Toch een taart op Moederdag

Antonia Theodora van Kampen 1917-2015

Twee grote liefdes had Toos in haar lange leven. De kerk en haar ouders stonden een huwelijk in de weg.

Het liefst was Toos van Kampen fotograaf geworden, net als haar vader Toon. Die maakte op het strand van Noordwijk foto's van de badgasten; het toerisme was in die jaren twintig net in opkomst. Nadat hij ze in zijn atelier had ontwikkeld, leverde hij de foto's af bij het hotel waar zijn klanten logeerden, meestal de wat beter gesitueerden die het geld er graag voor over hadden. De zaak van Toon van Kampen liep dan ook goed.

Twee van zijn zoons gaven hun vader te kennen dat zij graag in zijn voetspoor wilden treden. De vijftienjarige Toos was getuige van het gesprek en zei voorzichtig: "Ik wil ook in de fotografie." Pa stak bezwerend zijn wijsvinger op en maakte met vijf woorden een eind aan de toekomstdroom van zijn dochter: "Dat is niet voor meisjes." En daarmee was de kous af.

Nooit heeft Toos geklaagd over de strikte opstelling van haar vader. Zo was de tijd nu eenmaal, meisjes speelden een ondergeschikte rol. Ze was naar hem vernoemd en was gek op hem: hij had een heel mooie zangstem, was erg technisch, en kon zelfs radio's bouwen. Ze mocht als klein meisje graag een toneelstukje met hem opvoeren - zij was de kwajongen en hij speelde de grootmoeder - en op zaterdagavond keek ze met ontzag hoe hij met een grote scheerkwast van die dikke witte schuimdotten op zijn gezicht aanbracht, en natuurlijk kon hij het nooit nalaten om onverwachts wat schuim op haar neus te deponeren. Later op die avond deden ze met het hele gezin leuke spelletjes - ze waren met negen kinderen, vijf zoons en vier dochters, Toos was de een na jongste dochter.

Uiteindelijk kreeg ze van pa toch een fototoestel, en ze mocht ook in de donkere kamer foto's ontwikkelen en hand- en spandiensten verrichten. Ook ging ze een tijdje werken bij haar broer Bert die in Alkmaar een fotozaak was begonnen. Daar leerde ze Piet kennen, haar eerste grote liefde. Maar Piet was helaas niet katholiek, en haar ouders konden niet accepteren dat hun dochter met een protestantse jongen zou trouwen. Toos, inmiddels al dik meerderjarig, legde zich erbij neer; het zat niet in haar karakter om tegen haar vader en moeder in te gaan. Door de bezetter - het was inmiddels oorlog - werd Piet tewerkgesteld in Duitsland, hij is daar nooit van teruggekomen.

In Noordwijk zou ze later bij haar andere broer Jan in diens fotozaak werken. In het huis Vogellust, waar ze bijna haar hele lange leven zou wonen, verzorgde ze jarenlang haar moeder nadat haar vader was overleden. Het was een compleet familiehuis, want ook de jongste broer van Toos woonde er met vrouw en uiteindelijk zeven kinderen. Het was er altijd gezellig, en Toos genoot van haar nichtjes en neefjes die ze graag voorlas en met wie ze ging wandelen. Ze had zich ermee verzoend dat ze zelf geen kinderen zou krijgen, al vond ze dat wel heel jammer.

In Noordwijk ontmoette ze haar tweede grote liefde, Nico. Hij had wel het juiste geloof. Wat heet, Nico was kapelaan! Ze raakte smoorverliefd. Nico vroeg haar om zijn huishoudster te worden toen hij pastoor werd. Dat deed ze maar al te graag. Toos volgde hem naar Rotterdam en Wassenaar. Ze kookte voor hem, deed de tuin, hield de pastorie schoon en verzorgde de bloemenversiering in de kerk; ze was een fantastische gastvrouw die van stijl hield: mooi bestek en glazen op een keurig gedekte tafel. Ze voelde zich allesbehalve een sloofje van Nico, maar juist gelijkwaardig aan hem.

Celibaat

Het was een platonische relatie, zei ze. Maar ze had wel door dat er over haar werd gepraat, zeker ook in Noordwijk. Daar hield ze het ouderlijk huis aan, met Nico was ze er op zijn vrije dagen. Met zijn steun kocht ze het zelfs aan nadat haar moeder begin jaren zestig was overleden.

Nico was een progressieve pastoor. Net als Toos hoopte hij dat de frisse wind die er in de katholieke kerk waaide zou doorzetten, misschien zou zelfs het celibaat opgeheven worden, wie weet zouden ze dan wel gaan trouwen. Het was de tijd van het Tweede Vaticaans Concilie en de vooruitstrevende en geliefde paus Johannes XXIII. Maar uiteindelijk zou er toch niet zoveel veranderen in de kerk.

Een keer op Moederdag gaf Nico zijn kinderloze huishoudster een taart, met het opschrift: 'Niet gebaard, toch een taart.' Haar reactie was onnavolgbaar. Een paar weken later kreeg Nico op Vaderdag een taart met de tekst: 'Niks gepresteerd, toch geëerd' - Toos kon raak uit de hoek komen.

Met Nico ging ze naar de film, 'Jesus Christ Superstar' bijvoorbeeld. Dat was voor haar een openbaring. Ze was weg van het nummer 'I Don't Know How to Love Him' waarin Maria Magdalena haar liefde voor Jezus bezingt, Toos herkende zich volledig in die vrouw.

Nico en Toos maakten vele reizen, naar Rome bijvoorbeeld. Met een bevriend stel - eveneens pastoor en huishoudster - gingen ze op vakantie. En hoewel Toos het liefst thuis was, genoot ze daar enorm van. Na Nico's emeritaat zouden ze permanent in Vogellust gaan wonen, was de bedoeling. Maar zover kwam het niet: Nico kreeg kanker en overleed, 61 jaar oud.

Voor de 59-jarige Toos werd Noordwijk weer haar vaste woonplaats. Ze omringde zich met vriendinnen en familieleden. Ze las veel, schreef gedichten, schilderde, hield kippen, plukte bramen (waarvan ze lekkere jam kon maken) en verdiepte zich in het geloof. Ze had als tiener zeker de middelbare school kunnen halen, maar ja, dat was in die tijd voor een meisje niet weggelegd.

Zo nu en dan, als ze wat diepere gesprekken over het leven had met dierbaren, vertelde ze over haar twee grote liefdes, Piet en Nico. En ze liet steeds doorklinken dat ze noch haar ouders, noch de kerk iets verweet dat het niet tot een huwelijk en kinderen had kunnen komen. Zo ging het destijds nu eenmaal.

98 en verliefd

Tot op hoge leeftijd was ze graag in het gezelschap van mannen. Ze kon opgetogen zijn over verplegers van de thuiszorg die over de vloer kwamen, of over dorpsgenoten, al dan niet op leeftijd: "Ja, die man mag dan wel 80 zijn, maar hij is knap en charmant." Soms zei ze openlijk dat ze weer verliefd was, tot op haar 98ste.

Haar hele leven bleef fotograferen haar hobby, al heeft ze het digitale tijdperk aan zich voorbij laten gaan. Ze had altijd een toestel bij zich, en zorgde ervoor dat ze zelf ook regelmatig op de foto kwam, want ijdelheid was haar niet vreemd. Toen ze een keer, op haar 85ste, met haar fiets in de sloot was beland en daar met behulp van brandweer en politie uit getrokken werd, was haar eerste reactie: "Jammer dat er geen foto is gemaakt."

Begin dit jaar brak ze haar heup. Het herstel verliep minder vlot dan zij en haar artsen hadden gehoopt. In de eerste week van maart ging ze naar een verzorgingstehuis in Noordwijk, aanvankelijk tegen haar zin ("wat doen jullie me aan"), maar ze legde zich er toch gauw bij neer. Ze begon zelfs de voordelen in te zien: het eten was goed, het was er gezellig, en ze kon in haar rolstoel door de duinen en over het strand geduwd worden.

Eind maart kreeg ze een hersenbloeding, zo zwaar dat zelfs een gezonde meid van twintig dat niet overleefd zou hebben, zei de arts in het ziekenhuis. Daar overleed ze, na vier dagen in coma gelegen te hebben. Toos is begraven in het graf van Nico, de pastoor. Dat had hij veertig jaar geleden zo geregeld.

Antonia Theodora van Kampen werd geboren op 21 februari 1917 in Sassenheim, ze overleed op 28 maart 2015 in Leiden.

In Naschrift beschrijft Trouw het leven van onlangs overleden bekende of heel gewone mensen. Een tip voor Naschrift? Mail naar naschrift@trouw.nl Of per post naar Trouw/Naschrift, postbus 859, 1000 AW Amsterdam

Toos van Kampen kon zich ermee verzoenen dat ze geen kinderen had gekregen.

Toos van Kampen

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden