Reportage

'Tiel is net Polen, maar dan beter'

Het Gustaaf-Adolfhuis is een van de 'Polenhuizen' in Tiel. Beeld Merlin Daleman

Het Betuwse Tiel wil geen nieuwe arbeidsmigranten uit Oost-Europa meer huisvesten. Terwijl het hun daar juist prima bevalt. 'Great city, good coffeeshop.'

Voor supermarkt Polo Smak staat Krzysztof August (37), en achter hem een schap vol neonkleurige Poolse energiedrankjes en grote blikken bier. Niets voor Krzysztof, hij heeft een grote gezonde fles met aardbeienshake in zijn hand en legt in gebrekkig Engels uit dat hij naar de sportschool gaat. Hij loopt langs het standbeeld van Tiels Flipje door het centrum van de stad. Daar woont hij nu twee jaar. "It's like Poland, but better."

Toegegeven, toen hij hier aankwam heeft hij wat afgeblowd, maar nu heeft hij zijn leven gebeterd. Na een 'rotbaantje' in een slachthuis werkt hij sinds kort voor elf euro per uur in een staalbedrijf in Nijmegen. Samen met zijn Poolse huisgenoot, waarmee hij twee kamers met een keuken en een woonkamer huurt. Zijn onder- en bovenburen komen uit Duitsland en Slowakije.

Hij schaamt zich soms voor zijn landgenoten die de hele dag drinken en blowen en vaak voor dat laatste naar tolerant Nederland zijn verhuisd. Hij lijkt dan ook tevreden met zijn lange lichaam en baard: die verklappen niet meteen zijn Poolse roots. Terug wil hij niet. "Misschien voor een vakantie." Maar hij verdient hier veel beter: "Ik kan nu voor mezelf zorgen, ik eet goed en als ik in de supermarkt ben, hoef ik niets meer terug te leggen omdat ik geen geld heb."

Seizoenswerk

Tiel heeft deze week bekendgemaakt dat de gemeente de huisvesting van Oost-Europese arbeidskrachten in de toekomst wil begrenzen. Om meldingen van overlast te voorkomen. En dat terwijl er juist nu een tekort is aan geschikte woonplekken voor deze arbeiders.

Tiel is in trek: de regio leent zich voor populair seizoenswerk in de fruitteelt en de kassen, maar ook een tekort aan mensen in de bouw en de logistiek in de omgeving maken de gemeente interessant. Daarom kopen werkgevers er al lange tijd goedkope huizen op om Poolse of Roemeense arbeiders te huisvesten. Inmiddels wonen er in Tiel zo'n drie- à vierduizend Oost-Europeanen, zo'n tien procent van alle inwoners van de gemeente. Maar uit angst voor grotere concentraties, overlast en te veel 'Polenhuizen' in de straat, worden die woonplekken nu aan banden gelegd.

Gustaaf-Adolf is zo'n Polenhuis. Het is een groot pand aan de Konijnenwal dat lijkt op een oud schoolgebouw. De rest van de straat vormt een bonte mix van monumentale arbeidershuisjes, directeurswoningen en chique kavelpanden. Het is er rustig, op de auto's en busjes van uitzendbureau Europeplus na. Die rijden af en aan en verdwijnen dan achter het gebouw: de verblijfplaats van zeker vijftig Oost-Europese arbeiders.

Er recht tegenover loopt Rob Zantinge (59), een keurige man met laptoptas. Hij vist zijn sleutels uit zijn zak en wil de poort van zijn tuinhek openen. Hij bedenkt zich, haalt zijn hand van de klink en zegt: "Ik vind het onzin, die mensen hier tegenover doen niemand kwaad", hij wijst naar het pand en indirect naar zijn vijftig overburen. Eén keer heeft hij het meegemaakt dat ze tot 05.00 uur buiten stonden te kletsen. "Ik vroeg of het zachter kon en ze zeiden meteen: 'Oh, sorry!'"

Poolse discotheek

De mannen, voornamelijk afkomstig uit Polen, wonen er prima, zeggen ze. Ze hebben doordeweeks hun werk en in het weekend is de Poolse discotheek op loopafstand.

Hun overbuurman maakt zich zorgen over de omstandigheden waarin de Poolse arbeiders leven. "Ik heb op Google Maps opgezocht hoe het er binnen uitziet, van die ijzeren bedjes, dicht op elkaar, daar word je niet vrolijk van. En de meesten hebben geen of half doorzichtige gordijnen", hij wijst naar een raam waar een rode handdoek voor hangt en zucht.

Het is de handdoek voor de kamer van de 24-jarige Krzysztof Jan en zijn huisgenoot Adrian Pawet (22). Ze slapen met z'n vieren in de kamer. Krzysztof mompelt een onverstaanbaar antwoord op de vraag waarom hij daar geen pottenkijkers wil en vervolgt: "great city, nice beer, good coffeeshop", hij lacht en zegt dan snel: "but I don't smoke!" Zijn werk? "Making the walls."

Beide jongens verdwijnen met hun capuchon over hun hoofd, naar de plek waar de auto's en busjes in en uit rijden. Ze gaan eten en dan slapen, want morgen moeten ze weer vroeg op.

Een rem op Oost-Europese arbeiders is riskant, schreef verslaggever Joost van Velzen deze week. In sommige streken zijn grote bedrijven van hen afhankelijk. 'Zonder Polen zou de economie volledig onderuit gaan'.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden