Theater zonder subsidie

Vandaag, op de 131ste geboortedag van koningin Wilhelmina (1880-1962) gaat de musical 'Soldaat van Oranje' opnieuw in première. Opnieuw, want wegens enorm succes is deze voorstelling verlengd. Anne-Wil Blankers (1940), die al in eerdere producties de rol van Wilhelmina vertolkte, speelt haar ook hier.

Anne-Wil Blankers: "Wilhelmina is mij extra dierbaar geworden toen ik haar ging spelen. Van vroeger herinner ik me haar oorlogstoespraken. Heel spannend, maar ik had geen echt beeld van haar. Voor mijn eerste rol als Wilhelmina, in 'Je Maintiendrai' in 1998, heb ik daarom veel fotoboeken bekeken. Wat opviel? Haar ogen, haar manier van kijken: een ontzettende ingetogenheid en toch dat heldhaftige rond die ogen. Ze wilde absoluut niet onderdoen voor al haar mannelijke voorgangers. Dat stoere vind ik wel aandoenlijk. En ze was enorm gecharmeerd van de moed van die jonge jongens, de Engelandvaarders, waar 'Soldaat van Oranje' over gaat. Ze voelde zich bijna één van hen.

"Mijn rollen van toen en nu liggen dichter bij elkaar dan die van de tv-serie 'Wilhelmina' uit 2001, daar was ze wat geciviliseerder, wat chiquer, ook qua kleding. In het theater is ze onzeker en flink tegelijkertijd. Manhaftig, zeg maar. Ze was geen pruilerig luxevrouwtje. Er viel met haar niet te spotten. Dan is het extra mooi om in de voorstelling ook haar onzekerheid te laten zien. Hoe ik die kwetsbaarheid speel? Oh, dat weet ik niet hoor, dat gaat vanzelf.... Nou ja, ik laat haar een beetje onhandig zijn. Wanneer ze Erik (Hazelhoff Roelfzema, de Soldaat van Oranje, BB) wil troosten nadat iemand is overleden, wil ze hem moederlijk omhelzen, maar dat kan natuurlijk niet, en dan laat ik haar twijfelen, en dan trekt ze zich toch weer terug. Ze hield van hem als van een zoon en ze vond het enig, zo'n gekke jonge hond die allemaal dingen deed die niet mogen. Zó leuk ook om dat te spelen. Dan zit ik als Wilhelmina tussen die jongens die roepen: 'We zullen ze mores leren, die klerelijers'; dat taalgebruik kent Wilhelmina niet, en dan herhaal ik die woorden, zogenaamd alsof ik het helemaal snap, dat vind ik enig om te doen."

Hoe lastig is het om een bekende persoon te spelen?
"Ik ben daar niet mee bezig, ik hoef geen imitatie te doen. Sommige mensen verwachten dat ik op haar lijk, maar ik heb een ander lijf en een andere stem. Bij toespraken had ze een soort nerveus overslaande stem, dat doe ik dan wel na, en ik draag een dikmaakpak. Mijn gezicht lijkt er wel een beetje op, en mijn onderkin, haha."

Had u er geen probleem mee om voor de derde keer Wilhelmina te spelen?
"Ik doe dit vooral omdat het zo fijn is om aan iets mee te werken waarvan iedereen roept hoe geweldig het is. Dat is dankbaar werken hoor! En het voordeel is dat ik al iets in mijn rugzak had. Ik was vooraf wel benieuwd of het nog ergens zou zitten: de manier van spreken en bewegen. En inderdaad, het zat er nog. Nieuw is nu dat sommige scènes uitmonden in een lied. Geweldig om te zingen, maar ook vreemd, omdat ik Wilhelmina tot nu toe alleen gespééld had. Ik doe veel zing-zeggend, parlando, om het geloofwaardig te houden. Maar dat doet iedereen hier: geen mooizingerij."

Net als destijds met de 'Engelandvaarders' werkt u nu met allemaal jongeren. Hoe bevalt dat?
"Ik kan hun grootmoeder zijn, maar we hebben het heerlijk. Ik doe ook overal aan mee. Dan zitten ze na de voorstelling allemaal buiten in het rookhok en dan ga ik daar gewoon bij zitten, ook al rook ik niet. Heel gezellig. Het houdt me bij de les, die jongelui, en ik hou van hun humor. Advies van mij hebben ze niet nodig, maar er is respect voor de jaren. Onderhuids, want het moet niet te plechtig worden hoor.'

Zeven jaar geleden zei u te stoppen met spelen, waarop u verhuisde naar Friesland. Kreeg u spijt?
"Ik dacht toen dat het wel langzaam afgelopen zou zijn. Maar toen kwam 'Cabaret', zó leuk, en toen bleven er leuke dingen komen. Wat ben ik onbetrouwbaar, hè? Toen zijn we terugverhuisd. Maar dat komt ook doordat we twee kleinzonen kregen, waar we nu vlakbij wonen. En ik doe maar één stuk per jaar hoor.'

Behalve dit jaar dan... want in het voorjaar speelde u het stuk 'Lente'.
Blankers lacht stiekem: "Zoals ik zei: onbetrouwbaar, hè."

En direct na 'Soldaat van Oranje' volgt 'Jaloezie', met Anneke Blok...
"Dat is zo'n mooi stuk! Wie weet is het daarna wel afgelopen. Ik doe gewoon alleen iets als het me zó aanspreekt dat ik het niet laten kan."

'Soldaat van Oranje' is een grote muziektheatervoorstelling, gemaakt zonder subsidie, maar met dank aan één investeerder, die geloofde in het idee van producent Fred Boot. Het idee: een musical over de Engelandvaarders, naar het boek van Erik Hazelhoff Roelfzema. Een hangaar op vliegbasis Valkenburg werd omgebouwd tot een theater waarin 1103 stoelen op een enorme draaischijf langs grootse decors draaien. De ontwikkelingskosten: bijna 9 miljoen, en met de eerste lopende kosten erbij werd het risicokapitaal 15 miljoen. Een jaar volle zalen zou vanaf de première op 30 oktober 2010 nodig zijn om uit de kosten te komen. Nu pas is zeker dat dat gehaald wordt.

Wat is het geheim van het succes? Producent Fred Boot: "Onder meer dat we gekozen hebben voor een toneelmatig script, een toneelregisseur (Theu Boermans) en toneelacteurs. Ik heb zo vaak van bezoekers gehoord: 'Ik haat musical, maar dít moet je meegemaakt hebben.' Het zit hem in de puurheid: van het verhaal, het decor tot zelfs de vormgeving van het restaurant, met ongebeitste houten planken."

Er zijn nu bijna 350.000 kaarten verkocht, vandaag is de 300ste voorstelling, en de productie is verlengd tot en met januari 2012. Wie wordt er nu rijk? Boot: "Het belangrijkste vind ik dat onze investeerder, Amerborgh, terugkrijgt wat hij geïnvesteerd heeft. Hij heeft een ongekend risico genomen. Daarnaast nemen we nu met de aandeelhouders beslissingen over de winstbestedingen, en uiteraard wordt dan een belangrijk deel in nieuwe projecten gestoken. Maar het blijft afwachten over welke bedragen we het gaan hebben. De kaarten tot en met januari zijn nog niet verkocht. Wie weet verlengen we nog verder en we denken voorzichtig aan het buitenland, maar we lopen niet te hard van stapel. We blijven bescheiden en vieren iedere mijlpaal. Dan schenken we veel bubbels en roepen dat we dit niet normaal moeten gaan vinden."

Het lijkt een goed voorbeeld van wat het kabinet met kunst wil: commerciële investeerders. Boot: "Zo makkelijk ligt het dus niet. Theatersubsidies zijn nodig voor gezelschappen die voorstellingen maken voor kleinere doelgroepen. Daar profiteren wij ook van. Om een groot publiek te bereiken, wilden wij niet over de grens van begrijpelijkheid gaan. Dat konden we alleen doordat anderen dat wél hebben gedaan, en we dus weten waar die grens ligt. En het is onmogelijk om veel meer investeerders te vinden, want theater maken kost veel tijd en dat hebben geldschieters meestal niet. Wij hebben dus veel mazzel gehad. De regering doet hier veel te makkelijk over."

Heldhaftig personage
met kwetsbare momenten

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden