theater

26/3 Nijmegen, 27 Roosendaal, 28 en 29 Amsterdam. Tournee tot 24 mei.

Plaats van handeling is het huis van de heer De Virelade, gepensioneerd officier die daar met zijn twee dochters woont. Het is een zeer gesloten huis van de Franse katholieke bourgeoisie. Versweyveld heeft voor de familie een hoge, wat rondlopende wand over de volle breedte van het toneel gemaakt die bestaat uit tientallen Perzische tapijten. Ook de vloer is een zee van stoffige tapijten, die het toch al meest hoestgrage publiek van Nederland aanzette tot een snerpend doorrochelde voorstelling. Het herinnerde mij aan de woedende opmerking van een recensente van deze krant zo'n jaar of tien geleden, dat het leek alsof enkele busladingen TBC-lijders bij de Eindhovense Schouwburg waren afgezet.

Het in dieprode tinten oplichtende decor werkt dan ook benauwend op je luchtwegen. Hoewel iedereen vrij lijkt te zijn te gaan en staan waar hij of zij wil, is huize De Virelade een nest van addergebroed, een beeld dat Mauriac gebruikte voor de titel van een van zijn bekendste romans. Personages komen op of verdwijnen via onverwachte openingen: een spiegelkast, een smalle opening tussen twee tapijten. Buurjongen Alain, de geliefde van de al bijna dertigjarige Elisabeth, die evenwel zal trouwen met de tien jaar jongere Marianne, komt de eerste keer zelfs van onder de tapijtenwand gekropen.

Mauriac (1885-1970) was een deftig lid van de Académie Française en winnaar van de Nobelprijs. Dat neemt niet weg dat 'De Onbeminden' een stomvervelend stuk is, een paar uur gewauwel van drie familieleden die elkaar en de onnozele hals Alain in de tang nemen van hun hypocriete egoïsme. Er zit in deze ongenietbare tekst geen moment van ontroering, van een doorbrekend inzicht of van enige diepzinnigheid. Alle gepassioneerdheid is, vergeleken met de echte meesters van het genre, Ibsen, Strindberg of Tsjechov, even verschraald als de sigarenrook van de heer De Virelade.

Wat regisseur Van Hove bezield heeft dit lijk uit de kast te halen, weet ik niet. Het zal toch niet zijn aanstaande directie van het Holland Festival zijn, want dan komen we pas echt goed van de regen in de drup. Zijn geforceerde mise-en-scène, vooral die van een langzamerhand onuitstaanbare Camilla Siegertsz als Marianne (ook van haar stem word ik trouwens langzamerhand allergisch) is pover: is Van Hove nu al opgebrand?

De overige acteurs zijn Hans Croiset als De Virelade, onveranderlijk licht onder invloed, gemeen en weerzinwekkend, een met scherpe details getekend personage zoals dat, denk ik, Mauriac voor ogen heeft gestaan; Chris Nietvelt als Elisabeth, een charmante, maar vooral katholiek-dienstbare jonge vrouw uit de zelfingenomen bourgeoisie, met de hysterie altijd op de loer; en Rob Das als Alain. Hij bleef voor mij een onbeschreven blad, volkomen oninteressant. Maar dat kan net zo goed aan Mauriac als aan Das liggen. In de eerste twee scènes treedt nog zijn zusje Rose op (Yvonne Wiewel). Maar de schrijver heeft werkelijk niets met haar gedaan: hij introduceert haar uit luiheid eventjes om het plot wat sneller uit de doeken te doen. Daarna kiepert hij haar gewoon weg. Het minste wat je van een moderne dramaturg (Bert van den Eynde) dan mag verwachten is dat hij haar, al is het maar uit respect voor de actrice die zo'n rol moet vervullen, uit het stuk schrijft.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden