Tijdgeest haalt emigranten in

Met z'n tienduizenden vertrokken ze in de tweede helft van de vorige eeuw uit een sterk verzuild Nederland. Vooral de gereformeerden onder de emigranten trokken in hun nieuwe vaderland wederom een zuil op. Agnes Amelink zocht uit hoe het hen verging en wat hun nakomelingen met dit erfgoed doen. Aflevering 4: Groei en krimp van de Christian Reformed Church.

Agnes Amelink

Neal Peters -1928, Haarlemmermeer- doet in 'heimweeproducten'. Drop, pepermunt, hagelslag, stroopwafels: het soort dingen waar Nederlanders in den vreemde naar kunnen smachten. Alleen zijn de klanten die elke week hun portie kaas en vermicelli bij hem kwamen inslaan langzamerhand aan het uitsterven. Peters' zonen hebben de Hollandse winkel aan de rand van Grand Rapids nu omgeturnd tot een speciaalzaak met delicatessen uit alle windstreken. In de Gourmet Market volop olijven, maar geen grauwe erwten meer.

De Nederlanders in West-Michigan hebben lang vastgehouden aan de eetgewoontes uit hun oude vaderland, maar inmiddels is er de klad in gekomen. Ook de belangstelling voor hun folklore neemt af. De busladingen bejaarden die vroeger op het tulpenfestival in Holland afkwamen, gaan tegenwoordig liever naar de casino's.

Dat de door Nederlanders gestichte Christian Reformed Church in Noord-Amerika eveneens worstelt met haar identiteit hangt met deze ontwikkelingen samen. Naarmate de band met het oorspronkelijke moederland slapper wordt, verliest de kerk betekenis als samenbindende factor.

Overigens is daar aan de buitenkant nog niet veel van te zien. De kerkdiensten zijn goed bezet, er zijn bloeiende jeugdverenigingen, de 16de-eeuwse belijdenisgeschriften zijn in hoge ere en er komen nog steeds studenten naar het seminarie om tot predikant te worden opgeleid. En daar worden moderne gereformeerde theologen uit Nederland -Kuitert, Den Heyer- met schelle lach weggehoond.

Maar de cijfers spreken andere taal. Een emeritus predikant uit Grand Rapids heeft ze behulpzaam op een rijtje gezet voor de Nederlandse bezoeker. De Christian Reformed Church in North America trok de afgelopen veertig jaar ruim 92000 gelovigen uit andere denominaties, maar verloor in dezelfde periode ruim 163000 leden aan andere christelijke kerken. Er traden 80000 bekeerlingen toe, maar bijna 70000 mensen zegden hun lidmaatschap op. Terwijl de CRC door de jaren heen stelselmatig groeide -met een extra toevloed in de jaren na de oorlog, de hoogtijdagen van de emigratie- is die trend sinds 1993 doorbroken. In 1992 bereikte het ledental met 316415 een hoogtepunt, tien jaar later telt de CRC 278798 zielen.

Lange tijd klopte het gangbare beeld dat de gereformeerden in Canada en de Verenigde Staten het geloof der vaderen veel meer trouw waren dan hun geloofsgenoten in Nederland. Emigranten hebben nu eenmaal de neiging tot behoudzucht. De laatste golf landverhuizers vertrok in de jaren vijftig toen de gereformeerde zuil nog volop intact was en bleven die zuil trouw toen zij in Nederland in snel tempo afbrokkelde.

Inmiddels heeft de tijdgeest echter ook vat gekregen op de CRC. Canada en zelfs de Verenigde Staten blijken net zomin als Nederland immuun voor de secularisatie. De traditionele leefwijze -de vanzelfsprekendheid van christelijk onderwijs, zondagsrust, kerktrouw, huwen in eigen kring- staat onder druk. Daarmee samen gaat een krachtige roep om modernere vormgeving van de gereformeerde erediensten.

De gelikte uitzendingen van de megakerken en de aantrekkingskracht van losse evangelische groepen hebben hun uitwerking op de CRC niet gemist. Interessant detail: Willow-Creek-voorman Bill Hybels is afkomstig uit de CRC van Chicago. Traditionele psalmen en gezangen moeten steeds vaker concurreren met lofliederen die gemakkelijker in het gehoor liggen en geen CRC doet het tegenwoordig nog zonder vleugel. De vraag of kerkdiensten ook entertainment mogen bieden leidt tot heuse wars on worship. Critici van de ontwikkelingen menen dat geloofsverkondiging zo een kwestie van uitgekiende marketing wordt -en dus van geld. Zoals Neal Peters zegt: ,,Als ik nog eens een handel moest beginnen, dan begon ik ook een kerkje. Als je een beetje handig kan praten -en dat kan ik wel- heb je zo een paar honderd mensen bij elkaar en maak je per jaar al gauw een paar honderdduizend dollar.'' Voorstanders menen dat het er vooral om gaat dat je mensen bereikt met het Evangelie. ,,Het Woord moet verkondigd worden en daarvoor moet je zien dat je de mensen binnenkrijgt. Als dat met een toppreker en topmusici is, dan is daar niets op tegen.''

Kan de roep om eigentijdse vormgeving van de erediensten nog worden afgedaan als een kwestie van smaak, met de mogelijkheid tot compromis, moeilijker ligt dat met ethische en leerstellige kwesties die de kerk in toenemende mate verdelen. Tegenover de behoudende vleugel die ongehuwd samenwonen, openstelling van de ambten voor vrouwen, acceptatie van praktiserende homoseksuelen afwijst, staat een grote groep die van de CRC ook op dit punt aanpassing aan de moderne tijd verlangt. Deze tegenstelling is tot een voorlopige uitbarsting gekomen in 1995, toen de synode van de CRC besloot dat ook vrouwen predikant kunnen worden. Er kwam een scheuring, met een nieuwe kerk op de rechterflank tot gevolg: de United Reformed Church. Bij deze denominatie zijn inmiddels ongeveer 90 gemeentes aangesloten die samen goed zijn voor 20000 leden.

Dat de gemoederen daarmee nog niet bedaard zijn bleek dit voorjaar toen de First Christian Reformed Church van Toronto besloot de ambten van ouderling en diaken in principe open te stellen voor in liefde en trouw samenlevende homo's. Opnieuw dreigden CRC-kerken met afhaken. De aanwezigheid van een alternatief op de rechterflank maakte die dreiging alleen maar reëler. Onder druk van de classis draaide Toronto deels bij, maar dat de kwestie zich opnieuw zal aandienen, staat wel vast. Daarvoor hoef je de campuskrant van Calvin College maar te lezen.

Tot de ernstig verontrusten behoort professor Robert Swierenga, die naam heeft gemaakt met de geschiedschrijving van de Nederlanders in Amerika. In zijn wijkkerk, de Pillar Church in Holland -de oudste Nederlandse kerk in Michigan, in 1847 gesticht door pionier A.C. van Raalte- zijn nog geen vrouwen in het ambt, maar als dat zou gebeuren, gaat Swierenga een paar deuren verder. ,,Ik zou voor mijn geweten niet kunnen verantwoorden dat ik samen met een vrouwelijke ambtsdrager Avondmaal zou moeten vieren.'' Als de CRC praktiserende homo's tot de ambten zou toelaten -of Toronto hierin ongemoeid zou laten- zou de historicus zelfs helemaal afhaken.

Swierenga is over de hele linie verschrikkelijk pessimistisch over zijn kerk. Hij wijst daarbij met een beschuldigende vinger in de richting van de neocalvinistische aartsvader Abraham Kuyper. Diens boodschap van een calvinisme 'in rapport met de tijd', zal de gereformeerde kerk uiteindelijk de das om doen zoals dat ook in Nederland gebeurd is, meent Swierenga. Wie de muren om de kerk weghaalt en de cultuur binnenhaalt, roept die ontwikkeling over zichzelf af. ,,Kijk maar naar het voorbeeld van de mennonieten en de amish. De mennonieten hebben de moderne tijd enigszins in hun leefwijze toegelaten, de amish niet. Ik weet wel wie het langst zullen standhouden.''

In zijn verwijzing naar uitgerekend Abraham Kuyper als bron van veel onheil staat Swierenga bepaald niet alleen. Swierenga is een nazaat van Groningers die zich al in de 19de eeuw in en rond Chicago vestigden. Die vroege immigranten waren vrome afgescheidenen, met een neiging tot wereldmijding. Veel nazaten van deze 'oude Hollanders' menen dat de Kuyperianen -vooral via de immigratiestroom van na de Tweede Wereldoorlog- een verkeerd soort activisme hebben geïmporteerd. Hier openbaart zich ook een venijnige tegenstelling tussen de 'conservatieve' Verenigde Staten en het 'progressieve', meer op Europa gerichte Canada. Met hun doenerigheid zouden de Kuyperianen/Canadezen bezig zijn de piëtistische geest van de Afscheiding te smoren. Het ultieme schrikbeeld daarbij is dat de CRC uiteindelijk dezelfde weg zal opgaan als de Gereformeerde Kerken in Nederland.

Hoewel er parallellen zijn, zoals de secularisatie en het afnemende kerkbesef, lijkt de vrees voor vrijzinnigheid vooralsnog overdreven. Zowel via het onderwijs als in de theologie werkt de CRC vooral samen met evangelicale kerken en groepen, die er meestal uitgesproken rechtzinnige opvattingen op na houden. Bij jongeren is veel enthousiasme voor Jezus en voor missionaire hulpverleningsprojecten. De predikantenopleiding van Calvin College oriënteert zich wat Nederland betreft nadrukkelijk op Apeldoorn (christelijk gereformeerd) en Kampen (vrijgemaakt) en verder op hervormde en gereformeerde theologen uit de confessionele hoek.

Voorzover de vergelijking met Nederland opgaat, lijkt de positie van de CRC het meest op die van de vrijgemaakte kerken. Het isolement is opgeheven en de vraag is: wat nu?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden