Toekomstjournalistiek laakt de waan van de dag

Speculant Jim Rogers (foto links) en business-student Alexander Cheng (foto rechts) in groei-economie Singapore. Beiden zijn ervan overtuigd dat de toekomst in Azië ligt. Rogers wil daarom dat zijn vijfjarige dochter vloeiend Mandarijn spreekt en doordrenkt is van de Aziatische cultuur. (STILLS UIT 'TEGENLICHT') Beeld
Speculant Jim Rogers (foto links) en business-student Alexander Cheng (foto rechts) in groei-economie Singapore. Beiden zijn ervan overtuigd dat de toekomst in Azië ligt. Rogers wil daarom dat zijn vijfjarige dochter vloeiend Mandarijn spreekt en doordrenkt is van de Aziatische cultuur. (STILLS UIT 'TEGENLICHT')

We leven niet in de wereld van vandaag, maar in die van morgen. En daarop moeten we ons goed voorbereiden. Met die visie blikt VPRO-programma ’Tegenlicht’ liever in haar glazen bol dan dat zij braaf de Haagse, Brusselse of Amerikaanse agenda volgt. Zo voorspelde de redactie de gevolgen van de vallende Amerikaanse economie al twee jaar vóór de kredietcrisis.

Stel-dat-journalistiek, noemt eindredacteur Jos de Putter het. Het is dinsdag: opgetogen en geïnspireerd komen redacteuren, makers en researchers van VPRO-programma ’Tegenlicht’ op de redactie in Hilversum aan. Met koffie in de hand en de jas nog aan, discussiëren ze over de globaliseringslezing in Amsterdam de avond ervoor. Daar zette Kishore Mahbubani het naderende einde van de westerse dominantie uiteen en voorspelde hij dat deze eeuw, de eeuw van Azië wordt.

’Tegenlicht’ heeft de intellectueel uit Singapore zelf al eens in de uitzending gehad. Zijn betoog sluit tenslotte naadloos aan op de filosofie van het programma: naar actuele ontwikkelingen kijken in relatie tot de toekomst. Want, zegt De Putter: we leven in de wereld van morgen, waarbij er continu op onze zekerheden wordt geschoten. „Ons huis wordt minder waard, onze ouders worden ouder en moeten naar een verzorgingshuis.” ’Tegenlicht’ stelt zich daarom tot ideaal: kijkers voorbereiden op de ongewisse toekomst.

Hoe onzeker die is, werd de laatste maanden wel duidelijk, toen banken vielen en onheilspellende economische scenario’s zich ontrolden. Maar waar veel programma’s op de Nederlandse televisie de val van het kapitalisme verslaan en proberen te duiden, gaat ’Tegenlicht’ meteen op zoek naar het model van de 21ste eeuw. Begin februari op tv, in vier delen, als serie, onder de titel ’The Worlds Next Supermodel’.

Vandaag staat de serie op de agenda voor de redactievergadering. Gezond vooruitblikken kan niet zonder te leren van fouten uit het verleden. In de eerste aflevering wil de redactie daarom achteruitblikken: wat ging er de laatste decennia nu precies mis? De redacteuren spelen met het idee om het gevallen kapitalistische systeem met onconventionele juridische middelen aan te klagen.

Een groot idee-experiment, maar hoe pak je zoiets aan? Wat is de schuldvraag, bij wie leg je die neer en wie gaat zo’n juridische case proberen voor te bereiden? De Putter weet misschien wel een pittige Amerikaanse juriste die dat zou kunnen. Maar hij erkent dat het een lastige uitzending wordt om te maken. Maker Bregtje van der Haak, zelf juriste, komt met een ander idee. „Kunnen we niet vier topjuristen van Yale en Harvard bij elkaar zetten, die het systeem aan de hand van een aantal casussen onder hoge tijdsdruk bevragen, terwijl wij dit proces volgen met de camera?” De Putter vindt dit ’erg Tegenlicht’ en er wordt besloten de juristen hiervoor te benaderen.

Dan op naar de toekomst. „Het Angelsaksisch neoliberalisme is dood, what’s next?”, werpt De Putter op. Omdat in het Westen wordt geroepen om een ’gereguleerde vorm van kapitalisme’, onderzoekt ’Tegenlicht’ landen die een dergelijk systeem al kennen: de groei-economieën Singapore en Brazilië. Wat valt daar te leren en welke elementen van dat systeem zijn voor ons toepasbaar? Wat is een gezond model dat bij onze culturele traditie past?

Regisseur Shuchen Tan is net terug uit het kleinste land van Zuidoost-Azië. Daar heeft ze onder meer de Amerikaanse speculant Jim Rogers gevolgd, die met zijn gezin naar Singapore is verhuisd, uit overtuiging dat dáár de toekomst ligt. Tevreden zien we hem in de ruwe versie op Tans monitor in een schoolklasje naast zijn vijfjarige hoogblonde dochter zitten. Niks gezellige tafelgroepjes, maar kaarsrechte schoolbanken. „Rogers wil dat zijn dochter vloeiend Mandarijn spreekt en doordrenkt is van de Aziatische cultuur”, vertelt Tan.

„In 1807 moest je in Engeland zijn, in 1907 in Amerika en in 2007 in Azië”, zegt Rogers op het scherm, terwijl hij in de wachtruimte van zijn Singaporese tandarts een fles champagne uit de koelkast pakt. De ruimte is strak ingericht en oogt als een hippe loungebar. Voor al die luxe werkt de Singaporees zich wel een slag in de rondte en krijgt hij maar een minimale WW-uitkering, nuanceert Tan de op het eerste gezicht ideale situatie op het scherm. „Mochten wij in Nederland zo’n model willen, dan moeten we offers brengen. Geen vervroegd pensioen meer.”

Terug naar de redactievergadering in Hilversum. „Zetten we een aantal van die modellen achter elkaar of geven we de kijker ook iets mee?”, vraagt eindredacteur Doke Romeijn. De redactie besluit dat in het vierde en laatste deel van de serie moet worden geëvalueerd welk model zich het best onder druk handhaaft.

„Inzicht in wat er nog niet is, maar waarschijnlijk wel gaat gebeuren”, zegt maker Marije Meerman over de aanpak van ’Tegenlicht’. Uit fascinatie voor de werkvloer van de toekomst en hoe we daar als ’flexmensen’ op moeten anticiperen, reisde ze voor een eerdere uitzending af naar Chongqing, Centraal China.

„Mijn kinderen krijgen straks Chinezen als collega’s”, voorziet ze. Een jaar lang volgde ze Chinese studenten die zich voorbereidden op toelating aan een topuniversiteit in Peking. Meerman: „De eerste keer kwam ik heel nerveus thuis. Als ik mijn elfjarig zoontje thuis zijn huiswerk niet zag maken, dacht ik: o jee, met deze houding kom je er niet. Kijkers schrikken misschien ook van zo’n uitzending, omdat je iets ziet waaraan je niet kunt voldoen. Maar het geeft wel inzicht in de mentaliteit van een land waartoe je je steeds nauwer gaat verhouden. ”

Milieuminister Jacqueline Cramer is enthousiast over deze ’toekomstjournalistiek’ en ziet de invloed ervan op de totstandkoming van het Haagse beleid. „Het programma laat zien dat je nu al met de toekomst aan de slag kunt. Praktisch, zoals met de uitzending over cradle to cradle (een filosofie die ervan uitgaat dat alle gebruikte materialen na hun gebruik in het ene product, nuttig kunnen worden ingezet in een ander product, zonder restproducten die gestort worden, JM).”

Actualiteitenrubrieken bereiden kijkers volgens de minister nauwelijks voor op wat er gaat gebeuren en zetten weinig in gang. „Alle voors en tegens worden in waan-van-de-dagprogramma’s een kwartier scherp tegenover elkaar gezet, maar vaak blijf je als kijker alleen maar verward achter”, vindt ze. Dat effect had de ’Tegenlicht’-uitzending over cradle to cradle van twee jaar geleden bepaald niet, ervoer Cramer. „Het concept werd landelijk bekend en concreet, omdat te zien was hoe je heel praktisch grondstoffen in de kringloop kunt houden. Ineens werden er grote conferenties georganiseerd met wetenschappers en jonge studenten. Zelf heb ik er beleid voor ontwikkeld.”

Hoe prettig is zo’n compliment eigenlijk, afkomstig van ’de macht’ die journalisten eigenlijk horen te controleren? Shuchen Tan: „Als je iets in gang wilt zetten, is dat alleen maar mooi. Wij hebben ideeën voor de toekomst. Wij zoeken graag naar oplossingen, in plaats van ons te verschansen vanuit het idee ’het gaat allemaal mis’.”

Ook op het ministerie van buitenlandse zaken wordt ’Tegenlicht’ gevolgd. Emiel de Bont, werkzaam op een afdeling die zich bezighoudt met toekomstige trends, ervaart dat de ’Tegenlicht’-redactie en zijn eigen afdeling vaak met dezelfde onderwerpen bezig zijn. „De impact van globalisering en de verschuiving van welvaart bijvoorbeeld. Je kunt er seminars over organiseren, boeken over lezen, maar beeld en geluid maken onderwerpen levendiger. Het helpt geesten rijper te maken voor ontwikkelingen die eraan komen. En een groter publiek maakt er kennis mee. We moeten over onze dijken heen blijven kijken.”

Dat vindt ook mediahistoricus Huub Wijfjes, verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen. Volgens Wijfjes is er op tv veel aandacht voor de waan van de dag en wordt de Haagse, Brusselse en Amerikaanse agenda braaf gevolgd. „Weliswaar goed en kritisch, maar het is ook mooi dat er een rubriek is die zich interesseert voor structurele vraagstukken op langere termijn. De dagjournalistiek is ook wel bezig met de toekomst, maar wil toch vooral morgen al resultaat. Hoe de wereld er over een eeuw uitziet, interesseert de meeste journalisten niet.”

Maar wat als je er helemaal naast zit? Niet erg, zegt De Putter. „Wij onderzoeken trends en denken daarmee verder. Daaruit ontstaat een bepaald toekomstbeeld. Van onze redactie vraagt dat lef om te experimenteren. De mores van hoor en wederhoor mogen mijn redacteuren naast zich neerleggen. Durf een propagandafilm te maken, roep ik vaak.” Wijfjes heeft hier zijn bedenkingen over. „Je moet kijkers niet belagen of bevoogden met één idee waarin ze moeten geloven”, vindt de mediahistoricus, die pure propaganda overigens niet tegenkomt bij de VPRO. „De omroep heeft juist een traditie van mensen kritisch laten nadenken over problemen die relevant zijn.”

Dwars deuren inschoppen past ook bij de omroep. De Putter vindt dat nog steeds erg belangrijk. „Ironisch blijkt dat we juist dan vaak voorspellend werken. Een voorbeeld: toen heel Nederland worstelde met identiteit, maakten wij een serie vanuit de grondhouding ’identiteit bestaat niet’. De dag na de uitzending zei prinses Máxima dat de Nederlandse identiteit niet bestaat.”

Wijfjes plaatst hier kanttekeningen bij. „De journalistiek moet mensen een reëel beeld geven van wat er gebeurt of mogelijk gaat gebeuren. Gebaseerd op feiten en wetenschappelijk onderzoek. Of onderzoek naar een concrete casus in een ander land, zoals ’Tegenlicht’ nu doet in Singapore. Maar de redactie had ook in de geschiedenis kunnen duiken in plaats van naar Singapore te reizen.”

„De valkuil bestaat inderdaad dat je alleen nog maar dingen ziet die jouw beeld bevestigen”, zegt ’Tegenlicht’-researcher William de Bruijn. „Maar in deze wereld heb je informatie nodig die veel verder gaat dan de waan van de dag. En zeker als je een kenniseconomie wilt zijn, moet je ervoor zorgen dat je je niet in slaap laat sussen door die waan of je laat wegwaaien door luchtigheid.”

(STILL UIT 'TEGENLICHT') Beeld
(STILL UIT 'TEGENLICHT')
(Trouw) Beeld Jupiterimages
(Trouw)Beeld Jupiterimages
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden