Timorezen zijn vrij, maar straatarm

Tien jaar na onafhankelijkheid is Timor-Leste nog altijd land in opbouw Morgen presidentsverkiezingen

"We zijn een arme familie", zegt de 45-jarige Celatina Da Costa. Ze woont met haar zes kinderen in een dorpje in Oost-Timor, of Timor-Leste zoals het land sinds de onafhankelijkheid in 2002 heet. Het huis is niet meer dan een hutje gemaakt van dunne houten plankjes met een golfplaten dak. Een toilet en stromend water hebben ze niet. "Ik moet een kilometer lopen om water te halen", zo vertelt ze. De hele familie van zeven mensen moet rondkomen van iets meer dan twee dollar per dag. "We proberen hout te verkopen en van het geld kopen we rijst. Het is niet genoeg, maar zo is ons leven."

Timor-Leste gaat een belangrijk jaar tegemoet. Het land kiest morgen een nieuwe president, in juni volgen parlementsverkiezingen. Ook wordt dit jaar tien jaar onafhankelijkheid gevierd. Maar de problemen zijn nog altijd groot. Het land moest van de grond af worden opgebouwd nadat Indonesië vertrok.

Iedereen die het wordt gevraagd zegt blij te zijn met de onafhankelijkheid, maar vrijheid staat niet gelijk aan welvaart. De armoede in Timor-Leste is groot. De laatste betrouwbare cijfers van de Wereldbank dateren uit 2007, toen bijna de helft van de 1,1 miljoen inwoners bleek te moeten rondkomen van 88 dollarcent per dag. Van de kinderen is 58 procent ondervoed, een van de hoogste percentages ter wereld.

De armoede zorgt voor veel problemen, ondanks de hulp van veel buitenlandse organisaties. "Vooral op het platteland is geen schoon water te krijgen", zegt de Nederlandse Iris Trapman, die hier werkt voor het Australische Rode Kruis. "Er overlijden veel mensen aan diarree. We proberen de mensen simpele dingen aan te leren, zoals water te koken en handen te wassen."

Veel Timorezen zijn aangewezen op geld dat de overheid uitkeert, bijvoorbeeld in de vorm van pensioenen of compensatie voor veteranen die hebben meegevochten voor de onafhankelijkheid. De meeste werken in de informele economie. Het opleidingsniveau is laag, het analfabetisme hoog. Bij het vertrek van Indonesië zijn veel schoolgebouwen afgebrand en Indonesische leerkrachten vertrokken.

Ondanks de grote armoede groeit de economie van Timor-Leste. Dat komt vooral doordat de overheid flink investeert, maar dat brengt ook een hoge inflatie met zich mee, rond de 17 procent. De Timorese overheid kan investeren door de inkomsten uit olie. In 2005 is een 'petroleumfonds' opgericht om ook de toekomst van latere generaties veilig te stellen. Afgesproken is dat alle opbrengsten uit olie in het fonds terechtkomen; er zit nu zo'n tien miljard dollar in. De regering mag elk jaar een percentage uit het fonds halen voor het staatsbudget. Omdat er verder nauwelijks andere inkomsten zijn komt 95 procent van het staatsbudget uit het petroleumfonds. Elk jaar wordt er meer uit het fonds gehaald.

Het land zal op zoek moeten naar andere inkomstenbronnen, maar welke? Grootschalig toerisme lijkt vooralsnog niet mogelijk, omdat het land nog onderontwikkeld is. "Er is olie en koffie, daar houdt het wel mee op," zegt Charles Scheiner van de ngo La'o Hamutuk. "Alles wordt geïmporteerd. Zelfs de eieren en de kippen."

Volgens Scheiner heeft de Timorese overheid te weinig aandacht voor het probleem. "Ze geven heel veel uit aan infrastructuur. De regering heeft het idee dat als je maar veel wegen en vliegvelden bouwt, de welvaart vanzelf komt. Ze zouden veel meer aandacht moeten besteden aan de ontwikkeling van de landbouw en het onderwijs, want daar moet Timor-Leste het in de toekomst van hebben."

De plaatsvervangend-vertegenwoordiger van de Verenigde Naties in Timor-Leste, Finn Reske-Nielsen, oordeelt milder door erop te wijzen dat het land van nul af aan moest beginnen. "Toen ik hier in 1999 kwam was er niets. Het leek wel alsof er een atoombom was ontploft. Er was geen regering, geen overheid, geen scholen, rechtbanken, helemaal niets. Alles is in de afgelopen tien jaar opgebouwd. Natuurlijk is het nog niet perfect en zijn er nog grote problemen. Maar je kunt niet in tien jaar tijd een heel land opbouwen. Dat is een langetermijnproces."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden