Toen de aarde nog plat was en de hemel dichtbij

'Wij geloven dat de aarde rond is, want de wetenschap heeft ons ervan overtuigd dat al het wonderbaarlijke wetenschappelijk is'

De slungelige sukkel Goofy kroop in strips uit de jaren zeventig in de huid van historische figuren als Christoffel Columbus. Zo probeerde hij iedereen te overtuigen dat de wereld rond is. Om zijn woorden kracht bij te zetten schilderde de kleine Columbus een wereldbol op een ballon (de Disneytekenaars keken niet op een anachronisme meer of minder). Het leidde tot een verhitte discussie met zijn vader. "Hij is plat! Plat! Plat! Plat!", riep die stampvoetend. Waarop zijn zoon antwoordde: "Als u zo doorgaat wel."

Het idee achter deze scène komt voort uit de in de loop van de negentiende eeuw ontstane legende dat Columbus zo ongeveer als enige ter wereld inzag dat de aarde rond was en zijn reis ondernam om anderen van zijn gelijk te overtuigen. Dat is geschiedvervalsing. Columbus zocht in 1492 simpelweg een nieuwe route naar de Oost. Hetzelfde gold voor de expeditie van de Portugees Ferdinand Magellaan die in 1519 als eerste de wereld rondde.

'De platte aarde. De rijke geschiedenis van een mythisch wereldbeeld' van filosoof en publicist Hans Dijkhuis maakt duidelijk dat de verandering in het denken geleidelijker verliep. Prominente denkers in de Oudheid waren al overtuigd van een bolvorm. Maar nog tot aan het einde van de Middeleeuwen bestonden de overtuigingen van een ronde en een platte aarde naast elkaar.

Plat had verreweg de meeste aanhang, ook omdat de grote monotheïstische religies, jodendom, christendom en islam, hetzelfde uitgangspunt hadden. Ook in volksverhalen, sagen en legenden domineerde de wereld in pannenkoekvorm, of het nu ging om de lotgevallen van Koning Arthur, de 'Edda', 'De vertellingen van duizend-en-één-nacht' of 'De reis van Sint-Brandaan'. Alleen een kleine elite van geleerden was in de Middeleeuwen een andere mening toegedaan. Die deed weinig of geen moeite om die kennis te verbreiden. Niet helemaal onlogisch trouwens: het ontkrachten van godsdienstige stelligheden kon gevaarlijk zijn.

De mensen waren nog niet toe aan de gedachte van een grote wereld, beweert Dijkhuis, laat staan aan de gedachte van één mensheid. Met een grote aarde en een onmetelijk heelal hadden ze zich geen raad geweten. Met religie en mythen probeerden ze grip te krijgen op hun woonplaats en de ruimte daar omheen. Het etnocentrische denken domineerde overal: het eigen volk en eigen geloof stonden letterlijk en figuurlijk in het middelpunt. Andere volkeren en andere overtuigingen waren daarin gemarginaliseerd. En zo'n aarde was plat.

Die gedachte is overigens nog steeds een heel erg logische voor de jongste jeugd. Uit onderzoek dat eind vorige eeuw in de Verenigde Staten en Israël werd gedaan onder achtjarigen bleek dat slechts een op de twintig van de ondervraagde kinderen geloofde dat de aarde een bol is. De docenten namen aan dat 95 procent van hen dat zou denken.

Bij het etnocentrische wereldbeeld van onze voorouders pasten ook vaste overtuigingen over de boven- en onderwereld. De meeste volkeren zagen de hemel als een koepel waaraan de sterren zaten vastgenageld. Sommigen zagen een prachtig verlicht kleed als de 'mantel' van God. Alleen met zo'n visie, die min of meer uitging van sterren ter meerdere eer en glorie van de aarde, kon zoiets als astrologie ontstaan.

Een onderscheid tussen hogere en lagere luchtlagen werd niet of nauwelijks gemaakt. Vandaar dat zowel in onze termen voor weerkundige én sterrenkundige fenomenen het Griekse woord meteoros (hoog opgetild, hoog in de lucht) terugkomt.

Van afstanden van miljarden lichtjaren konden mensen zich geen enkele voorstelling maken. Op de meeste plaatsen schatten ze de hoogte van de hemel op maximaal enkele duizenden kilometers. Het verklaart waarom veel bergen een heilige status kregen en populair werden voor het brengen van offers. Maya's, Azteken en Tolteken bouwden om die reden zelfs hun afgeplatte piramides. Met zo'n nabije hemel was het voor God of goden ook niet al te moeilijk om alles op aarde in de gaten te houden.

Tegenover de bovenaardse hemel stond een onderaardse hel, veelal voorgesteld als een gruwelijk grottenstelsel. Een muf ruikende, mistroostige plek zou het zijn, waar de doden werden gestraft voor de misstappen tijdens hun leven. Sommige dodenrijken waren onderverdeeld in afdelingen met de zwaarte van de begane zonden als selectiecriterium. In de ergste van de zeven hellen van de hindoes werden de ongelukkigen geroosterd, gebakken, in olie gekookt, met spijkers doorboord of gevild en in stukken gesneden. Toch was er nog herkansing in een volgend leven mogelijk, terwijl christendom en islam de zondigen veroordeelden tot een eeuwig strafkamp in de onderwereld.

Voor lastig verklaarbare verschijnselen kon altijd worden teruggevallen op de kracht van het verhaal. Wat gebeurde er bijvoorbeeld met de zon tussen ondergang en opkomst? De oude Egyptenaren koesterden de mythe waarin de hemelgodin Noet elke avond de zon verslond om 's ochtends weer een nieuwe te baren.

In een minstens 2500 jaar oude Chinese mythe waren er tien zonnen, zonen van de hemelgod Di Jun en de hemelgodin Xi He. Ze woonden met z'n allen in een grote boom achter de oostelijke horizon. Van hun ouders mocht er maar een tegelijk schijnen.

Op geraffineerde wijze kruipt Dijkhuis' 'De platte aarde' tussen de oren van onze totaal anders denkende voorouders. Helder en toegankelijk schrijvend zet Dijkhuis allerlei oude culturen en religies naast elkaar waarbij de verschillen, maar vooral de vele overeenkomsten in de beelden van de wereld - onder en boven -in het oog lopen.

Het is jammer dat de auteur iets minder gedegen en met wat meer haast de eeuwen beschrijft waarin twee wereldbeelden (plat en bol) naast elkaar bestonden. Ook het langzaam groeiende inzicht dat de aarde niet het middelpunt van het heelal was, komt er nogal bekaaid vanaf.

Het oude denken was zo vertrouwd. Het nieuwe deed zoveel wankelen. De Ierse schrijver George Bernard Shaw (1856-1950) leek een kleine eeuw geleden nog altijd te twijfelen: "In de Middeleeuwen geloofden mensen dat de aarde plat was, waarvoor zij tenminste nog de evidentie van hun zintuigen hadden; wij geloven dat zij rond is, niet omdat ook maar 1 procent van ons de natuurkundige redenen voor zo'n vreemd geloof zou kunnen geven, maar omdat de moderne wetenschap ons ervan heeft overtuigd dat al het wonderbaarlijke, onwaarschijnlijke, buitengewone, gigantische, microscopische, harteloze of ongehoorde wetenschappelijk is."

Hans Dijkhuis: De platte aarde. De rijke geschiedenis van een mythisch wereldbeeld Athenaeum; 276 blz. euro 22,50

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden