Thugwane, historisch zwart goud

ATLANTA - Niets wijst nog op de onstuitbaarheid van een buffel, waarmee hij zoëven de straten van down town Atlanta heeft doorkruist. Geen spoor van euforie, nadat hij Zuid-Afrika na een slopende reis historisch zwart goud heeft gebracht.

Josia Thugwane strompelt, op zijn weg naar de media. Deze kleine, lichte atleet heeft al zijn vuur in de Olympische marathon gelegd. Naar buiten is hij weer de zacht sprekende, bescheiden Zuid-Afrikaan; innerlijk moet hij schreeuwen en zich machtig en verheven voelen. Marathonlopers zijn geen bluffers, het zijn geen mensen die als een bandrecorder loze teksten uitkramen, zoals de explosieve Amerikaanse sprinters plegen te doen. Thugwane wilde slechts spreken met een resultaat, hoe blanco haast zijn status is op de marathon. Via zijn tolk verklaart hij na dertig kilometer de overtuiging te hebben gekregen dat hij ging winnen. Hij had zijn twee medevluchters geobserveerd en gezien hoe onregelmatig zij liepen, terwijl hij zelf de ontspanning zelve was. Niets kon hem verrassen. Niet dat sterk stijgende en dalende wegdek, in zijn thuisland trainde hij onder veel moeilijker omstandigheden. En niet het weer, dat in tegenstelling tot alle angstaanjagende verhalen 's morgens vroeg ongewoon koel en winderig was.

De olympische marathon, het is een van de weinige wedstrijden op internationale kampioenschappen waar atleten nog opofferingen voor willen doen. Op EK's en WK's laten de toppers het in toenemende mate afweten omdat ze nu eenmaal met resultaten in de voor- en najaarsmarathons hun inkomsten moeten vergaren. Een van de uitzonderingen is de Spanjaard Martin Fiz, die van zijn bond een riant salaris krijgt en in ruil daarvoor de eer van zijn land dient te verdedigen. Europees en wereldkampioen werd hij, maar in Atlanta kwam zijn aanval te laat om op het erepodium plaats te kunnen nemen. Thugwane had samen met de Koreaan Bong-Ju Lee (zilver) en de Keniaan Eric Wainaina (brons) op dertig kilometer een beslissende aanval geplaatst en het tempo moordend hoog gehouden.

Hier liepen drie relatief onbekenden, met achter hen grootheden als Fiz, Nerurkar, Silva, Moneghetti, Paredes, Pinto, Ceron en nog veel verder naar achteren de nummer drie van de WK in 1993, Bert van Vlaanderen. De Nederlander die lang met blessures kampte en in Atlanta slechts wilde starten als hij een rol van betekenis zou kunnen spelen, eindigde als 45ste in 2.20.48, ruim acht minuten achter de winnaar. Van Vlaanderen had zich geheel verkeken op de heuvelachtigheid van het parkoers, dat een geweldige aanslag bleek te zijn op de bovenbenen die na de lange periode van inactiviteit kracht ontbeerden. Vijftien kilometer lang kon hij het trage aanvangstempo volgen, daarna moest de nummer vijftien van Barcelona zich neerleggen bij zijn ondergeschikte rol, en maakte hij de afstand vol alsof het een lange trainingsloop was.

Wie was Thugwane, die steeds verder wegliep van de Nederlander? In 1995 won hij de hete marathon van Honolulu, dit jaar werd hij in Kaapstad Zuid-Afrikaans kampioen, zowaar geen geringe prestatie. Want al voor Zuid-Afrika bevrijd werd van de 32 jaar oude boycot-boeien, was het duidelijk dat het land beschikte over een breed contingent hoogstaande marathonlopers.

Josia Thugwane stond in de schaduw van Mark Plaatjes en Willi Mtolo, maar ook bij David Tsebe en de blanke Gert Thys (gisteren 33ste). Thugwane is net zoals de in Atlanta afwezige Tsebe werknemer in een mijn. De enorme goud, platina en diamantdelvers in het land hebben duizenden zwarte autochtonen in dienst, die leven in barakken van het bedrijf. Om hen voor het zware werk gemotiveerd en vooral productief te houden, wordt veel geld geïnvesteerd in sportfaciliteiten en krijgen de uitblinkers privileges. De beste lopers worden zelfs ingehuurd als een statussymbool van het mijnbedrijf. Zij behoeven niet ondergronds te werken, zo wordt Thugwane slechts belast als bewaker bij het mijncomplex. En krijgt hij alle vrijheid om zijn looptalent te ontwikkelen. De 1.58 meter kleine, 45 kilogram lichte atleet werkt in Witbank, op 42 kilometer afstand van Bethel, waar zijn familie woont. Omdat hij een auto ter beschikking heeft, kan hij dagelijks naar huis. “Behalve als het werk en de voorbereiding op een marathon te veel vergt, dan bezoek ik mijn familie slechts in de weekeinden.”

Een ernstig incident dreigde in maart de aspiraties van Thugwane te doorkruisen. Tijdens een rit stopte hij voor een lifter, waarna drie mannen hem onder bedreiging met een revolver dwongen zijn auto en sleutels af te geven. Thugwane raakte gewond toen hij uit de rijdende auto sprong en er op hem werd geschoten. “Sinds die tijd heb ik lichamelijke problemen. Ik heb een litteken op mijn kin en last van mijn rug. Ik dacht aanvankelijk nooit meer te kunnen lopen. Maar mijn werkgevers hebben me alle steun gegeven en mijn behandeling betaald.”

Thugwane is zich terdege bewust van de historische betekenis van zijn triomf, die hij opdroeg aan zijn land en aan president Willie Mandela. En hij dankte zijn vriend, die hem van de zinloosheid van voetbal spelen overtuigde. “In voetbal groot worden is moeilijk, omdat iedereen in Zuid-Afrika het speelt. Een vriend vroeg waarom ik niet met hem ging lopen. Als junior won ik meteen mijn eerste wedstrijd over vijftien kilometer. Nu zijn de problemen van ons land voorbij. We zijn vrij te lopen waar we willen, wij maken nu als een natie deel uit van de internationale gemeenschap.” Waarbij de overwinning van deze zelfbewuste olympisch kampioen moet bijdragen aan de verbetering van de sportfaciliteiten in de zwarte townships. Want dat proces verloopt velen nog te traag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden