flarden, steeds onderbroken door een fade naar zwart. Al dat zwart is te frequent om nog keuze te zijn: het is onmacht. Het is een alibi om het materiaal op willekeurige wijze te ordenen en te herhalen. Het materiaal: een aantal huiselijke scenes, lelijk gefotografeerd en slordig geensceneerd. Een home movie, per ongeluk verknipt en door een onbekende weer aan elkaar geplakt.

Tekenend voor de vele denkfouten bij deze produktie is het zogenaamde onderscheid tussen objectieve en subjectieve herinneringen. 'Laura' draagt de sporen van moeizaam gepuzzel. Iets dat bij voorbaat al weinig leven bevatte, werd vervolgens doodgedacht.

Over naar de laatste film in deze gecombineerde bespreking. Het gegeven is onverwoestbaar. Mensenkind sluit vriendschap met onbegrepen dier en redt het van wisse dood. Mooie natuurplaatjes en een brok in de keel, wat willen we nog meer?

Toch is er wel iets veranderd sinds 'Flipper'. Maakte het mensenkind toen nog deel uit van een harmonieus gezin, in 'Free Willy' bevindt de hoofdpersoon zich in een heel andere situatie. De wijze waarop de twaalfjarige Jesse wordt geintroduceerd is opmerkelijk: samen met een paar andere kinderen bedelt hij om geld en graait hij overgebleven voedsel van restaurantborden. 's Avonds kruipen de zwerfkinderen bij elkaar in een gore bouwval. Ziet, Amerikaans bioscooppubliek, zo is uw natie er aan toe.

Welnee, het is helemaal geen sociaal statement. Jesse's situatie dient alleen de parallel met het lot van Willy, een orca in een pretpark. Ook Willy, nog maar net uit zee geplukt, mist zijn moeder, voelt zich verlaten en wantrouwt iedereen. Jesse heeft moeite met zijn nieuwe, zeer welwillende pleegouders, Willy met zijn te kleine bassin. Dat schept een band. Het jochie en de walvis worden dikke maatjes, allebei gaan ze er sociaal op vooruit en Willy leert veel kunstjes. Totdat Jesse snode plannen van Willy's eigenaar ontdekt en besluit om zijn vriend te bevrijden. Wat leidt tot het mooiste beeld van de film: orca springt met reuzensprong over jongen heen naar de vrijheid.

Wie die sprong reeds zag in de tvcommercial, hoeft niet meer naar de film. Tenzij men wil zien hoe de loopbaan van prachtacteur Michael Madsen de verkeerde kant opgaat. 'Free Willy' is zo braaf en voorspelbaar als het gegeven behoeft. Met hun dubbele vondst - niet alleen zielig dier, ook zielige jongen - spelen de makers qua ontroering op safe. Na afloop verschijnt het telefoonnummer van 'Save the whale' in beeld. Ondertussen kwijnt de echte Willy weg in een park in Mexico Stad, naar het schijnt met stress en huidproblemen door de filmopnamen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden