theater

Theater a/d Rijn Arnhem t/m 25-1; tournee t/m 5-4 met (korte) series in Utrecht 30+31-1, Amsterdam 4/15-2 (beh.zo.), Groningen 28-2+1-3, Den Haag 3/5-4.

Het toneelbeeld van Catharina Scholten roept niet meteen associaties op met het rauwe drama dat destijds, dertig jaar geleden, shockeerde omdat niemand er een blad voor de mond nam. Met de voortdurend af- en aanzeilende silhouetten van meeuwen op de achtergrond is de ambiance zelfs een tikkeltje romantiserend.

Ook de eerste dialogen zijn eerder zachtaardig pesterig dan een onbarmhartig treiterende provocatie. Die toon verandert als de oudste zoon des huizes na zes jaar afwezigheid zijn opwachting komt maken om zijn vrouw voor te stellen.

'Een slet onder mijn dak!' scheldt vader Max prompt zonder acht te slaan op Teddy's tegenwerping: 'Wij zijn getrouwd.' Met dat soort fatsoensnormen wordt in deze familie niet gerekend. Het gaat om de houding, of iemand werkelijk een van de hunnen is. Langzaam maar zeker wordt duidelijk dat Teddy niet alleen van zijn milieu vervreemd is, maar er niet meer mee vereenzelvigd wil worden, zich er zelfs boven denkt te kunnen stellen.

Daarmee geeft hij de voornaamste aanzet tot de verwijdering met zijn vrouw Ruth, die in de grofheid van de familie een directheid en authenticiteit herkent die haaks staat op de nette burgerlijkheid van het Amerikaanse universiteitswereldje, waar zij met Teddy leefde.

Ritueel

In Van den Bergs regie wordt het vulgaire woordgeweld aangewend als een ritueel dat, wanneer iemand dat spel niet wil of kan meespelen, kan uitgroeien tot een gevaarlijk steekspel. Ruth speelt het zo goed mee dat de mannen, wanneer zij zich als een madonna-hoer in het gezin heeft laten inlijven, het zekere vermoeden krijgen dat zij hun meerdere weleens kon zijn. De filosofische redelijkheid van Teddy kan daar niet tegenop en hij vertrekt alleen.

Over de voorstelling hangt een sluier van lichte ironie, die de puntige dialogen recht doet en de onderlinge spanningen mooi gedoseerd prijsgeeft. De wat verbaasde argeloosheid van Loes Wouterson geeft Ruth een onaantastbaarheid, die intrigeert en verleidt. Het contrasteert effectief met de arrogante minzaamheid van Richard Gonlag als Teddy. Bart Klever zet daar een vader tegenover die het ene moment afstoot en dan weer vertedert met zijn grote bek, terwijl de andere spelers - Olaf Malmberg en Leo Janssen als de jongere broers, en Frans de Wit als de mogelijk homosexuele oom Sam -- zich goed voegen in het regieconcept.

Anders dan anders

Tot dusver vond ik Jeroen van den Bergs bemoeienis met repertoirestukken meestal tegenvallen. Het leek er meer op dat hij zich koste wat kost wilde profileren als een onafhankelijke geest. Hij zou alles wel eens even anders dan anders aanpakken, maar het werd niet duidelijk wat zijn fascinatie en persoonlijke relatie met zo'n stuk was. Het leek of hij noch het stuk, noch zichzelf als regisseur serieus nam. Dat was jammer omdat de voorstellingen van zijn zelfgeschreven stukken heel wat meer kwaliteiten toonden. Misschien omdat hij zich daar niet met voorbeelden hoefde te meten?

In 'De Thuiskomst' heeft hij het onnodig provocatieve afgelegd. Weliswaar heeft hij ook nu in de oorspronkelijke tekst geschrapt, maar niet ten gunste van een al te eigenzinnige bewerking met eigenhandige toevoegingen. Al te realistische (tekst)handelingen zijn weggehaald. Realisme is zoveel mogelijk uit de voorstelling gebannen. Het accent ligt op het verbale spel wat de onderliggende bedoelingen een andere, maar niet minder opwindende spanning verleent dan eertijds met de schokkende vulgariteit en onheilspellende stiltes werd bereikt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden