theater

Nog in Haarlem (Gasfabriek) van 8 t/m 26 nov.

De Haagse (anti-)componist en (muziek)theatermaker Dick Raaijmakers vertrouwde mij dit in september toe, op een moment voorafgaand aan de uitreiking van de Ouborgprijs. Het thema 'vallen' verwerkte Raaijmakers de afgelopen jaren in geruchtmakende produkties als 'Der Fall/Depons' en 'De Val van Mussolini'. Met enige schroom moest hij echter toegeven dat zijn nieuwe produktie 'Hermans' hand - een pro memoriam' opnieuw het thema 'vallen' tot onderwerp zou hebben.

Hoe Raaijmakers ditmaal het 'vallen' benadert, was kort geleden te zien in het Haagse Theater aan het Spui, waar Theatergroep Hollandia 'Hermans' hand' bracht als onderdeel van zowel het Holland Dance Festival als van het Festival in de branding.

'Hermans' hand' is opgezet rond een enkele beweging van de onlangs overleden schrijver W. F. Hermans. In drie aktes, 'Hermans loopt', 'Hermans zit' en 'Hermans bukt', wordt vertelt hoe de beroemde schrijver een keer op een rommelmarkt in Brussel zijn hand blesseerde, toen hij zich over een antieke schrijfmachine boog.

Onbedoeld Raaijmakers obsessie voor 'vallen' heeft alles te maken met die voor 'falen' en 'mislukken'. Het duidelijkste en mooiste voorbeeld hiervan zit in de tweede akte, 'Hermans zit', wanneer zelfs Raaijmakers er aan moet geloven en het echt even onbedoeld mis gaat. Tot nog toe heeft Raaijmakers het 'falen' en 'mislukken' tot in de fijnste details ontleed en gereproduceerd. Maar in het middendeel van deze akte gaat het mis zodra de spelers - Hans Dagelet als de schrijver en Dennis Rudge als diens begeleider - even het contact kwijtraken.

In deze akte wordt een deel uit een vraaggesprek dat Hermans in 1987 had voor de BRT-televisie naar aanleiding van zijn nieuwe boek 'Een heilige van de horlogerie' verbluffend getrouw geplaybackt door Dagelet en Rudge. Even voor het interview had Hermans zijn hand gebroken. De interviewer stelt dat dat gebeurde op de rommelmarkt, volgens de schrijver kwam het door een val in de metro. In het gesprek spreekt Hermans over de diepere zin van het verrichten van eenvoudige, nutteloze arbeid.

Schoksgewijs Op zeker moment bevriest het tafereel en gaat het gesprek zonder geluid verder, schoksgewijs als in een beeld voor beeld vertoonde film. Dat gebeurt synchroon. Maar zodra de sprekers elkaar uit het oog verliezen, lopen de bewegingen langzaam uiteen. Zodra ze elkaar weer zien, corrigeren ze snel hun synchroniteit.

Speelt het grootste deel van 'Hermans zit' zich af in 'real-time', in de eerste en derde akte wordt de handeling vertraagd als een in slow motion getoonde film. In de eerste akte lopen Hermans en zijn begeleider in de regen. Af en toe scheurt er een auto voorbij die ze onder spat. Hun bewegingen, hun gebaren en grimassen ogen natuurgetrouw, hoewel ze niks zeggen en niet van hun plek afkomen. Na voor de derde keer te zijn nat gespat, begint de tweede akte.

De eigenlijke val wordt uitgebeeld in de derde akte. Tergend langzaam reikt Hermans, hangend in een beugel van een stoommachine, naar de uitgestalde schrijfmachine. Als hij er net bij kan, blesseert hij zijn hand. Onderwijl danst op een achter op het toneel opgestelde stellage Jaap Flier. Van onderen is hij gekleed als danser met een schattig roze balletrokje, van boven oogt hij als een tweede W. F. Hermans, grijs haar en een bril incluis, maar dan met vleugels. Is hij Hermans' beschermengel? Het is een onduidelijke en enigszins afleidende rol, die regisseur Paul Koek beter weg had kunnen laten. Maar had hij dat gedaan, dan had het spektakel geen deel kunnen uitmaken van het Holland Dance Festival en was het wellicht niet eens gerealiseerd. En dat zou eeuwig zonde geweest zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden