theater

T/m 19/6 in de Bourlaschouwburg in Antwerpen om 19.30 uur. Vanaf 4/9 tournee door Nederland en Vlaanderen.

HANS ORANJE

Dat de 'Hamlet' over niets anders dan over de dood gaat, heeft decor- en lichtontwerper Jan Versweyveld, scherp gezien. Voor op het toneel, tussen het publiek en de speelvloer, heeft hij een afbakening gemaakt van glazen kistjes met schedels die ons toegrijnzen.

Ontroerend

Het decor voor de 'Hamlet' van Versweyveld is verder het meest ingenieuze, en tegelijkertijd het meest ontroerende en tot de verbeelding sprekende decor dat ik dit seizoen heb gezien. Bij de opening van het stuk - Marcellus (Laus Steenbeeke), Bernardo (Fons Merkies) en Horatio (Peter Van den Eede) op de transen van Elseneur - zien we een vrij plompe, rechthoekige toren waarin een trap naar boven voert. Tijdens de voorstelling splijt de toren zich in vier afzonderlijke zuilen waartussen de vele scenes - in stralende koningszaal of sombere doodsvallei - magnifiek belicht worden.

Het verbijsterendste moment in dit decor is de begrafenis van Ophelia. Koning Claudius, zijn gemalin Gertrude, Laertes en de priester staan op een deel van de toren; de dode Ophelia wordt aan een kabel neergelaten op de speelvloer, waar Hamlet en de doodgravers de begrafenis gadeslaan. Dit is zo knap theatraal weergegeven: je ziet als het ware 'uit haar schoon en smetteloos lichaam de viooltjes spruiten'.

En wat het stuk betreft: de 'Hamlet' is al lang de speeltuin van theatermakers, en ik heb absoluut geen zin dwars te gaan liggen over Van Hoves tijdrovende (vier uur) interpretatie. Daarin is Bart Slegers een zeer gevoelig jonkie (in de eerste scene is hij in een bloem verdiept), die door de verschijning van de geest van zijn vader (Adrian Brine) ruw tot volwassenheid wordt gewekt. De incestueuze relatie met zijn moeder (Viviane de Muynck), de twijfels over zijn seksuele geaardheid en de heftige haat-liefdeverhouding met zijn oom en stiefvader Claudius (Willem Nijholt) worden in schrille kleuren op het doek gezet.

Bijtende wijsheden

Toch is de Hamlet-personage van Slegers de figuur die de voorstelling draagt. Zijn puberale grappen, zijn slim gespeelde waanzin en zijn bijtende wijsheden worden door de acteur alle recht gedaan. Dat hij daarbij naar mijn gevoel de dood wat al te huilerig in de armen loopt, of, driftig zijn zwaard met twee handen beetpakkend, zijn onmacht in een woede-aanval demonstreert, is hem te vergeven. Slegers blijft je vasthouden.

Dat gold heel wat minder voor de andere figuren, al heeft Van Hove een aantal grote namen voor deze voorstelling bijeengecontracteerd. De Polonius van Henk van Ulsen vond ik een gluiperd, de innerlijke strijd van Claudius bij Nijholt intens onwaarachtig; en ik miste elke tederheid in de Laertes van Erik de Visser. Ik zag bij Loes Wouterson als Ophelia niet de dromerigheid die zij zo prachtig had in 'Bij nader inzien' van Frans Weisz, en Raphael Troch en Rene Eljon als Rosencrantz en Guildenstern waren saai.

Verontrustend

De Gertrude van De Muynck als licht ontvlambare moeder en echtgenote is geruststellend en verontrustend tegelijk. Het is wel jammer dat Tessa Lute haar zo buitengewoon onflatteus heeft aangekleed in een oranje jurk die om haar heen zat gegoten als het vel van een zeemeermin, maar haar het wat vreemde uiterlijk van een zeehondje gaf. Ook het rode trainingspak voor de koning leek me een verschrikkelijke misser. De broeken met stoere riem en coltruien van de hovelingen waren weer heel modieus, en Van Ulsen draagt een mooi blauw pak waarvan hij de bretels laat zakken, als hij thuis is. Ophelia moet voor prins Hamlet ingewikkelde bewegingen maken om haar blote benen onder haar rok te laten zien: wat kunnen regisseurs toch maffe dingen bedenken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden